‘Hoi Volkskrant, lekkere framing weer’, schreef een lezer deze week op BlueSky. Zijn bezwaren sloegen op de kop boven een voorbeschouwend artikel ‘Maken rechters een einde aan de loopbaan van Marine Le Pen om verduisteren EU-miljoenen?’
De lezer vond dat deze kop de verantwoordelijkheid voor de gebeurtenissen bij de verkeerde persoon legde. ‘Als de rechter besluit dat de wet is overtreden, is het nog altijd de dader die dat gedaan heeft.’ Niet de rechter zou dus een einde aan de loopbaan van Le Pen maken, dat had ze zelf gedaan.
De bezwaren van deze lezer zijn te begrijpen. Rechters liggen wereldwijd onder vuur van populistische politici. Door hen centraal te zetten, benadrukken we wellicht te veel de subjectiviteit van het oordeel, wat rechters kwetsbaar maakt.
Rechters toetsen het handelen van Marine Le Pen aan de wet, dat is in principe een objectieve activiteit. Maar er zit per definitie ook altijd een individuele weging in, anders kunnen ze het werk net zo goed overlaten aan kunstmatige intelligentie.
Uiteindelijk besloot de rechter om Marine Le Pen niet alleen te veroordelen, wat gezien de wetten op dit terrein onvermijdelijk lijkt, maar ook om de straf, uitsluiting van de presidentsverkiezingen, direct te laten ingaan. Dat laatste had ze niet hoeven te beslissen. De belangrijkste onderbouwing was dat ze de kans op recidive te groot achtte. Critici vinden dat ze daarmee ongeoorloofd ingreep in het democratische proces.
Het is dus goed en nodig om het niet alleen over Le Pen maar ook over de rechter te hebben. Haar uitspraak mag ook bekritiseerd worden.
Nu de rechterlijke macht en onafhankelijke media steeds vaker onder vuur worden genomen door politici, is er de begrijpelijke reflex om die te beschermen. Dat slaat soms door. Toen minister Fleur Agema zich beklaagde over hoe de media over haar bezuinigingen hadden geschreven, werd dat door een Kamerlid als een ‘ongekende aanval op de media’ gezien. Dat is het niet. Het wordt pas anti-rechtsstatelijk als onze integriteit ter discussie wordt gesteld – door journalisten tot ‘tuig van de richel’ te bestempelen, bijvoorbeeld – of als ministers hun macht gebruiken om de vrije pers aan banden te leggen.
Hetzelfde geldt voor rechters. Kritiek op hun vonnissen hoort ook bij een democratische rechtsstaat – mits de critici het vonnis wel eerst zorgvuldig bestuderen. Ook de vraag of rechters niet te veel op de stoel van de uitvoerende macht gaan zitten is een legitieme, net zo legitiem als de vraag of politici niet te veel op de stoel van de rechter gaan zitten, wat vooralsnog vaker voorkomt. Het gaat pas mis als de integriteit van rechters in twijfel wordt getrokken, wat Marine Le Pen zelf doet door te spreken over ‘een politiek proces’.
Media als de onze moeten die grens scherp in de gaten houden. Als we net doen of de rechters objectieve besluitvormingsmachines zijn die per definitie tot een juist oordeel komen, doen we de werkelijkheid tekort. De rechtsstaat is uiteindelijk niet geholpen als sommige spelers, in reactie op de populistische revolte, gevrijwaard blijven van serieuze kritiek.
De beste verhalen van de week, getipt door Pieter Klok
Elke zondag praat hoofdredacteur Pieter Klok u in de nieuwsbrief Beste van de week bij over de afgelopen (nieuws)week. Welke verhalen, columns, podcasts en speciale producties mag u echt niet missen? Schrijf u hier in voor de nieuwsbrief.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns