Home

Israëlische leger belooft ook nu onderzoek na vondst hulpverleners in massagraf: ‘Zo houden ze de schijn op’

‘We gaan dit zelf onderzoeken’, stelt het Israëlische leger bij vele incidenten in de Gazastrook en op de Westelijke Jordaanoever, zoals de recente vondst van vijftien hulpverleners in een massagraf. Maar wat is zo’n onderzoek eigenlijk waard?

is buitenlandredacteur van de Volkskrant. Ze schrijft over Israël en de Palestijnse gebieden, het Midden-Oosten en België.

Als er vijftien hulpverleners in Gaza in een massagraf worden aangetroffen, komt één heel simpele vraag naar boven: wat is hier in vredesnaam gebeurd?Het Israëlische leger zegt hier ook graag een antwoord op te willen, en gaat de zaak zelf onderzoeken. De Nederlandse regering wil dit Israëlische onderzoek afwachten voor zij met een eventuele veroordeling komt.

Maar volgens Israëlische mensenrechtenorganisaties is de kans klein dat de waarheid zo boven water komt en de schuldigen worden gestraft. ‘Het leger probeert de eigen handen schoon te wassen’, zegt Dan Owen van de Israëlische ngo Yesh Din. ‘Ze willen onafhankelijk onderzoek vermijden en tijd rekken, totdat niemand het er meer over heeft.’

De vijftien hulpverleners werden bijna drie weken geleden aangevallen bij de stad Rafah en acht dagen later gevonden. Ze lagen samen met hun voertuigen begraven onder een dun laagje zand.

Israël stelde in eerste instantie dat het een ‘verdacht konvooi’ was dat zonder verlichting rondreed. Nadat The New York Times het filmpje had gepubliceerd dat op de telefoon van een van de slachtoffers was gevonden, waarop duidelijk te zien is dat de wagens goed herkenbaar waren als ambulances en gewoon hun lichten aan hadden, volgde een tweede versie: zes van de hulpverleners zouden eigenlijk strijders van Hamas zijn geweest, en dus een legitiem doelwit.

Vanuit de Israëlische samenleving komt zelden een reactie op misdaden die het leger mogelijk heeft gepleegd in Gaza, maar deze week vroegen 360 Israëlische zorgmedewerkers (van wie ongeveer de helft arts) in een brief om een onafhankelijk onderzoek naar het incident. ‘We zijn diep geschokt’, stond hierin. ‘Het vermoorden van hulpverleners en medisch personeel is een flagrante schending van het oorlogsrecht en in strijd met de menselijke moraal. Het is ondenkbaar dat zo’n ernstige gebeurtenis niet grondig wordt onderzocht door een onafhankelijke partij, waarna door de schuldigen verantwoording moet worden afgelegd.’

‘Slager keurt zijn eigen vlees’

‘Het is toch bizar als een slager zijn eigen vlees keurt’, zegt Owen. ‘Dat de organisatie die zelf akkoord gaat met grote aantallen burgerslachtoffers, moet onderzoeken of haar eigen mensen onterecht burgers hebben vermoord?’

‘Het onderzoek kan bovendien op veel momenten ondermijnd worden’, zegt Smadar Ben-Natan, een juridisch expert van de Universiteit van Oregon die is gespecialiseerd in Israël en Palestina. Het begint al met de vraag of er daadwerkelijk een onderzoek ingesteld moet worden. ‘Er zijn honderden zaken die een onderzoek rechtvaardigen en er bestaan vele klachten over incidenten in Gaza en op de Westelijke Jordaanoever, maar vaak wordt een zaak pas opgepakt als er veel internationale aandacht voor is.’

Bij het proces dat volgt, kun je veel kanttekeningen plaatsen. Er wordt vrijwel nooit ter plaatse forensisch onderzoek verricht, of pas in een heel laat stadium, als alle sporen zijn verdwenen. De betrokken soldaten worden wel ondervraagd, maar dat zijn verkennende gesprekken die niet gebruikt mogen worden als in een later stadium wordt besloten dat er daadwerkelijk een strafrechterlijk onderzoek moet worden gestart. ‘Slachtoffers worden zelden geïnterviewd’, vertelt Ben-Natan. ‘De Israëlische mensenrechtenorganisatie B’Tselem heeft jarenlang geprobeerd bewijsmateriaal te verzamelen en Palestijnse overlevenden een verklaring te laten afleggen, maar daar deed het leger zo weinig mee dat ze daar in 2017 mee zijn gestopt.’

Een volgend punt is dat de onderzoeken soms jarenlang kunnen duren. Een bewuste keuze, zegt Ben-Natan, omdat niemand er dan meer mee bezig is. Meestal luidt de conclusie dat een zaak niet voor de rechter hoeft te komen. Als dat wel zo is, worden soldaten die bijvoorbeeld een ongewapende Palestijnse burger hebben gedood niet aangeklaagd voor moord, maar voor een vergrijp als ‘wangedrag’, waarop veel lagere straffen staan. Yesh Din concludeerde in een rapport dat minder dan 1 procent van de honderden meldingen die er worden gedaan, leidt tot een veroordeling.’

Onterecht geofferd

Een bekend voorbeeld is de dood van Al Jazeera-correspondent Shireen Abu Akleh. Pas na aanhoudende druk vanuit de internationale gemeenschap werd er een onderzoek gestart, maar dat heeft niet geleid tot vervolging. ‘In het zeldzame geval dat de zaak wel voor de rechter komt, is het alleen de soldaat die verantwoording moet afleggen, maar nooit degenen die hoger op de ladder staan en de beslissingen nemen’, zegt Ben-Natan. ‘En dan zie je dat zowel politici als het Israëlische publiek vierkant achter de militair gaan staan. Hij wordt voor mensen een held, die onterecht wordt geofferd.’

Dan Owen van Yesh Din heeft er weinig vertrouwen in dat het anders zal gaan met het onderzoek naar de moord op de hulpverleners in Gaza. ‘Het is tragisch, maar we kennen in Israël geen eerlijk, functionerend systeem dat daders identificeert, aanklaagt en veroordeelt. ‘Maar we voeren wel onderzoek uit’, hoor je altijd. En zo houdt het leger de schijn op dat Israël het meest morele leger ter wereld heeft.’

Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next