Hoe kijkt de generatie van 2000 terug op de jaren die hen hebben gevormd en wat verwachten ze van de toekomst? Tarik Freeke vraagt zich na een paar mislukte studies af wat hem echt motiveert.
schrijft voor Volkskrant Magazine.
Waar ben je opgegroeid?
‘In Berkel en Rodenrijs. Ik kan er alleen weinig over vertellen, want ik was er bijna nooit. Het enige in Berkel dat ik echt goed ken, is het fietspad van mijn huis naar het station. Mijn leven speelde zich vanaf de middelbare school vooral in Rotterdam af. Ik woonde er met mijn ouders en zusje.’
‘Mijn moeder is in Marokko geboren, op haar 8ste kwam ze naar Nederland. Mijn vader was altijd al gefascineerd door Marokko. Ze hebben elkaar ontmoet in De Doelen in Rotterdam tijdens een soort muziekavond. Mijn moeder zou na die ontmoeting Marokkaans bij mijn vader komen eten.
‘Omdat ze al wat ouder waren, eind dertig, wist hij niet zeker of ze single was. Misschien komt ze ineens met haar man aanzetten, dacht hij, en dekte de tafel voor drie personen. Het bleek niet nodig: vorig jaar waren ze 25 jaar getrouwd. Ondanks het eten. ‘Het was Marokkaans, maar smaakte Nederlands’, zegt m’n moeder erover.’
‘Ik zat wel in Berkel op de basisschool. Dat ging met pieken en dalen: ik ben twee jaar gepest, de andere jaren heb ik het naar mijn zin gehad. Ik zou mezelf nu omschrijven als een extravert mens, maar ik had destijds weinig sociale vaardigheden. Ik was een stuk stiller dan ik nu ben.’
Tarik Freeke wordt 25 op 21 augustus.
Woonplaats: Rotterdam
Hoe volwassen vind je jezelf op een schaal van 1 tot 10?
‘Ik was eerst heel uptight en ben nu echt ontspannen. Dat vind ik wel een volwassen ontwikkeling, al vinden oudere generaties dat misschien lanterfanteren. Aan de andere kant heb ik een jonge ziel, ik heb nog veel te leren. Een 6,5.’
Voel je jezelf onderdeel van een generatie?
‘Tussen mijn eigen vrienden wel. We kijken op dezelfde manier naar de wereld, herkennen dezelfde problemen rondom bijvoorbeeld het klimaat. Onze telefoon beheerst ook echt ons leven.’
Waar ben je over 7 jaar?
‘Geen idee. Hopelijk doe ik dan iets met theater of media. In ieder geval sta ik liever voor de schermen dan erachter.’
Hoe was dat op de middelbare school?
‘De eerste jaren op de Theaterhavo was ik niet zo sociaal. Ik was brutaal en maakte m’n huiswerk niet. Sowieso had ik moeite met autoriteit. Ik wilde graag leuk gevonden worden en dat werkte averechts. In de derde moest ik naar de mavo, op een andere school. Dat wilde ik niet, ik ging verder met de havo op een privéschool.
‘Daar had ik ineens een doel: ik wilde weer naar mijn oude school om de havo af te maken. Ik had het op de mavo niet naar mijn zin, ik verslonsde mezelf heel erg, kwam elke dag in een trainingsbroek naar school. In de pauzes stond ik alleen.
‘Na een jaar hard werken mocht ik weer naar de Theaterhavo. Ik kreeg een soort cursus om te leren leren. Ineens begreep ik hoe school werkte en haalde ik hoge cijfers. De docenten wisten niet wat ze meemaakten. Het ging goed en dus deed ik er ook nog twee jaar vwo. Ik wilde rechten studeren, zodat ik met een wetboek onder m’n arm rijk zou worden.’
Vond je het een leuke studie?
‘Het was afschuwelijk. Het eerste college, burgerlijk recht, vond ik meteen vreselijk. Het was alleen maar droge stof stampen. Toch vond ik het moeilijk om mezelf uit te schrijven. Dan heb je het toch zelf gedaan. Ik heb mijn herkansingen toen expres zo slecht gemaakt dat ik de studie wel móést verlaten. Het jaar erop het ik last minute voor Midden-Oostenstudies gekozen, omdat ik graag Arabisch wilde leren.
‘Na een paar dagen bleek het net zo theoretisch als rechten. Ik wilde geen herhaling van zetten, besloot meteen te stoppen en een tussenjaar te nemen. Naast werken focuste ik me op mijn eigen gezondheid. Vanaf mijn 12de had ik het talent ontwikkeld om mezelf volledig gek te maken. Dat ging meestal op dezelfde manier: ik kreeg een idee, dat werd een doemscenario, ik raakte de rationaliteit kwijt, waarna ik een paniekaanval kreeg.
