Home

De Oekraïense Olena zoekt op de markt in Rotterdam naar de smaak van verloren tijden: ‘Appeltje, eitje’

De Volkskrant volgt drie migranten in hun dagelijks bestaan. Hoe vinden ze hun weg in Nederland, hoe ziet hun leven eruit en wat zijn hun verwachtingen? Deze week Olena Kotenko, die naar de markt gaat voor de ingrediënten voor borsjtsj.

is regioverslaggever van de Volkskrant in de provincies Utrecht en Flevoland.

Met haar kleurige boodschappenwagentje wandelt ze op deze woensdagmiddag vanaf het Rotterdamse metrostation Rijnhaven naar de markt op het Afrikaanderplein. Olena komt hier graag, zegt ze. Niet alleen vanwege de gunstige prijzen, maar ook omdat ze ervan geniet tussen de kramen te struinen, op zoek naar de beste producten. Dat ze er twintig minuten voor moet reizen vanuit Hoogvliet, waar ze met haar gezin in een oud kantoorgebouw woont, deert haar niet. De markt is een uitje.

Dat betekent niet dat het geen moeite kost. Of nou ja, inmiddels is ze er behoorlijk bedreven in, maar toen ze net in Nederland was, kende Olena de mores van de markt nog niet. Mocht ze zelf het fruit uitzoeken en in een zakje doen? Was de prijs per kilo, per pond of per zak? Voor wie hier al jaren komt, is het routine, een nieuwkomer moet het allemaal leren.

Naam: Olena Kotenko
Leeftijd: 44
Komt uit: Oblast Kyiv
Woont in: Rotterdam, met haar man en dochter van 11
Werkte als: fotograaf en bakker
In Nederland sinds: augustus 2023

Vandaag heeft ze een paar wensen. Haar 11-jarige dochter Vlada vroeg om kaki’s, en hoewel Olena haar al waarschuwde dat het seizoen voorbij was, zal ze toch kijken of ze er nog een paar kan krijgen. Vlada wilde ook rijpe bananen, om ijs van te maken. En zelf zou ze graag bieten en kool kopen, voor een pan borsjtsj, de traditionele Oekraïense soep van biet, kool, aardappel, wortel, bonen, tomaat en ui. Er hoort ook smetana bij, ‘een soort kwark, maar dan anders’. Die haalt ze in de Poolse supermarkt.

Voor Olena smaakt borsjtsj naar verloren tijden. De soep brengt herinneringen terug aan haar jeugd, toen haar grootmoeder haar voerde en ze bij elke hap een smoes verzon om weer te kunnen spelen. En aan de momenten dat ze zelf stond te koken in hun vrijstaande huis in een dorp buiten Kyiv, nog niet eens zo lang geleden. Haar ruime keuken bood uitzicht op de tuin. ’s Avonds kon ze er de zon zien ondergaan.

Op het Afrikaanderplein koopt Olena eerst een flinke zak glimmende appels bij een marktkoopman met een baard en een knotje. Het zijn kleintjes, want grote appels krijgt Vlada niet op en Olena vindt het zonde om eten weg te gooien. Ze betaalt er 2 euro voor.

Daarna slalomt ze langs scootmobiels, kinderwagens en mensen met plastic zakjes vol groenten. Ze passeert kramen met hoge bergen fruit, bakken vol olijven, en zoete aardappelen zo groot als honingmeloenen. ‘Mooi mooi, lekker lekker!’, roept een koopman.

Voor 6,50 euro koopt Olena een tray met dertig eieren. De verkoper pakt ze zorgvuldig in – tweede tray erop, tape erom, plastic zak – en overhandigt het pakket aan Olena. Die stopt haar aankoop in haar boodschappenkar. ‘Appeltje, eitje’, zegt ze even later over haar aankopen tot dan toe. En dan: ‘Ik hou van die uitspraak.’

Verderop vult ze een plastic tasje met komkommers. Bij een volgende kraam zoekt ze een paar mango’s uit. En als ze daarna een zak overrijpe bananen bestudeert, roept een verkoopster: ‘Eurozak! Eurozak!’

Na ongeveer een halfuur is Olena weer op de plek waar ze begon. Bij een ruime kraam kijkt ze nog even naar de avocado’s. Ze was van plan een doos naar haar dochter Daria te sturen, die in Polen woont. Maar nu ze de vruchten ziet, besluit ze het toch niet te doen. Ze zijn te rijp.

Eerst woonden ze allemaal in Polen. Na hun vlucht uit Oekraïne streek Olena met haar gezin neer in een dorp op 100 kilometer van Lodz, waar ze mensen kenden. Omdat Vlada daar totaal niet kon aarden, waardoor ze diep ongelukkig was, besloten ze na anderhalf jaar door te reizen naar Nederland.

Daria bleef achter, ze volgt nu de kappersopleiding. Onlangs vierde ze haar 19de verjaardag. ‘De eerste keer dat we er niet bij waren’, zegt Olena. ‘Dat is pittig voor ons allemaal.’

Ook de plannen voor borsjtsj lijken te stranden. Ze heeft in geen enkele kraam kool zien liggen en de enige bieten die ze aantrof, waren te klein. ‘Daarom heb ik mijn plan veranderd. Ik maak wel iets met aubergines.’

En daarmee blijkt dit bezoek aan de markt een metafoor voor haar leven op dit moment, en misschien ook van het leven in het algemeen. Life is what happens when you’re making other plans, luidt een bekende uitspraak, en Olena is daar inmiddels wel aan gewend. Ook voor de oorlog ontdekte ze al dat het leven onvoorspelbaar kan zijn. In 2018 werd haar man zo ziek dat de artsen vreesden voor zijn leven. Een jaar later kreeg Olena zelf een beroerte, waardoor ze een maand in het ziekenhuis lag.

Van een ontbrekende kool raakt ze dus niet zo gauw van slag, wil ze maar zeggen. En bovendien: als ze het écht wil, kan ze die ook bij de supermarkt gaan halen. Maar dat hoeft niet. Het is goed zo.

Over deze serie
De Volkskrant volgt drie migranten in hun dagelijks bestaan. Hoe vinden ze hun weg in Nederland, hoe ziet hun leven eruit en wat zijn hun verwachtingen? Alle afleveringen vindt u hier.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next