Home

Na Franks onnavolgbare monoloog in ‘The White Lotus’ snap je Ricks personages opeens

Reputaties veranderen continu. In deze rubriek kijken we hoe de betekenis van denkers en kunstwerken, van schrijvers en hun personages kantelt en evolueert. Deze week: Rick Hatchett.

is schrijver en chef van Zondag, het essay- en boekenkatern van de Volkskrant.

De mannen. Ze maken geen schijn van kans. Ze hebben hun harnas aangetrokken, ze moeten ten strijde trekken, maar dat harnas knelt, het is te zwaar, te heet.

Met The White Lotus verzon Mike White een format met steenrijke personages die naar opulent luxe resorts gaan – dit seizoen in Thailand – om daar vervolgens doodongelukkig op een strandbedje te liggen. Waarom zijn ze ongelukkig? Whites mannen hebben niet eens de mentale ruimte om zichzelf die vraag te stellen. Ze zitten opgesloten in hun zelfverzonnen verhaallijnen: ze willen de archetypische cowboy zijn, de zakenman, de casanova. Ze moeten op hun hardst lopen om dat zelfbeeld bij te houden.

In het huidige, derde seizoen is er de vader die te horen krijgt dat The Wall Street Journal op het punt staat zijn frauduleuze kaartenhuis op te blazen. Zijn permanent proteïneshakes-drinkende zoon doet zo zijn best de ultra-mega-überhetero uit te hangen dat iedereen snapt wat hij verbergt. En dan is er de wraakqueeste van hotelgast Rick Hatchett.

Die naam zegt alles al. In vertaling: Rik Bijl.

Schimmige figuur

Dat Rick schimmig is, weet je meteen. Hij kijkt te veel naar de eigenaresse van het hotel. Vraagt te nadrukkelijk naar haar man. Laat vallen dat hij Australië niet in mag, wat een wereld aan juridische toestanden en strafbladen suggereert.

Bovendien wordt Rick gespeeld door Walton Goggins. Een naam die klinkt als die van een man met een bolhoed die wonderdrankjes verkoopt in een rondreizend circus. Zo ziet hij er ook uit. Gezicht alsof hij net te veel heeft meegemaakt. Zijn haargrens lijkt niet zozeer wijkend als wel bang teruggeschrokken.

Ricks veel jongere vriendin spoort hem aan naar yoga te gaan, te mediteren. Hij wil niet. Uiteindelijk, na lang aandringen, vertelt hij haar waarom ze in Thailand zijn, terwijl hij toch zo’n hekel aan spiritualiteit heeft. Omdat zijn vader vermoord is, vertelt Rick, en hij heeft reden om te geloven dat de echtgenoot van de eigenaresse van dit hotel het gedaan heeft.

Zijn vriendin vraagt: ‘Is dit zoiets als ‘You killed my father, prepare to die’?

De goede verstaander herkent de verwijzing naar de klassieke avonturenfilmparodie The Princess Bride (1987), waarin een zwaardheld zichzelf een wraakqueeste heeft opgelegd en te pas en te onpas zegt: ‘My name is Inigo Montoya, you killed my father, prepare to die.’ Montoya zegt het nasaal en monotoon, de woorden zijn ingesleten, zo vaak heeft hij ze gezegd.

Maar Rik Bijl is geen goede verstaander. Hij heet immers Rik Bijl. Hij ziet geen parodie. Hij zit vast in het Oudgriekse of oudtestamentische narratief dat hij pas rust zal kennen als hij zijn vader gewroken heeft.

Onnavolgbare monoloog

In een hotelbar spreekt Rick met een oude vriend, die hem moet helpen met zijn plan. Rick bestelt een drankje. De vriend, Frank, bestelt een kamillethee en meteen snapt Rick dat er iets is veranderd. Geen sterke drank meer. Frank heeft zijn leven omgegooid.

En dan begint Frank te vertellen. Over hoe hij alle seks en drugs en ellende achter zich heeft gelaten. Hij vertelt over de keer dat hij een meisje mee naar huis nam en dat zij een ladyboy bleek te zijn. Iets wat ik weleens eerder had gedaan, zegt hij, maar deze keer neukte de ladyboy mij. ‘En het was magisch.’

Frank gaat verder in een onnavolgbare monoloog; over hoe hij ontdekte dat hij eigenlijk zelf een Aziatisch meisje wilde zijn en door zichzelf genomen zou worden. En dat hij dus mannen begon in te huren die bij hem langskwamen, hem alle hoeken van de slaapkamer lieten zien. Hij kleedde zich in lingerie. Soms kwamen er drie, vier mannen per nacht. Hij raakte er verslaafd aan. ‘En tegelijkertijd huurde ik een Aziatisch meisje in, dat er gewoon bij zat en het allemaal aanschouwde. En terwijl zo’n vent mij dan nam, keek ik haar in haar ogen en dacht ik: ik ben haar, en ik neuk mezelf.’

Luisteren met open mond

De vraag is dan: hoe zou deze monoloog tien jaar terug in elke willekeurige tv-serie zijn gespeeld? Als grap, zonder meer. Frank zou iets pervers hebben gekregen, of hij zou ineens met een slis praten, of hij zou schijnbaar feminiene handgebaren maken.

Maar nu luistert Rick met open mond. En niet van walging. Rick kijkt naar hem alsof hij iemand een diepere, hogere vorm van waarheid hoort vertellen. Frank, ziet hij, heeft een rust gevonden die hij mist. Frank heeft dat knellende, zware, hete harnas losgeschroefd. Hij heeft zijn wapens in het gras gelegd.

Of zoals Maurits de Bruijn schrijft in zijn voor de Librisprijs geshortliste queerroman Man maakt stuk: ‘Een man die zich laat neuken is een man zonder zwaard, zonder pistool, zonder enige vorm van munitie of verweer.’

Opeens snap je Rick. De eerste keer dat je hem dit seizoen ziet, gaat hij de confrontatie aan als iemand hem beleefd vraagt niet te roken. Dit is een man, denk je, die niet kan wachten om te knokken. Maar na Franks monoloog en Ricks open mond snap je: dit is een man die niet kan wachten om in elkaar geslagen te worden. Om zich over te geven. Om los te laten. Dit is zijn spirituele reis. Hij moet het alleen nog aan zichzelf toegeven.

The White Lotus is te zien op HBO.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next