‘Met de hulp van een coach kreeg ik het onder controle. Ik besloot sociologie te studeren omdat het praktischer zou zijn. De grootste vergissing ever. Dat was echt niet zo. Ik haalde een vak niet, en maakte met de studieloopbaanbegeleider een plan. Maar twee dagen later kreeg mijn vader ineens een herseninfarct.
‘Ik was net een paar dagen het huis uit. Op zondag had ik met mijn vader nog alles naar boven gesjouwd. Hij was altijd heel gezond, sportief, fietste 100 kilometer op een dag. Ik zocht altijd naar zekerheid – een universitaire studie doen, dan een goede baan vinden. Mijn vader was altijd het toonbeeld van zo’n soort zekerheid met zijn werk als docent op de hogeschool. Maar van de ene op andere dag lag hij in een ziekenhuisbed.’
Hoe gaat het nu met hem?
‘De helft van zijn lichaam is verlamd, hij moet opnieuw leren praten en lopen, heeft last van afasie. Het is nu bijna een jaar geleden. De grootste progressie vindt plaats in het eerste jaar, maar omdat er zo weinig bekend is over de hersenen, kunnen de doktoren weinig zeggen over eventuele verbeteringen. Hij had bijna zijn pensioenleeftijd bereikt. Deze tijd had hij zich wel anders voorgesteld.’
Maak je je zorgen?
‘Ja, maar niet alleen om hem. Mijn moeder is nu ineens fulltime mantelzorger naast haar werk als beleidsmaker. Ze trekt zich op aan het geluk van mijn vader. Als het met hem beter gaat, voelt zij zich ook goed.
‘Ik probeer elke week naar ze toe te gaan. Ik wil er niet te veel over zeggen, maar mijn moeder heeft nogal wat meegemaakt in het leven. Ik denk niet dat ze dat goed heeft verwerkt. Ik heb zelf therapie gehad, dat heeft me erg geholpen. Ik heb mijn moeder aangemoedigd het ook te proberen, maar dat heeft ze nog niet gedaan. Jammer, want ik denk dat voor haar meer geluk uit het leven te halen valt. Mijn ouders kunnen zich ook veel zorgen maken. Over mijn studies bijvoorbeeld, die steeds net niet lukken. ‘O god, wat ga je nu dan weer doen?’, hoor ik ze denken.’
Hoe kijk je daar zelf naar?
‘Soms vraag ik me af wat me nou echt motiveert. Mijn drie huisgenoten doen allemaal iets met muziektheater. Op de middelbare school wilde ik dat ook, maar ik dacht dat ik het niet kon en dat het te veel onzekerheid zou veroorzaken.
‘Toch maar proberen, dacht ik. Het is niet gelukt. Je moet een aantal ronden doorkomen om die studie te mogen doen. Ik ben afgevallen in de op één na laatste ronde. Of ik het volgend jaar nog eens ga proberen, weet ik niet. Ik kan me goed voorstellen dat ik te oud ben, de meeste eerstejaars komen net van de middelbare school. Ik wil wel doorgaan met zingen, want dat vind ik gewoon heel leuk. Verder ligt alles open.
‘Hoewel ik graag zing, kan ik er niet zomaar een hobby van maken. Ik hou zoiets slecht vol als er geen dwang achter zit. Eerst had ik zangles om de audities goed door te komen, maar zonder die externe druk vraag ik me af waarom ik het zou doen.
‘Het is ook nog eens heel duur. En niemand die het hoort. Een solo-optreden zou ik niet willen doen. Hoe moet ik dat ook doen? Mensen hier thuis uitnodigen, ze op de bank zetten en dat ze dan gaan toekijken terwijl ik zing? Vreselijk.’
Waar ben je trots op?
‘Ik denk op mijn mentaliteit. Ik vond het leven stressvol, had het idee dat ik er wat van moest maken. Nu ben ik een stuk rustiger. Ik zie het wel, mijn levensgeluk hangt niet alleen van een carrière af. Het herseninfarct van mijn vader heeft me wel doen inzien dat zoiets echt iedereen kan overkomen.
‘Ik denk dat het me moet lukken om een gelukkig leven te leiden. Ik zou graag weer een doel willen. Zoals ik eerst ook had, toen ik een vwo-diploma wilde halen en later tijdens de muziektheateraudities. Zo’n soort motivatie hebben vond ik heel prettig.
‘Verder droom ik niet van een gezin, of kinderen, of samenwonen met een partner. Ik heb nu geen relatie en het is niet mijn doel om iemand te vinden om daar de rest van mijn leven mee door te brengen. Hoe doe je dat? Hoe heb je nog leuke gesprekken en hou je het spannend?’
In de serie 25 in 25 vragen we jongeren geboren in 2000 hoe ze zijn geworden wie ze zijn en hoe ze hun toekomst zien. Meedoen? Mail een korte omschrijving (opleiding/woonplaats/bijzonderheden) naar: 25in25@volkskrant.nl
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant