Home

Van vogel naar vis: nieuw geld voor Curaçao en Sint-Maarten

Na ruim 70 jaar hebben Curaçao en Sint-Maarten een nieuw betaalmiddel. De Antilliaanse gulden, sinds 1952 de munt van de twee eilanden, maakt plaats voor de Caribische gulden.

Volgens directeur-secretaris Leila Matroos van de Centrale Bank van Curaçao en Sint-Maarten (CBCS) wordt de oude munt vervangen door "iets van ons". "Met trots presenteer ik u de Caribische gulden, onze nieuwe munteenheid. Het is een moment om stil te staan, bij wat we samen hebben bereikt."

Zeeleven

De landen zijn onderdeel van het Koninkrijk der Nederlanden, maar hebben sinds oktober 2010 een eigen bestuur, met een eigen gezamenlijke centrale bank. Toen werd ook afgesproken dat er een nieuw betaalmiddel zou komen.

Op de oude bankbiljetten stonden vogels. Op het nieuwe briefgeld wordt een belangrijke toeristische trekpleister afgebeeld: het zeeleven rond de eilanden.

De nieuwe valuta heeft dezelfde waarde als zijn voorganger. Eén euro kun je inruilen voor bijna twee Caribische guldens, een Amerikaanse dollar is in te wisselen voor 1,79 Caribische gulden.

De andere Caribische eilanden, Saba, Sint-Eustatius en Bonaire voeren deze munt niet in. Zij hebben de Amerikaanse dollar als officiële betaalvorm. Op Aruba is sinds 1986 de florin in gebruik.

In totaal is er zo'n 500 miljoen Antilliaanse gulden in omloop dat omgewisseld moet worden, omgerekend ruim 200 miljoen euro.

"De invoering van de Caribische gulden verandert voorlopig weinig aan het dagelijks leven op Curaçao en Sint-Maarten. De eilanden draaien voor een belangrijk deel op contant geld. Dat is een gevolg van armoede, een grote informele sector en het feit dat nog steeds veel mensen geen bankrekening hebben.

Dat verandert langzaam: banken zijn binnenkort verplicht om een basisrekening aan te bieden, het wetsontwerp is net door het parlement. Toch blijft cash voor veel mensen voorlopig de norm. In dat licht begrijpen sommige bewoners niet waarom er is gekozen voor een nieuwe gulden, in plaats van de Amerikaanse dollar, zoals in Bonaire. Zeker Sint-Maarten functioneert al grotendeels als dollareconomie, door het cruisetoerisme en Amerikaanse toeristen.

Veel mensen zien dollarisering dan ook als een gemiste kans. Maar de nieuwe biljetten, met zeedieren en Caribische gebouwen, worden wel gewaardeerd. Na jaren praten is de eigen munt nu een feit en dat voelt voor velen toch als een trotse stap die hoort bij autonomie."

De oude en nieuwe gulden blijven een paar maanden naast elkaar bestaan; tot 30 juni. Na die datum is alleen de Caribische gulden nog een geldig betaalmiddel op de twee eilanden.

Ook daarna hoeven bewoners biljetten die thuis in de kast liggen niet weg te gooien. De Antilliaanse gulden is bij commerciële banken op de eilanden een jaar lang in te wisselen voor andere valuta. En ook daarna is er nog steeds een optie; de centrale bank neemt het geld nog aan tot 2055.

Op reis

Voor Nederlanders die het geld thuis hebben liggen betekent dat wel dat ze op reis moeten naar de eilanden. Er is hier namelijk geen mogelijkheid om het geld te wisselen, bijvoorbeeld bij de Nederlandsche Bank (DNB).

Leila Matroos van de centrale bank heeft daar wel oplossing voor: "Ik nodig iedereen uit om naar zonnig Sint-Maarten of Curaçao te komen."

Buitenland

Economie

Deel artikel:

Advertentie via Ster.nl

Source: NOS nieuws

Previous

Next