De Indonesische president Prabowo Subianto zet het leger graag in om zijn grootse plannen snel te realiseren. Veel studenten en activisten vrezen dat hun land verandert in een militaire dictatuur en zijn de straat opgegaan.
is correspondent Zuidoost-Azië van de Volkskrant. Hij woont op Bali.
Het islamitische Suikerfeest verliep dit jaar in mineur in Indonesië. Veel mensen bleven thuis en maakten zich zorgen over hun toekomst na honderdzestig dagen onstuimig beleid door president Prabowo Subianto.
De beurskoersen zijn gekelderd, de wisselkoers schommelt op een historisch laag niveau, consumenten besteden minder en enkele bedrijven kondigden massa-ontslagen aan. Andere landen in Zuidoost-Azië hebben dat soort problemen niet.
Indonesiërs maken zich ook zorgen over hun democratie. Duizenden studenten en activisten demonstreerden afgelopen weken tegen de groeiende rol van militairen binnen het landsbestuur. Een wetswijziging die dat mogelijk maakt, werd eind maart aangenomen.
‘Kembalikan ke barak!’ (‘Terug naar je barak!’) riepen demonstranten in Surabaya. Op posters prijkte het gezicht van oud-dictator Soeharto, de generaal die het land van 1968 tot 1998 met ijzeren hand regeerde. Die kant gaat het weer op, waarschuwden activisten. Het roept de vraag op: neemt het leger de macht over in Indonesië?
De zorgen zijn begrijpelijk. Kreeg oud-generaal Prabowo bij zijn aantreden eind vorig jaar nog het voordeel van de twijfel, inmiddels is duidelijk dat de president graag het leger inzet om zijn grootse plannen te verwezenlijken. Hij benoemt generaals op civiele sleutelposten en zet soldaten aan het werk om megaprojecten snel van de grond te krijgen.
Zo is de commandant van de militaire academie inmiddels verantwoordelijk voor ’s lands voedselvoorraad, komt de beloofde gratis lunch voor 83 miljoen scholieren en zwangere vrouwen in veel regio’s uit de keuken van de plaatselijke kazerne en gaan honderd nieuwe bataljons à duizend soldaten rijst of maïs verbouwen op reusachtige staatsboerderijen.
De recente wetswijziging, die het mogelijk maakt meer militairen te benoemen op burgerfuncties, was voor veel demonstranten de druppel. Die oude wet (uit 2004) staat volgens hen symbool voor de scheiding tussen leger en burgermaatschappij. Hij werd opgesteld nadat de militaire dictator Soeharto door massale en gewaagde demonstraties ten val was gebracht. Tijdens diens Nieuwe Orde-regime domineerden militairen politiek, zakenleven en rechtspraak. Prabowo wil naar die tijd terug, stellen demonstranten. De Indonesische regering reageerde tot nu toe met waterkanonnen, traangas en arrestaties.
Ter verdediging van Prabowo: Indonesië is notoir moeilijk bestuurbaar met zijn zeventienduizend eilanden, machtige politieke en zakelijke dynastieën, Byzantijnse bureaucratie en gebrek aan toezicht en handhaving. Alleen al het megakabinet van 113 leden is lastig op één lijn te houden.
En dat terwijl de president zijn kiezers snelle resultaten heeft beloofd: de jaarlijkse economische groei moet van 5 naar 8 procent en het leven van gewone Indonesiërs moet verbeteren dankzij grootse projecten als de gratis schoollunch of drie miljoen nieuwe, betaalbare woningen per jaar. Voor Prabowo is inzetten van het 400 duizend man sterke leger een verleidelijke optie.
Volgens de regering gaat het slechts om een marginale wetswijziging. Militairen mochten al posities bekleden op tien ministeries die zich bezighouden met veiligheid, zoals de inlichtingendienst en de drugsbestrijding. Daar komen nu vijf instellingen bij, zoals grensbewaking, het Openbaar Ministerie en de Hoge Raad.
Volgens een inventarisatie door een burgerrechtenorganisatie werken er nu al bijna drieduizend militairen op civiele functies. Daar komt nu een beperkt aantal plekken bij. De wet voorziet ook in een verhoging van de pensioenleeftijd voor officieren (naar maximaal 63 jaar). Allemaal slechts bedoeld, verzekert een woordvoerder, om het expertiseniveau binnen de overheid hoog te houden.
Sommige deskundigen stellen het omgekeerde: wat weet een militair nou van importtarieven of van maïs verbouwen? De groeiende inzet van het leger, waarschuwen zij, kan leiden tot negatieve economische gevolgen. Niet alleen omdat gewone bedrijven (inclusief staatsbedrijven) werk mislopen, maar ook omdat militairen doorgaans niet uitblinken in efficiëntie.
Noodzakelijkerwijs loopt de staatsschuld op of zijn enorme ombuigingen noodzakelijk, zoals bijna een halvering van het budget van het ministerie van Onderwijs. In Papua demonstreerden scholieren bijvoorbeeld met de leus: ‘Liever onderwijs, dan gratis lunch!’ Van de weeromstuit kijken buitenlandse investeerders de kat uit de boom of ze wijken uit naar buurlanden als Vietnam of Maleisië.
Het Indonesië van nu staat ver af van de dagen van Soeharto. Democratische instituten als parlement, rechtbank en anti corruptie-commissie zijn veel sterker dan destijds, de burgerrechtenbeweging is actief, zoals afgelopen weken is gebleken, en er is redelijk veel persvrijheid. Maar al die verworvenheden staan wel onder druk; dat was al zo voor het aantreden van Prabowo.
Veel boosheid en economische schade kan volgens deskundigen worden weggenomen door betere communicatie en meer transparantie. Minder retoriek en meer uitleg, ook over de financiële dekking. Over de gewraakte militaire wet werd, tot woede van veel demonstranten, gedebatteerd achter de gesloten deuren van een luxe hotel naast het parlementsgebouw.
Prabowo zelf heeft publiekelijk niet gereageerd op de commotie. Wel prees hij volgens Indonesische media recentelijk zijn ministers tijdens een kabinetsberaad. Zij hebben veel bereikt in korte tijd, vindt de president, al moeten zij beter gaan communiceren met het volk.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant