Nu Andries Jonker in aanloop naar het EK eindelijk over al zijn topspeelsters kan beschikken, moet de Oranjebondscoach harde keuzes maken. Die moeten komende zomer in Zwitserland leiden tot de Europese titel.
Of Jonker pas voor het eerst sinds zijn aantreden bij Oranje in 2022 alle speelsters kon oproepen die hij wilde oproepen? De coach kon er maandag op de persconferentie op de KNVB Campus in Zeist wel om lachen.
"Ik dacht afgelopen weekend: het zal toch niet dat iedereen die je op de korrel hebt daadwerkelijk kan verschijnen? Naarmate het moment dichterbij kwam, ging ik er steeds meer in geloven. En het is echt gebeurd."
De voorbije jaren ontbraken steevast (top)speelsters bij het Nederlands elftal. Zo waren Vivianne Miedema en Jill Roord er door een zware blessure geruime tijd niet bij. En Victoria Pelova stond sinds juni vorig jaar buitenspel door een kruisbandblessure.
De middenvelder van Arsenal maakte deze week haar rentree in de selectie van de Oranjevrouwen (evenals de van een blessure herstelde Damaris Egurrola), nadat Miedema en Roord dat eerder al hadden gedaan. Daardoor kon Jonker deze interlandperiode alle Nederlandse topspeelsters op zijn selectielijstje zetten.
"Dat is voor het eerst sinds het WK (van 2023, red.). Toen konden we met een fitte groep toewerken naar het toernooi. En nu ook. Ik ben heel blij", zei Jonker. En lachend: "Met al die goede speelsters moet ik flink gaan puzzelen."
Dat puzzelen geldt in de eerste plaats voor het middenveld. Daar kwamen deze interlandperiode met Pelova en Egurrola twee opties bij, terwijl Jonker al kon beschikken over Wieke Kaptein, Roord, Jackie Groenen en Daniëlle van de Donk.
"Het is aan mij om het team zo te formeren dat we zoveel mogelijk verschilmakers op het veld te hebben staan", zei Jonker. "Of we kunnen kiezen voor een 3-5-2-formatie, zodat er meer middenvelders kunnen spelen? Dat kan. Maar er moeten ook speelsters zijn die het vuile werk opknappen. De balans moet goed zijn."
Centraal achterin is de keuze eveneens reuze voor Jonker. De bondscoach stelde in de vorige interlandperiode twee verschillende centrale duo's op. Veerle Buurman en Caitlin Dijkstra startten tegen Duitsland (2-2), Sherida Spitse en Dominique Janssen tegen Schotland (1-2-zege).
Met nog ruim drie maanden tot de eerste wedstrijd op het EK is Jonker er nog niet uit wat betreft zijn ideale verdedingsduo.
"Het centrale duo dat jullie vrijdag gaan zien is niet per definitie het centrale duo op het EK. We kijken deze interlandperiode ook naar de belastbaarheid van speelsters. Maar ik ben het ermee eens dat er een aardige puzzel te leggen is."
Al die mogelijkheden maken dat Jonker harde keuzes moet maken richting het EK. Maar de 62-jarige coach ziet dat vooral als een "luxeprobleem".
"En daar hebben we in Nederland lange tijd naar verlangd. Ik heb in heel 2024 gedacht: wie ga ik opstellen? Nu is iedereen fit, en dat precies op tijd voor het EK." Jonker klopt het even af. "Hopelijk blijft dat zo."
In dat geval kunnen er mooie dingen gebeuren voor Nederland, dat op het eindtoernooi in Zwitserland in een groep zit met Wales, Frankrijk en Engeland. Jonker gelooft erin dat Oranje na 2017 haar tweede Europese titel kan veroveren.
"Op het WK heb ik gezegd dat we van iedereen konden winnen. We zijn nu completer dan toen. Andere ploegen zijn ook goed, maar we hebben geen angst voor ze. Wij willen én kunnen het EK winnen."
Source: Nu.nl sport