Vreugde vult het gezicht van Rita Verdonk zodra het radicaal-rechtse kabinet ter sprake komt: ‘Ik ben héél blij’; ‘triest dat het twintig jaar moest duren’; ‘daar staan vákmensen’; ‘dit is wat de kiezers willen’.
Maar daarna wil ze ook weten: ‘Wat bedoel jij nou eigenlijk met radicaal-rechts?’
Rita Verdonk (69) stopt als gemeenteraadslid, ze stelt zich niet meer verkiesbaar als volksvertegenwoordiger namens Hart voor Den Haag van ombudspoliticus Richard de Mos – ‘mijn familie wil het niet meer’ – maar vooral: ‘Drie jaar oppositie gaat je niet in de koude kleren zitten’; ‘het is alsof je tegen een muur zit te praten, niemand praat meer met elkaar.’ Evengoed mogen ze haar bellen voor een wethouderschap.
Over de auteur
Toine Heijmans is rondreizend columnist van de Volkskrant. Daarnaast is hij romanschrijver.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Toch lijkt dit een aardig moment af te spreken in Bodega de Posthoorn, en haar te vragen naar het radicaal-rechtse kabinet. Verdonk was boegbeeld van wat je de eerste populistische golf kunt noemen, twintig jaar geleden. IJzeren Rita was de bijnaam die ze kreeg als VVD-minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie (2003-2006). Ze weigerde een generaal pardon voor duizenden asielzoekers die al jaren in Nederland verbleven, weigerde het Nederlanderschap aan voetballer Salomon Kalou, wilde de Nederlandse taal op straat verplicht stellen en kwam met een ‘integratieladder’ die moest vastleggen hoe het met de inburgering stond – te vergelijken met het plan dat VVD-Kamerlid Bente Becker onlangs op een storm van kritiek kwam te staan.
Blader eens terug en de politiek van toen is de politiek van nu, met Marjolein Faber als Rita Verdonk. Of niet?
Nou, ze heeft Faber na haar aantreden geappt ‘om sterkte te wensen’, net zoals zij destijds een brief kreeg van oud-staatssecretaris Elizabeth Schmitz: ‘Trek je niets aan van de kritiek’. Maar Fabers starheid is ook Verdonk teveel. ‘Ze heeft de drive maar doet het niet altijd handig en dat leidt af. Soms denk ik: bijt even op je tong en laat de mensen zien dat je stappen voorwaarts maakt.’
Van de week was zelfs IND-directeur Rhodia Maas duidelijk over het gehaast doordrukken van nieuwe asielwetten, een loyale ambtenaar met 35 jaar ervaring in het vreemdelingenbeleid. ‘Dat moet Faber toch aan het denken zetten. Ik snap wel dat ze door wil, maar het is belangrijk ook te luisteren, als minister, om draagvlak te creeëren. Een open lijn te houden met je ambtenaren.’
Dat idee om strenge borden bij asielcentra te zetten: ‘Niet mijn idee.’
Dick Schoof kent ze ook als ambtenaar, dat hij premier werd heeft haar verrast. ‘Ik hoop dat hij snelt groeit in zijn rol, het mag wel iets soepeler.’ Tegelijk: ‘Ik ben er als minister nooit heel gerust op geweest dat hij echt achter mijn beleid stond. Maar ik gun hem een mooie carrière en resultaten.’
Na een nipt verloren lijsttrekkersstrijd met Mark Rutte (2007) moest Verdonk de VVD verlaten en begon ze voor zichzelf met Trots op Nederland dat grote verwachtingen wekte maar ze niet waarmaakte – het lot dat vervolgens een hele slinger aan populistische partijen trof. ‘Zo moeilijk is het dus tegen het systeem in te gaan.’ Met het woord ‘populisme’ heeft ze geen moeite, ‘dat is een geuzennaam, maar van opportunisme krijg ik een vieze smaak in mijn mond’. Dat gaat over Dilan Yesilgöz, die de VVD eerst hard naar rechts trok en nu het lijkt uitgewerkt, de andere kant opzoekt.
Dit radicaal-rechtse kabinet krijgt weinig voor elkaar, zeg ik. Rita Verdonk: ‘Dat is makkelijk gezegd, geef ze de tijd. Ik hoop op daadkracht.’
Dan vraagt ze: ‘Maar wat bedoel jij nou eigenlijk met radicaal-rechts?’
Politiek die mensen in groepen verdeelt, zeg ik, en de schuld van problemen afschuift op vreemdelingen.
‘Maar je lost niets op door politici radicaal-rechts te noemen, daar zet je mensen mee in een hoek. Noem het rechts, realistisch-rechts of rechts-rechts, maakt niet uit, het gaat erom dat mensen stemmen op die partijen, op Geert en Trump. Die zijn gekozen, die moet je niet wegzetten. Dat is het mooie aan democratie, en aan dit kabinet: geef dat een kans, luister naar de problemen die het blootlegt.’
Nogmaals: ‘Het gaat uiteindelijk om luisteren en praten’.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant