Home

Originele en gedenkwaardige misdaadkomedie ‘Fabula’ maakt van Limburg een ruige, onzinnige en mythische wereld

Het duurt even voordat ‘Fabula’ de juiste toon heeft gevonden, maar regisseur Michiel ten Horn stelt daar veel moois tegenover.

Er zit iets slechts in hun bloed. Ze zijn vervloekt, geboren verliezers. Het is bepaald geen prettig zelfbeeld dat in de familie van Limburger Jos wordt doorgegeven, van generatie op generatie. ‘Wat we ook proberen, we zullen altijd mislukken’, zegt Jos’ vader voor de zoveelste keer – de woorden geven hem zowaar de kracht om zijn chronisch gekromde rug te rechten.

Het ligt er maar net aan welk verhaal je over je eigen geschiedenis wilt vertellen, leert de absurde, licht magischrealistische misdaadkomedie Fabula. Jos (Fedja van Huêt), met borstelsnor, permanent verbaasd-verwarde tronie en smakelijk Limburgs dialect, lijkt in elk geval niet de aangewezen persoon om die aangeprate cirkel van misère te doorbreken.

Als kleine crimineel ploetert Jos erop los in de onderwereld van de Noord-Limburgse Peelstreek. Het lukt hem en hulpje/schoonzoon Özgür, een geinige rol van de Rotterdamse komiek Sezgin Güleç, niet eens om een paar sportduiven te stelen.

Toch koos de in het Limburgse Horst geboren cineast Michiel ten Horn nou net Jos als held voor zijn ode aan de macht en betekenis van verhalen. Een volkomen ontspoorde klus én een mysterieuze tekenbeet zetten Jos’ wonderbaarlijke metamorfose in gang, terwijl dit avontuur wordt ingebed in een groter, universeler netwerk van verhalen.

De meanderende plot van het hoofdzakelijk Limburgs gesproken Fabula is doorspekt met Peelse anekdotes en sagen, de legende van de Bokkenrijders maar ook een Indiaas sprookje over een tot stank vervloekte maharadja. En steeds is het een parallelle versie van Jos die in de verhalen de hoofdrol vertolkt.

Het duurt een tijd voordat Fabula de juiste toon heeft gevonden. Zeker in de eerst helft voelt deze Nederlands-Belgisch-Duitse coproductie vaak als een halfbakken imitatie van de films van de gebroeders Coen, met allerhande typetjes en zwart-komische situaties. Kleine rollen van bekende acteurs – Duitser David Kross als enge wijnteler, Victor Löw als kermisexploitant – zullen hoogstens in eigen land voor lol zorgen. De sappige Vlaamse commentaarstem lijkt net als de hoofdstukindeling bedoeld om de film ook zelf als verhaal aan te kleden, maar is vooral een irritante, overbodige stoorzender.

Vermolmde praalwagens

Gelukkig stelt Ten Horn (De ontmaagding van Eva van End, Aanmodderfokker, Ares) daar veel moois tegenover. Van Huêt en Güleç zijn erg leuk samen, en de film profiteert flink van het fraaie production design: zie alleen al dat verweesde kermisspookhuis, of de schroothoop van vermolmde carnaval-praalwagens waar de caravan van Jos’ afgegleden broer Hendrik (Georg Friedrich) tussen staat.

Erg sterk is ook het gebruik van uiteenlopende Limburgse tradities en locaties. De zomp en vlakte van de Peel, het Zuid-Limburgse heuvellandschap, de Valkenburgse mergelgrotten, troosteloze dorpskernen en enge schuttersverenigingen: het valt allemaal op zijn plek in de ruige, onzinnige en toch ook mythische wereld die Fabula optrekt.

Hoe méér Ten Horn zich overgeeft aan de caleidoscopische krankzinnigheid van dit geheel, hoe gedenkwaardiger en origineler Fabula wordt. Des te fijner om met Jos op kronkelpad te zijn, en te ontdekken dat er zelfs voor hem een plek bestaat in de folklore van de kosmos.

Fabula

Misdaadkomedie

★★★☆☆

Regie Michiel ten Horn

Met Fedja van Huêt, Sezgin Güleç, Georg Friedrich, Michiel Kerbosch

122 min., in 56 zalen

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next