Home

Europa, verzin een list: doe als Odysseus en wees Niemand op het geopolitieke strijdtoneel

Het was de ultieme list van Odysseus: niemand zijn – om zo aan je kwelgeesten te ontsnappen. Europa zou best wat van die listigheid kunnen gebruiken in een tijd waarin wereldleiders zich reuzen wanen.

is recensent voor de Volkskrant, gespecialiseerd in poëzie en Duitstalige literatuur.

Ik kan me geen enkel spiegelbeeld van mezelf herinneren. Hoe ik het ook probeer, niets wil in de spiegel van mijn geheugen naar boven komen. Terwijl ik weet dat ze er moeten zijn: zorgen over de waterpokken, de ontdekking van de eerste gezichtsharen, pogingen zo lang mogelijk in de eigen ogen te staren.

Voor sommigen behoren ze tot de vroegste jeugdherinneringen: de ontdekking van het eigen lichaam in de spiegel, het besef dat je iemand bent en niet niemand.

Ik leerde op een andere manier dat ik iemand was: kort nadat ik had leren schrijven noteerde ik, in kreupele, veel te grote blokletters, een wens op een stukje papier. ‘Ik wil niemand zijn’, schreef het jongetje dat ik was, en schoof het papiertje onder het hoofdkussen, waar mijn moeder het de volgende ochtend onder vandaan haalde, het met een meewarige blik voorlas en me daarna een oorvijg gaf. Kinderen beseffen doorgaans meer dan men geneigd is toe te geven. Toch geloof ik dat de donkere inhoud van die wens amper tot me doorgedrongen kon zijn.

Geen schande

Pas jaren later, ik ging naar het gymnasium in het zuiden van het land en las de Odyssee, ontdekte ik de betekenis van deze woorden. Ik leerde dat het absoluut geen schande was om niemand te willen zijn. Sterker nog, dat die wens van een homerische listigheid getuigt.

Het verhaal gaat zo: na vele omwegen komen Odysseus en enkele van zijn makkers aan op het eiland van de cycloop Polyfemos, een ‘eenzelvige’ reus die ‘om god noch geboden’ gaf (in vertaling van H.J. de Roy van Zuydewijn). Zij sluipen zijn grot binnen en raken daar opgesloten. Alleen een list kan hen uit de handen van dit mensenetende monster bevrijden. Odysseus voert hem wijn. De cycloop zuipt zich een stuk in z’n kraag en raakt in gesprek met zijn gast. De cycloop wil weten wie er zijn grot is binnengeslopen, wie er zo gul is met de wijn.

‘Niemand, zo luidt de naam die ik draag’, antwoordt Odysseus, ‘en Niemand, zo noemen mij mijn moeder en vader en al mijn trouwe gezellen.’

De achteloze reus gaat door met zijn slemppartij: ‘Niemand, jou zal ik eten als laatste, pas na je gezellen; de anderen eet ik het eerst. Dat zal mijn vriendschapsgeschenk zijn.’ Zodra de reus van dronkenschap omvalt en mensenresten over begint te geven, drijven Odysseus en zijn mannen een paal door zijn oog. Polyfemos ontsteekt in razernij, begint om zich heen te slaan en roept zijn vrienden te hulp. Maar wanneer zij vragen wat er loos is, antwoordt de cycloop: ‘Vrienden, Niemand doodt mij met een list; van geweld is geen sprake.’

In de chaos die dan ontstaat weten Odysseus en zijn mannen zich onder de schapen van Polyfemos te verstoppen en zo te ontsnappen uit de grot en het land der Cyclopen, ‘een volk dat leeft zonder wetten’.

Man van vele listen

Noem het toeval, maar op het moment dat de gehele westerse wereld in een crisis verkeert, een tijd waarin wereldleiders zichzelf reuzen wanen voor wie aardse noch goddelijke wetten gelden, duikt deze anonieme, maar niet naamloze held weer op: Niemand. Niet een- maar tweemaal vertoonde Niemand ons recentelijk weer zijn listen.

