Om te voorkomen dat het een ‘Turks protectoraat’ wordt, bombardeerde Israël meerdere doelwitten in Syrië. Syriërs moeten toezien hoe hun land opnieuw ten prooi valt aan getouwtrek, nu tussen Israël en Turkije.
is correspondent Midden-Oosten voor de Volkskrant en reist sinds de val van Assad geregeld naar Syrië. Hij woont in Amman.
Aan alle hoofdpijndossiers die Syrië toch al heeft, kan een nieuw dossier worden toegevoegd: het land dreigt verscheurd te worden in een nieuwe strijd om invloed tussen twee regionale grootmachten, Israël en Turkije. Aan een reeks Israëlische bombardementen, woensdagavond nabij een luchtmachtbasis in Midden-Syrië, kleefde een opvallende boodschap, gericht aan de Turken: waag het niet van Syrië een ‘Turks protectoraat’ te maken.
Tegenover The Jerusalem Post bevestigde een Israëlische functionaris dat de luchtaanvallen, waarbij voor zover bekend geen doden vielen, expliciet bedoeld waren als boodschap aan Ankara. ‘Vestig geen militaire basis in Syrië, en verstoor Israëls activiteiten in het Syrische luchtruim niet.’ De Israëlische minister van Defensie Israel Katz richtte zich in vergelijkbare taal tot de regering in Damascus. ‘Als u vijandige troepen van Israël toestaat Syrië binnen te dringen, zult u een extreem hoge prijs betalen.’
Al dagen gaat het gerucht dat de Turkse regering van president Recep Tayyip Erdogan troepen wil vestigen bij de genoemde luchtmachtbasis Tiyas, niet ver van de stad Palmyra in de regio Homs. Op de basis, die ooit toebehoorde aan het gevallen Assad-regime, zou een Turks Hisar-luchtafweersysteem moeten komen, evenals een aantal drones. In maart werd dezelfde basis ook al door Israël gebombardeerd. Op satellietbeelden was toen te zien dat er kraters waren geslagen in de enige landingsbaan.
Israëls bombardement van woensdag vond plaats tijdens een toch al onrustige nacht. Een operatie van Israëlische grondtroepen (die al maanden een strook Syrisch grondgebied bezet houden) in Zuid-Syrië leidde tot een urenlang vuurgevecht met lokale strijders, waarbij aan Syrische zijde negen doden werden gemeld en minstens twintig gewonden. Tegelijkertijd bestookte de Israëlische luchtmacht militaire doelwitten in de buurt van de steden Hama (vier doden) en Damascus.
Hoewel de Turkse autoriteiten de lippen stijf op elkaar houden, is het geen geheim dat ze grote ambities hebben op Syrisch grondgebied. Sinds de val van dictator Bashar al-Assad, afgelopen december, lopen er gesprekken over een defensieverdrag tussen Turkije en de nieuwe Syrische regering van president Ahmad al-Sharaa. Er zijn berichten over een tweede basis in aanbouw, bij de stad Azaz. De Turken zouden het buurland willen bijstaan in de strijd tegen terreurgroep Islamitische Staat (IS), en de eigen regionale dominantie verder willen uitbreiden.
Daarnaast er is nog een reden die wordt aangevoerd. Zonder fatsoenlijke luchtverdediging, zo gaat de Turkse logica, blijft het door oorlog verwoeste Syrië weerloos tegen veel machtigere buurlanden als Israël. Dat laatste land heeft de voorbije maanden honderden luchtaanvallen uitgevoerd, naar eigen zeggen om te voorkomen dat de Syrische militaire infrastructuur in handen valt van Iran of bondgenoot Hezbollah. De nieuwe regering in Damascus wordt door Israël sowieso gewantrouwd vanwege het verleden van president Sharaa bij Al Qaida.
Door dit alles tekent zich een opmerkelijk scenario af: Israël bombardeert een basis die moet gaan dienen als verdediging tegen, jawel, Israël. Volgens sommige regionale analisten zijn de recente luchtaanvallen daarom kortzichtig en contraproductief. Het enige dat Israël hiermee bereikt, schreef Syriëkenner Aaron Zelin (verbonden aan denktank The Washington Institute for Near East Policy), is dat Sharaa’s regering Turkije nog nadrukkelijker zal vragen om bescherming.
Vanuit Damascus klonk een veroordeling. Verder houdt Sharaa’s regering zich op de vlakte, beducht voor nog meer escalatie. Gewone burgers moeten toezien hoe hun land opnieuw ten prooi valt aan ordinair regionaal getouwtrek. De cynische hoofdrollen die landen als Rusland en Iran vervulden tijdens de laatste jaren van de Assad-dynastie, gaan nu naar Turkije en Israël.
De kans op een directe confrontatie tussen beide landen neemt langzaam toe. Mocht Israël zijn bombardementen op deze manier voortzetten, dan is het bijvoorbeeld niet ondenkbaar dat daar op een dag Turkse doden bij vallen. Zo’n incident zou grote repercussies hebben, niet alleen regionaal maar ook daarbuiten, aangezien Turkije lid is van de Navo.
De spanningen tussen Israël en Turkije zijn sowieso gegroeid sinds de terreuraanval van Hamas, anderhalf jaar geleden, en de daaropvolgende bloedige oorlog in Gaza. Erdogan heeft Hamas veelvuldig geprezen, en vergeleek Israëls optreden met dat van de nazi’s in de Tweede Wereldoorlog. Andersom noemde een Israëlische minister hem een antisemiet. ‘Moge God het zionistische Israël vernietigen’, zei Erdogan afgelopen weekend.
Er is één voor de hand liggende partij die voor de-escalatie in Syrië zou kunnen zorgen, en dat is het Amerika van president Trump. De Amerikanen staan op goede voet met zowel Israël als Turkije, en zijn in de ideale positie om op te treden als bemiddelaar. Ze moeten het alleen wel willen. Voorlopig is er niets dat daarop wijst.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant