Eerder deze week zaten Europese regeringsleiders opnieuw om de tafel om te praten over de bescherming van Oekraïne. De zogenoemde coalitie van bereidwillige landen kwam niet tot harde afspraken. Toch zeggen experts dat er veel vooruitgang wordt geboekt.
In totaal spraken regeringsleiders van dertig landen met elkaar in het Palais de l'Élysée in Parijs. De coalitie bestaat voornamelijk uit Europese landen, maar ook Turkije, Canada en Australië schoven aan.
De aanwezige landen willen met een plan komen dat Oekraïne tijdens een eventueel bestand beschermt. Harde afspraken zijn er nog niet, maar plannen voor een sterk Oekraïens leger, internationale troepenmachten en militaire steun kregen meer vorm.
Daar koopt Oekraïne (voorlopig) niks voor. De Europese landen lijken zodoende het vooroordeel te bevestigen dat ze alleen goed zijn in praten, niet in daadkrachtig optreden. Niets is minder waar, zeggen experts.
"Niemand had het tot voor kort voor mogelijk gehouden dat er zo'n korte tijd zoveel Europese leiders bijeen zouden komen", zegt hoogleraar Oorlogsstudies Frans Osinga van de Universiteit Leiden tegen NU.nl.
De bal kwam aan het rollen tijdens de veiligheidsconferentie in München in februari. De Amerikaanse vicepresident JD Vance zei toen dat de Verenigde Staten en Europa niet noodzakelijkerwijs op één lijn zitten. Dat werd later die maand onderstreept tijdens het bezoek van de Oekraïense president Volodymyr Zelensky aan het Witte Huis. Daar kwam het tot een vijandige en publiekelijke ruzie tussen Zelensky, Donald Trump en Vance.
De ruzie tussen Zelensky en Trump maakte duidelijk dat de eenheid van het Westen niet meer vanzelfsprekend is. En dat als Europa veiligheidsgaranties aan Oekraïne wil kunnen bieden, het de eigen broek moet kunnen ophouden.
Krap twee dagen later wisten Europese leiders in Londen een aantal belangrijke afspraken te maken om Oekraïne te blijven steunen in de oorlog. Ook kondigde de Britse premier Keir Starmer onder meer een "coalitie van bereidwilligen" aan om Oekraïne veiligheidsgaranties te bieden.
Leiders uit veertien landen woonden die grote Europese defensietop in Londen bij. De meesten waren Europees, maar ook de Canadese premier Justin Trudeau en de Turkse minister van Buitenlandse Zaken, Hakan Fidan, waren aanwezig. EU-president Ursula von der Leyen en NAVO-topman Mark Rutte stonden eveneens op de gastenlijst.
Op 15 maart was er opnieuw overleg. Andermaal onder leiding van Starmer, maar dan digitaal. Het aantal deelnemers aan de coalitie van Oekraïnehelpers was toen al opgelopen naar 26.
Een halve week later, op 20 maart, staken de legerleiders van de betrokken landen de koppen bij elkaar in Londen, om daar de praktische kanten van de veiligheidsgaranties te bespreken.
De Europese Commissie presenteerde diezelfde week de zogenoemde paraatheidsstrategie. Met dit plan moet de defensie-industrie Europa weer bewapenen en gevechtsklaar maken. En dat alles binnen vijf jaar. "Het kan allemaal, maar om dat ook binnen vijf jaar te realiseren, moet er heel snel heel veel in gang gezet worden", zei Osinga eerder tegen NU.nl
En zoals gezegd was er donderdag wéér een topoverleg, ditmaal met dertig deelnemers.
"Het schortte in Europa steeds aan de politieke wil om écht werk te maken van defensie en veiligheid", zegt hoogleraar en brigadegeneraal Han Bouwmeester. "De urgentie wordt nu gevoeld en dan zie je dat er in één keer heel veel kan. Een half jaar geleden sprak niemand over herbewapening, terwijl het nu al over de praktische uitvoering ervan gaat."
De regeringsleiders van de EU-landen zijn dan ook al akkoord met het plan om Europa binnen vijf jaar weer te bewapenen en gevechtsklaar te maken. Daar wordt dus werk van gemaakt.
Daarnaast werden eerder deze maand plannen gepresenteerd waarmee lidstaten de defensie-uitgaven flink kunnen opschroeven. Dit ReArm Europe Plan moet honderden miljarden euro's vrijmaken voor investeringen in defensie.
Source: Nu.nl algemeen