Home

NAVO-lidstaten zoeken in Nederland antwoord op luchtaanval met drones

De oorlog in Oekraïne laat zien dat drones een cruciale rol spelen in moderne oorlogsvoering. Tijdens een grote militaire oefening op de voormalige Limburgse luchtmachtbasis de Peel proberen vijftien Europese NAVO-landen het antwoord te vinden op deze dreiging vanuit de lucht.

Tot voor kort moesten landen in oorlog wat het luchtruim betreft alleen oppassen voor vijandige vliegtuigen, helikopters en raketten. Maar de oorlog tussen Rusland en Oekraïne heeft een nieuw wapen gebracht: de drone. Het conflict heeft zich zelfs ontwikkeld tot een ware droneoorlog.

Afgelopen november bestookten de Russen Oekraïne met bijna 2.500 drones, blijkt uit cijfers van het Center for Strategic and International Studies. Twee jaar eerder waren dat maar 64 drones in een hele maand. Die enorme groei in het aantal droneaanvallen laat zien hoe effectief en succesvol drones op het slagveld zijn. Maar ook hoe belangrijk het is dat de luchtverdediging zich daarop aanpast.

Mede daarom vindt op de voormalige Limburgse luchtmachtbasis de Peel een tiendaagse NAVO-oefening plaats. Onder leiding van Nederland en Duitsland oefenen vijftien Europese NAVO-landen met de inzet van luchtverdediging. Ook de nieuwe NAVO-lidstaten Zweden en Finland doen aan deze oefening mee.

Er wordt onder meer geoefend met het detecteren van droneaanvallen. Drones zijn moeilijker op te merken dan bijvoorbeeld een luchtaanval met een straaljager, helikopter of raket. Op de radar is een drone vaak niet te onderscheiden van een vogel. Maar met een netwerk aan sensoren, waaronder camera's, microfoons en radioantennes, blijken luchtverdedigers toch in staat te zijn om een droneaanval te herkennen.

In de oorlog in Oekraïne worden veel verschillende drones ingezet. Zo zijn er spionage- en afleidingsdrones, maar ook kamikaze- en bommenwerperdrones.

De uitdaging voor de luchtverdediging is om te bepalen welke drones een bedreiging vormen en welke niet. Vervolgens moet een geschikte manier gekozen worden waarmee zo'n risicovolle drone onschadelijk kan worden gemaakt. Dat kan bijvoorbeeld met een stoorzender, zoals te zien is op de foto hieronder.

Zowel Rusland als Oekraïne probeert elkaars luchtverdediging te overrompelen door grote hoeveelheden drones tegelijk op de tegenstander af te sturen. De luchtverdediging slaagt er dan niet in om alle drones onschadelijk te maken, waardoor een aantal drones toch doel zal treffen.

Dat valt ook op tijdens de oefening. "De teams werden knettergek van alle meldingen en het luchtverdedigingssysteem werd overvraagd", vertelt brigadegeneraal Peter Gielen, die de oefening begeleidt. "We kunnen hieruit opmaken dat de verdediging tegen drones zich moet concentreren op de belangrijkste dreigingen."

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next