Home

Voor de Spaanse premier Sánchez is de herbewapening van Europa thuis maar moeilijk te verkopen

Terwijl de EU zich warmloopt voor een herbewapeningsoperatie die haar weerga niet, stribbelt Spanje tegen. In Madrid is de afkeer van fors hogere uitgaven aan het leger groter dan de angst voor Vladimir Poetin. ‘Ik vind de term herbewapenen helemaal niks.’

is correspondent Spanje, Portugal en Marokko van de Volkskrant. Hij woont in Madrid.

Zelfs Dick Schoof, zo’n beetje de laatste tegenstander van eurobonds in Brussel, voelde zich vrij om Spanje donderdagnacht streng toe te spreken. ‘Spanje moet gewoon vol meedoen’, zei de Nederlandse premier tegen De Telegraaf, na afloop van een EU-top over de versterking van de Europese defensie.

Schoof reageerde daarmee op de aarzelingen van de Spaanse premier Pedro Sánchez over ReArm Europe. Met die operatie van 800 miljard euro moet de Europese Unie binnen vijf jaar een geloofwaardige defensiemacht worden, om zo weerstand te kunnen bieden aan de Russische dreiging. Dat betekent: investeringen in soldaten, raketten, drones en tanks.

Al aan het begin van de top maakte Sánchez duidelijk dat hij veel op die plannen aan te merken heeft. Om te beginnen op de naam. ‘Ik vind de term ReArm (herbewapenen, red.) helemaal niks’, zei de sociaaldemocraat voor de camera’s van de Spaanse pers. ‘Ik deel die term niet.’

Liever spreekt Sánchez van investeringen in ‘veiligheid’. Een breder begrip waarbinnen, zo hoopt de Spaanse premier, een deel van de miljarden ook gebruikt mag worden voor zaken als grensbewaking, cybersecurity of zelfs bescherming tegen de gevaren van klimaatverandering.

Poetin niet over Pyreneeën

Met dat pleidooi wijkt de sinds 2018 zittende Sánchez sterk af van de Europese consensus. Die is erop gericht alles op alles te zetten om Poetin af te schrikken van verdere militaire avonturen, nu de Verenigde Staten die taak niet meer als vanzelfsprekend op zich nemen. In Spanje wordt die noodzaak lang niet zo intens gevoeld. ‘De bedreiging voor ons is niet een Rusland dat z’n troepen de Pyreneeën over stuurt’, zei Sánchez eerder deze maand.

Madrid kijkt met meer vrees naar het zuiden. Zoals naar de Afrikaanse Sahel-regio, waar terrorisme, armoede en verwoestijning een volksverhuizing op gang hebben gebracht. Vanuit landen als Mali, waar de Russische huurlingen van de Wagner-groep zich in de chaos hebben gemengd, maken tienduizenden inwoners jaarlijks de levensgevaarlijke overtocht naar de Canarische Eilanden. Dat is Spaans grondgebied.

Bibbers van ambities Marokko

Marokko, een ongemakkelijk buurland, voelt zich intussen sterk met Donald Trump terug in het Witte Huis. In zijn eerste termijn bezorgde Trump de Marokkanen al een enorme diplomatieke overwinning door voor het eerst de Westelijke Sahara als Marokkaans grondgebied te erkennen. In ruil knoopte Marokko betrekkingen aan met Israël.

Hoe zat het ook alweer met de Westelijke Sahara?
Zeven vragen en antwoorden over het betwiste gebied.

Marokko maakt er geen geheim van ook uit te zijn op Ceuta en Melilla, twee Spaanse enclaves in Noord-Afrika. De gedachte dat er serieus getouwtrek kan ontstaan rond deze twee steden, bezorgt Spanje de bibbers.

Sánchez probeert de onrust aan de zuidflank al jaren hoger op de agenda van Brussel en de Navo te zetten. Veel meer dan frustratie en een bescheiden EU-akkoord met Mauritanië over het tegenhouden van migranten leverde dat niet op. Zijn oproep om de miljarden voor de Europese defensie breder in te zetten, moet in het licht van deze zorgen worden gezien.

Coalitiepartner ligt dwars

Nog meer dan voor de Brusselse onderhandelingstafel zijn Sánchez’ woorden bedoeld voor binnenlands gebruik. Zijn eigen sociaaldemocratische PSOE is het probleem niet: die stemt wel in met de defensieplannen. Veel lastiger liggen die voor Sumar, de kleinere partner in de linkse coalitie.

Voor Sumar, een uiterst linkse, anti-militaristische partij, zijn extra uitgaven aan defensie een gruwel. Dat terwijl geen land in de Navo op dit moment minder uitgeeft aan het eigen leger dan Spanje (1,28 procent van het bbp).

Terwijl de premier zich donderdag opmaakte voor zijn EU-top, stemde Sumar in het Spaanse Congres voor een controversiële motie van een kleine, linkse oppositiepartij. Die riep de regering op om zich tegen de plannen van 800 miljard euro te keren – en meteen ook maar de Navo te verlaten.

Van tevoren stond vast dat de motie het niet zou halen, maar Sumar gaf met haar stem wel een duidelijk signaal af: Pedro Sánchez, je speelruimte is beperkt.

Zelfde schuitje als Meloni

De Spaanse premier zit in een soortgelijke positie als zijn Italiaanse collega Giorgia Meloni. Ook zij heeft zich kritisch uitgelaten over ReArm Europe, en ook zij ligt onder vuur van haar eigen coalitie. Vicepremier en concurrent Matteo Salvini, leider van het rechtse Lega, ruikt in Rome een electorale buitenkans.

Net als Meloni moet Sánchez een evenwicht zien te vinden tussen het binnenboord houden van zijn coalitiepartner en het zijn van een betrouwbare gesprekspartner in Brussel. Beeldvorming is daarvoor minstens zo belangrijk als de inhoud van de plannen.

Dat ook de Europese Commissie dat inziet, blijkt wel uit het feit dat ReArm Europe in de nieuwste versie is omgedoopt tot Readiness 2030. Geen herbewapening, maar ‘gereedheid’: een symbolische handreiking aan Sánchez en Meloni.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next