Staatssecretaris Ingrid Coenradie moet een door haar voorgangers veroorzaakt probleem oplossen. Op haar coalitiepartners hoeft ze daarbij niet te rekenen.
Tijden veranderen overal, dus ook in de politiek, alleen gaat het daar wel steeds sneller. Wat op het ene moment nog de dominante politieke mode is (het afschaffen van de studiefinanciering, het sluiten van de verzorgingshuizen, het vermarkten van de woningbouw), kan een paar jaar later alweer omslaan in diepe spijt. De huidige commotie over het cellentekort is het jongste voorbeeld.
Zo lang geleden is het immers niet dat het personeel van de gevangenissen de straat op ging om te demonstreren tegen de voorgenomen sluiting van 26 gevangenissen. Het was 2013, het tweede kabinet-Rutte kampte met chronisch geldtekort en de VVD-bewindslieden Fred Teeven en Ivo Opstelten besloten tot een enorme bezuinigingsoperatie in het gevangeniswezen.
Dat leek nog niet eens zo onlogisch, want er stonden veel cellen leeg. Wel negeerde het kabinet alle bezwaren van het personeel en van lokale bestuurders die vonden dat er zó rigoureus werd gesneden dat in feite het hele Nederlandse gevangenisstelsel werd gesloopt, en wel zodanig dat het ook niet mee zou vallen om het weer op te bouwen als dat nodig mocht zijn. Ook een groot deel van het personeel belandde immers op straat.
Dat weerhield de daaropvolgende kabinetten er niet van om een groter beroep op de celcapaciteit te doen. Voor vele delicten werd de strafmaat fors verhoogd, voor tal van zware misdrijven werd de voorwaardelijke straf als mogelijkheid geschrapt, er wordt steeds vaker levenslang opgelegd en het strafmaximum voor doodslag werd door het parlement verhoogd naar 25 jaar.
Zo stroomden de overgebleven cellen vol, werd het vanzelf ‘Code Zwart’ en mag dienstdoend staatssecretaris Ingrid Coenradie de door haar voorgangers veroorzaakte situatie proberen op te lossen. Al zeker 3.500 veroordeelden zitten thuis in plaats van in de cel. Coenradie is koortsachtig op zoek naar extra cellen, er worden alweer gevangenissen heropend, maar op korte termijn is de keuze vrij helder, benadrukt zij: ofwel minder mensen arresteren, ofwel de celstraffen iets eerder laten aflopen. Ze kiest voor het laatste, ‘met pijn in mijn hart’.
Van een parlement dat in hoge mate zelf bijdroeg aan het probleem – de VVD-fractie voorop – zou je enig mededogen verwachten, maar in plaats daarvan gaan de liberalen samen met de BBB en Coenradies eigen PVV voorop in luidruchtig verzet.
Het alternatief dat zij bieden is om (veel) meer mensen op een cel te zetten, de cellen dagelijks langer op slot te houden en de dagprogramma’s voor gedetineerden te versoberen. Aan de kritiek van het personeel dat dat niet ten goede komt aan de werkdruk, de veiligheid en de succesvolle re-integratie in de samenleving van de gedetineerden (met nieuwe straffen en dus nog meer beroep op de celcapaciteit tot gevolg) gaan ze gemakshalve voorbij.
Dinsdag gaan ze de staatssecretaris per motie verbieden om haar plan uit te voeren. Zij mag het dan verder zelf uitzoeken. Dat de meeste oppositiepartijen meer begrip hebben voor Coenradies lastige afweging dan haar eigen regeringspartners, zegt veel over het bestuurlijke niveau dat deze coalitie heeft bereikt.
In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant