Home

Opinie: Het laatste restje Turkse democratie vecht nu voor haar leven

Met de arrestatie van de populairste politicus van Turkije lijkt president Erdogan zelfs aan de beperkte democratie in het land een einde te willen maken, betoogt auteur en Nobelprijswinnaar Orhan Pamuk.

Eerder deze maand is de belangrijkste politieke rivaal van president Erdogan, de burgemeester van Istanbul, Ekrem Imamoğlu, gearresteerd op grond van duidelijk verzonnen aanklachten van corruptie en terrorisme. Sindsdien ligt het Taksimplein – de grootste toeristische trekpleister van de stad en knooppunt van politieke demonstraties – er verlaten bij, want het is door de politie afgezet. In de vijftig jaar dat ik in Istanbul woon, heb ik nog nooit zoveel zogenaamde veiligheidsmaatregelen op straat gezien als in de afgelopen paar dagen.

Het metrostation Taksim is gesloten, evenals vele andere drukke stations in de stad. Het regiobestuur heeft beperkingen opgelegd aan auto’s en bussen die de stad in willen. De politie controleert binnenkomende voertuigen en iedereen die ervan wordt verdacht om naar de stad te komen om te protesteren, wordt weggestuurd. Hier en overal elders in het land staan de televisies continu aan zodat mensen de laatste, verontrustende politieke ontwikkelingen kunnen volgen.

In de afgelopen week heeft het stadsbestuur alle openbare protesten en politieke demonstraties verboden – rechten die in de grondwet verankerd zijn. Desalniettemin zijn er voortdurend ongeoorloofde demonstraties en botsingen met de politie, zelfs nu toegang tot het internet wordt beperkt in een poging om bijeenkomsten tegen te gaan. De politie zet meedogenloos traangas in en heeft talloze mensen gearresteerd.

We vragen ons af hoe zulke extreme dingen kunnen plaatsvinden in een land dat lid is van de Navo en hengelt naar het EU-lidmaatschap. Terwijl de wereld vooral bezig is met Trump, met de oorlogen tussen Palestina en Israël en tussen Oekraïne en Rusland, vecht het laatste restje Turkse democratie nu voor haar leven.

Over de auteur

Orhan Pamuk is schrijver van onder meer Het zwarte boek, Ik heet Karmozijn en Het museum van de onschuld. In 2006 won Pamuk de Nobelprijs voor de Literatuur.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

IJzerenvuistbewind

Met het vastzetten van Erdogans belangrijkste rivaal – een politicus die massale steun op de been kan brengen – bereikt het autocratische, ijzerenvuistbewind van Erdogan een dramatisch, nooit eerder vertoond niveau. De arrestatie van Imamoğlu kwam slechts enkele dagen voordat de belangrijkste oppositiepartij van Turkije hem tijdens een voorverkiezing formeel zou benoemen tot presidentskandidaat. Zowel voor- als tegenstanders van de regering zijn het nu over één ding wel eens: Erdogan beschouwt Imamoğlu als een politieke dreiging en wil van hem af.

Bij de laatste drie burgemeestersverkiezingen van Istanbul won Imamoğlu meer stemmen dan Erdogans eigen Partij voor Rechtvaardigheid en Ontwikkeling. Toen Imamoğlu bij de verkiezing van april 2019 de kandidaat van die partij versloeg, verklaarde Erdogan de resultaten ongeldig, zogenaamd vanwege technische onregelmatigheden. De verkiezing werd twee maanden later opnieuw gehouden en Imamoğlu won opnieuw, dit keer met een nog groter verschil.

Bij de volgende verkiezing in 2024, na vijf jaar burgemeesterschap, versloeg Imamoğlu de kandidaat van Erdogans partij opnieuw en werd hij voor de derde maal burgemeester van Istanbul. Imamoğlu’s staat van dienst en zijn stijgende populariteit hebben van hem de belangrijkste oppositiekandidaat gemaakt die het bij de volgende presidentsverkiezingen wel eens met succes tegen Erdogan zou kunnen opnemen.

Hetzelfde draaiboek

Het opmerkelijke van dit alles is dat Erdogan hetzelfde draaiboek lijkt te gebruiken dat 27 jaar geleden tegen hemzelf is gebruikt. In 1998 was Tayyip Erdogan de gekozen burgemeester van Istanbul en een populaire figuur. Het wereldlijke en militaire establishment vond zijn versie van de politieke islam echter gevaarlijk. Ook hij werd toen gevangengezet en aangeklaagd (in zijn geval voor het aanwakkeren van religieuze haat omdat hij bij een bijeenkomst een politiek gedicht had voorgedragen). Erdogan werd afgezet als burgemeester en zat vier maanden in de gevangenis.

Door zijn gevangenschap en trotse weigering om met het establishment samen te werken of te buigen voor de onderdrukkende eisen van het leger werd zijn politieke profiel alleen maar sterker. Zoals door sommige commentatoren al is opgemerkt, kan de arrestatie van Imamoğlu, die alle aanklachten heeft ontkend en ook heeft gezworen ‘niet te buigen’, wel eens hetzelfde onvoorziene resultaat hebben. Dat zou de burgemeester alleen maar nog populairder maken.

Blokeren presidentskandidatuur

Toch is de situatie niet helemaal vergelijkbaar. In Imamoğlu’s geval is er sprake van een vooropgezette en vastbesloten poging om zijn presidentskandidatuur te blokkeren. Een dag voor de politie naar het huis van Imamoğlu werd gestuurd, werd in de Erdogan-getrouwe pers en door de door Erdogan benoemde rector van de universiteit van Istanbul het universitaire diploma van Imamoğlu ongeldig verklaard, zogenaamd vanwege onregelmatigheden in zijn overstap van een privé-universiteit. Aangezien alleen afgestudeerden mogen deelnemen aan presidentsverkiezingen in Turkije, zou Imamoğlu daarmee zijn uitgesloten. Imamoğlu heeft aangekondigd om dit besluit aan te vechten.

Daarna volgden de beschuldigingen van corruptie en terrorisme.

Het aanmerken van politieke tegenstanders als ‘terroristen’ is een gewoonte van Erdogan geworden na de mislukte militaire coup van 2016, toen een factie van de Turkse krijgsmacht zijn bewind ten val wilde brengen. Toen de Oostenrijkse schrijver Peter Handke – die bekritiseerd was vanwege zijn steun aan wijlen de Servische leider Slobodan Milosevic – de Nobelprijs voor Literatuur kreeg, was Erdogan daar fel op tegen. Verrast en zonder autocue verklaarde hij: ‘Die prijs hebben ze ook aan een terrorist uit Turkije gegeven!’

Ik zou die dag vanuit New York terugvliegen naar Istanbul en stond op het punt mijn vlucht te annuleren, toen een woordvoerder van Erdogan verklaarde dat de president daarmee niet mij had bedoeld.

Controle over rijkdom

Een door Erdogan aangestuurde rechter heeft Imamoğlu nu laten vastzetten op grond van de aanklacht wegens corruptie, maar niet vanwege ‘terrorisme’-verdenkingen. Door dat laatste zou president Erdogan namelijk de kandidaat van zijn voorkeur kunnen installeren als burgemeester van Istanbul – een ambt dat zijn partij nu al bij drie opeenvolgende verkiezingen niet heeft weten te veroveren – en hem zo, vrezen sommigen, in staat stellen een deel van de eindeloze stroom aan belastinginkomsten van de stad om te leiden naar publiciteits- en propaganda-activiteiten van zijn eigen partij.

Door Imamoğlu op te sluiten, schuift Erdogan niet alleen een populairdere politieke rivaal terzijde: hij probeert ook weer controle te krijgen over een rijkdom aan middelen die hij zeven jaar lang niet heeft kunnen aanraken. Als hij daarin slaagt, zullen bij de volgende presidentsverkiezingen alleen nog de gezichten van Erdogan en zijn kandidaten te zien zijn op de muren van de stad en op de verlichte gemeentelijke reclameborden.

Verkiezingsdemocratie

Voor wie de Turkse politiek nauwlettend volgt, komt dit niet als een verrassing. In de afgelopen tien jaar is Turkije geen echte democratie meer geweest – alleen maar een verkiezingsdemocratie: je kunt wel stemmen op de kandidaat van je voorkeur, maar daarmee heb je nog geen vrijheid van spreken of denken. De Turkse staat doet er juist alles aan om de bevolking tot eenvormigheid te dwingen. Niemand heeft het over de vele journalisten en ambtenaren die in de afgelopen dagen willekeurig zijn opgepakt; hetzij in een poging om de aanklachten wegens corruptie tegen Imamoğlu gewichtiger en geloofwaardiger te maken, hetzij omdat ze ervan uitgaan dat niemand daar oog voor heeft nu er zoveel gaande is.

Nu de populairste politicus van het land, de kandidaat die een meerderheid zou hebben gekregen bij de volgende landelijke verkiezingen, is gearresteerd, komt er zelfs aan deze beperkte vorm van democratie nu een einde. Dat is onacceptabel, ongelooflijk verontrustend en daarom sluiten steeds meer mensen zich aan bij de huidige protesten. Op dit moment valt niet te voorzien wat er nu gaat gebeuren.

Vertaling: Leo Reijnen

Buitenlandse commentaren

Tram

‘Hoewel ze zich vaak als rivalen hebben gedragen, hebben de 71-jarige Erdogan en de 72-jarige Poetin veel gemeen. Beiden zijn al meer dan twee decennia aan de macht. Beiden delen dezelfde afkeer van het Westen. Beiden gebruikten de democratie om hun macht te consolideren, voordat ze geleidelijk iedereen die hen in de weg stond (de rechterlijke macht, de intellectuelen, de media, de oppositie...) met vergelijkbare methoden uitschakelden. Beiden koesteren neo-imperialistische ambities en aarzelen niet om geweld te gebruiken om naburige volkeren te onderwerpen. (...) ‘Democratie is als een tram. Als je eenmaal op je bestemming bent aangekomen, stap je uit’, zei Erdogan in 1996. Nu heeft hij het laatste station bereikt: de dictatuur.’
Luc de Barochez, commentator van de Franse tijdschrift Le Point

Loyaliteit

‘Erdogan kent het recept om de macht over de pers, de rechterlijke macht, de politie en het leger te krijgen en ze vervolgens allemaal te gebruiken om voor altijd aan de macht te blijven (...) Uiteindelijk is het niet het aantal demonstranten, maar de loyaliteit van de naaste bondgenoten van de autocratische heerser en vooral van het leger dat bepaalt of de dictator of de massa wint. De meeste autocratische heersers weten dit en zorgen ervoor dat hun eigen gelederen gesloten blijven. Een interventie van buitenaf, bijvoorbeeld door de EU, bereikt zelden iets en kan zelfs schadelijk uitpakken als het daarmee de propaganda versterkt dat de oppositie zou worden aangestuurd door buitenlandse machten.’
Eric Frey, commentator van de Oostenrijkse krant Der Standard

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next