Als inmiddels volwassen geworden jongetje dat ooit verlangde niemand te zijn keek ik uit naar de The Return, Uberto Pasolini’s recente verfilming van Odysseus’ terugkeer naar Ithaka. Maar tot halverwege deze film knaagde aan mij een gevoel van gemis. Door de vele wegen weg te laten die de Griekse held (gespeeld door een gedwee kijkende Ralph Fiennes) is gegaan voordat hij naar zijn koninkrijk kon terugkeren, wordt Odysseus’ listigheid nagenoeg volledig teruggebracht tot een strijd tussen hem en de talloze mannen die dingen naar de hand van zijn vrouw Penelope (hier gespeeld door Juliette Binoche) – tot een wedstrijdje boogschieten en een flinke knokpartij.

Wat ik miste was de grillige Odysseus, soms toegevend aan vleselijke verleidingen, dan weer iedereen misleidend met zijn heerlijke listigheid. Slechts één enkele keer zien we iets van die Odysseus van vóór zijn terugkeer op Ithaka. Exact in het midden van de film duikt Niemand – zonder dat iets hem had aangekondigd, nauwelijks merkbaar bovendien – toch nog een keer op. Op dat moment richt Telemachos, vertolkt door Charlie Plummer, zich vol ongeloof tot die vreemdeling die is aangespoeld op de kusten van Ithaka. ‘Nou, wie ben jij dan?’, vraagt hij aan de takken rangschikkende Odysseus. ‘Niemand’, antwoordt de vreemdeling bijna mompelend.

En terwijl hij dat simpele woordje uit, blijft de camera scherp gesteld op het hoofd van de achterdochtige Telemachos, zwenkt heel even onscherp het hoofd van Odysseus in beeld, waarna Telemachos weer in focus komt.

Het is een slimme cinematografische ingreep die de woorden van Odysseus visueel onderstreept. Net niet volledig anoniem, maar niet zonder naam, net niet volledig te zien, maar niet onzichtbaar, onthult de vreemdeling hier wie hij is: Niemand, de cyclopendoder, de man van vele listen. Pasolini zweert met deze kleine geste trouw aan Odysseus. Het is een knipoog naar die geweldige passage uit boek 9 van de Odyssee. Want nu de naam geuit is, en Niemand is teruggekeerd op het toneel, is het keerpunt in de plot bereikt en kan Odysseus jacht gaan maken op de ondankbare, vraatzuchtige mannen die Penelope teisteren.

Niemand. Zodra je die naam hoort, weet je het als kijker zeker: Ithaka zal worden bevrijd.

Ontkomen aan pesters

Lange tijd is het mijn overtuiging geweest dat het nog niet zo eenvoudig is om niemand te zijn. Ik leerde er ook door dat het de plicht van de mens is te moeten zijn. Er valt met geen mogelijkheid aan te ontkomen. Wie eenmaal geboren is, lukt het nooit meer er niet te zijn geweest. Nergens wordt die plicht duidelijker dan in pestgedrag. Het gepeste kind wil in uiterste momenten van vertwijfeling niets liever dan verdwijnen, er niet zijn.

Precies dat is wat zijn kwelgeesten maar al te goed beseffen. Pesten is niet de ontkenning van iemands zijn, niet de reductie van iemand tot een nobody, maar precies het tegendeel: de benadrukking ervan, het dwingen tot zijn.

Kijk, wij zien jou, wij kennen jou en wij houden niet op jou te zien en te kwellen.

Om die reden schrok ik van de tweede terugkeer van Niemand. In het voorjaar van 2024 gaf de Duitse filosoof Peter Sloterdijk een reeks colleges aan het prestigieuze Collège de France. Recentelijk verscheen Der Kontinent ohne Eigenschaften, zijn op die lezingen gebaseerde boek. Misschien is Sloterdijk een cultuurkritische pestkop die zijn lezers een geheugenspiegel voorhoudt. In ieder geval verwijst hij in zijn analyse van de identiteitscrisis waarin Europa zich bevindt naar de cruciale scène uit de Odyssee. Wie vandaag naar Europa kijkt, schreef Sloterdijk nog voordat aan de andere kant van de oceaan de hel losbrak, krijgt de indruk dat ‘de bewoners van dit halfcontinent reeds lange tijd de list van Odysseus opnieuw hebben gebruikt om zich, na de door hen veroorzaakte reeks van gebeurtenissen die we ook wel ‘Wereldgeschiedenis’ noemen, terug te trekken in een niemandspositie.’

De Europeanen, aldus Sloterdijk, hebben op het strijdtoneel van de wereldpolitiek niets nieuws te bieden, omdat ze, misschien wel zonder dat ze het zelf doorhebben, opgehouden zijn zich voor zichzelf te interesseren. Verslaafd aan comfort wil de Europeaan van vandaag niet langer vechten, niet voor de natie, niet voor grond en ook niet voor principes. Terwijl de Europeanen ‘van Lissabon tot aan Szczecin zich toenemend overgeven aan verniemanding’, schrijft hij dan ook, ‘werken hun vijanden, van Beijing tot aan Ankara aan een Polyfemische Internationale.’

Sloterdijk heeft de hoop opgegeven dat de list van Odysseus nog een keer zou kunnen werken. De wereldpolitieke grootmachten zullen zich volgens hem niet nog eens door de Europeanen laten misleiden. Het strijdtoneel is er een van iemanden, niet van niemanden. Wat volgt in Der Kontinent ohne Eigenschaften is een reis met zevenmijlslaarzen door de Europese ideeëngeschiedenis. Daarbij wordt Europa als een scheppend continent gezien: scheppend in de wetenschap, in de kunst en in de kritiek.

Want Europa was ook immer het zelfkritische continent als we Sloterdijk mogen geloven. Op die manier poogt hij alles wat onder de noemer postkoloniale kritiek valt als fundamenteel Europees te zien.

Oudemannengezever

Het riekt naar hoogst intellectueel oudemannengezever over nauwelijks nader gespecificeerd postkolonialisme. Je kunt Europa niet bekritiseren, beweert Sloterdijk, zonder je op zijn bronnen te baseren, zonder het te citeren. Postkoloniale kritiek is in wezen Europese kritiek, en dus Europees. Je hebt je als Europeaan te gedragen, suggereert hij, en je tot Europa te verhouden. Europeaan, kom uit de coulissen van de wereldpolitiek, of, zoals hij het op enig moment formuleert: kom eens terug van je vakantie.

Is het echt niet mogelijk om de listigheid van een Odysseus opnieuw uit te vinden? Wie ook maar even om zich heen kijkt in dit ik-tijdperk, heeft weinig nodig om te beseffen dat waar Europa, waar de wereld vandaag behoefte aan heeft niet meer, maar een beetje minder iemand is. Europa heeft niet meer spierballen, niet meer krachttaal en ook niet meer hardvochtigheid nodig.

Nee, Europa zou wel wat meer arglistigheid kunnen gebruiken, om, zoals Odysseus onder de buik van een schaap, door de benen van de door woede verblinde autocraten aan weerszijden van het continent door te huppelen.

Niets, zo leert Homerus ons, is zo machtig als de positie van de nauwelijks zichtbare Niemand. Hij blijft dan ook terugkeren. Over amper anderhalf jaar, in de zomer van 2026, zal niemand minder dan Christopher Nolan een poging doen deze net niet naamloze held opnieuw op het witte doek te vangen. Kijken we dan nog maar eens in de spiegel. Van een ding kunnen we zeker zijn: van Niemand zijn wij voorlopig nog niet af.

The Return draait nu in de bioscoop. En lees ook het interview met Stephen Fry over Odyssee verderop in dit katern.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next