Home

Inhaalslag met ‘vangnetzwemles’ voor kinderen zonder zwemdiploma

De Tweede Kamer wil het schoolzwemmen weer invoeren, vanwege zorgen over dalende zwemvaardigheid. Amsterdam pleit juist voor maatwerk en biedt gratis zwemlessen aan kinderen die hun diploma niet met reguliere lessen hebben behaald.

is binnenlandverslaggever van de Volkskrant.

Vladyslav (9) praat nauwelijks, maar als hij na drie hoepels en ‘het gat’ boven water komt, slaakt hij een vreugdekreet. ‘Let’s go, Vlad!’, roept zwemleraar Nordin Bouda trots. De stiekeme adempauze tussen de hoepels en het gat (een gat in groot stuk plastic waar leerlingen onder water doorheen moeten zwemmen) is hem vergeven.

De Oekraïense leerling kwam drie jaar geleden naar Nederland. Hij volgde de eerste twee jaar reguliere zwemlessen, maar omdat hij moeite heeft met taal kon hij die slecht volgen. Dat leidde nogal eens tot driftbuien bij de jongen.

De gratis ‘vangnetzwemlessen’, voor kinderen in groep 6 en hoger zonder diploma, bieden nu uitkomst: bij het Friendship Sports Center in Amsterdam-Noord krijgt Vladyslav les in een klein groepje, van drie leraren en een stagiair.

Dit schooljaar haalden al 233 ‘oudere’ kinderen (tussen 9 en 17 jaar) hun diploma bij het vangnetzwemmen. Sinds 2018 biedt de gemeente deze lessen in de hele stad aan en mede daardoor is het aandeel kinderen mét diploma hoog in Amsterdam: 93,9 procent van de groep 8-leerlingen heeft ten minste z’n A-diploma. Op landelijk niveau was dat 86 procent, bij de laatste meting in 2022.

Vóór corona zat dat landelijke percentage veel dichter bij het Amsterdamse, op 91 procent, ten opzichte van 95 procent in de hoofdstad. Vermoedelijk komt die daling deels door de lockdowns.

Zo is er de vader van Kubra (11), die trots toekijkt hoe zijn dochter op haar rug baantjes trekt. Voor het behalen van haar zwemdiploma’s rekende hij op het schoolzwemmen in groep 4, maar vanwege covid ging dat niet door. ‘Dan ben je zo een paar jaar verder, nog altijd zonder diploma.’

Geldgebrek

Maar vooral geldgebrek is bepalend voor de zwemvaardigheid: onder kinderen van ouders met een laag inkomen heeft een kwart geen diploma. In de hoogste inkomensgroep is dat maar 2 procent. Het behalen van een A-diploma kost al snel 1.000 euro. Bovendien hebben ouders die elke dag werken vaak geen tijd om na school met hun kind naar zwemles te gaan.

Daarnaast speelt migratie een grote rol. Kinderen die naar Nederland migreerden, zoals Vladyslav, hebben met 28 procent het vaakst geen diploma. Onder de in Nederland geboren kinderen van ouders met een migratieachtergrond is dat 18 procent. Het aantal overlijden door verdrinking is bij kinderen en jongeren met een niet-Westerse achtergrond wel negen tot tien keer zo hoog als onder leeftijdsgenoten met een Nederlandse achtergrond.

In Oekraïne was zwemles niet zo gangbaar als hier, zegt Victoria Palikova (35), de moeder van Vladyslav. ‘Maar in Nederland, met al dat water, is het superbelangrijk.’

Halverwege de les zegt leraar Bouda: ‘Willen jullie eens in het diepe?’ Medeleerling Salvador rent naar het andere bad, Vladyslav komt er voorzichtig achteraan. Hij dipt een teentje in het koude, diepe banenbad.

In de afdekking die het halve zwembad bestrijkt, ziet Vladyslav een glijbaan. Na een voorzichtig zetje houdt hij spartelend nog net zijn hoofd boven water. ‘Laat hem maar’, zeggen de leraren tegen elkaar. ‘Hij redt het wel.’ En ja hoor: als een hondje weet hij naar de kant te komen, om vervolgens van zijn zelfbedachte glijbaan te buikschuiven.

Heilige graal

Om de dalende trend in het aantal kinderen met diploma’s te keren, nam de Tweede Kamer begin vorig jaar een motie aan om het schoolzwemmen, dat in 1985 werd afgeschaft, weer in te voeren. Dat zou het Rijk zo’n 129- tot 212 miljoen euro per jaar kosten, blijkt uit onderzoek van het Mulier Instituut, een wetenschappelijk onderzoeksbureau dat zich richt op sport en bewegen.

Er volgde direct kritiek uit de onderwijswereld: scholen hebben maar beperkte tijd om alle basisvaardigheden in het onderwijs aan bod te laten komen, en kunnen niet alle maatschappelijke problemen oplossen.

Schoolzwemmen is bovendien niet de heilige graal als gemeenten de zwemveiligheid willen verbeteren, zegt Mirjam Stuij van het Mulier Instituut. ‘Een groot deel van de ouders regelt de zwemlessen zelf. Het is daarom vooral belangrijk om per gemeente te kijken welke kinderen om welke reden nog geen diploma hebben, en vervolgens maatwerk te bieden.’

De vangnetzwemlessen zijn daar een goed voorbeeld van, zegt Stuij. Toch is Amsterdam een van de weinige gemeenten met zo’n regeling. Door gebrek aan beschikbaar zwemwater – per hoofd van de bevolking is er steeds minder vierkante meter zwembad – en aan zwemleraren, zijn de lessen niet gemakkelijk op te tuigen.

‘Verdwaalde jongens’

In Amsterdam lukt dat wel omdat het thema hoog op de agenda staat. ‘We hebben geluk met wethouders die dit belangrijk vinden’, zegt Heidi Oudejans, programmamanager schoolzwemmen in de hoofdstad. En met zwemschool Puur Zwemmen, die zich op deze lessen heeft toegelegd en waarvan eigenaar Gosé van der Weerdt wél genoeg leraren weet te vinden.

Hij ‘plukt verdwaalde jongens van de straat en leidt ze op’, zegt de grote, amicale kerel, die deze avond zelf ook lesgeeft, in plat Amsterdams. Via-via loopt hij hen tegen het lijf, waarna hij ze onder zijn hoede neemt. ‘Dat gaat niet altijd goed, soms gaan ze na een half jaar weer weg. Maar meestal worden het goede leraren.’

De lessen zijn speels en geïmproviseerd: als Kubra angstig is in het diepe, neemt Van der Weerdt haar apart om los van de groep ‘te ervaren dat ze niet zinkt zolang ze maar blijft bewegen’. ‘De techniek maakt nu nog niks uit. Ze moet vertrouwen kweken.’

Aan het einde van de les is Vladyslav het bad niet meer uit te krijgen. ‘We moeten gaan’, zegt zijn moeder in het Oekraïens. Het mag niet baten: Bouda, die al is begonnen met de volgende groep, moet de jongen eruit tillen. ‘Tot volgende week!’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next