Bijna een kwart van de vrouwen in Nederland maakt seksueel geweld mee. In de documentaire Blauwe ballen en andere verkrachtingsmythes onderzoekt filmmaker Sunny Bergman wie de mannen zijn die hun dat aandoen. Worden zij als verkrachter geboren? Een dubbelinterview met Bergman en expert seksuele ontwikkeling Belle Barbé.
Ze heeft de nieuwe documentaire van Sunny Bergman gisteravond samen met haar man op de bank bekeken, vertelt expert seksuele ontwikkeling Belle Barbé (32). Hoewel de film nog geen vijf kwartier duurt, deden ze er zo’n drie uur over. ‘Om de beurt tikten we op de pauzeknop, er was zoveel te analyseren en bespreken.’ Had haar vriend weleens iemands grens in bed overschreden? Had Barbé dat meegemaakt? Voeden ze hun twee zoons anders op dan hun twee dochters? Het was een lange avond geworden. ‘Ik vind het Sunny’s beste film tot nu toe. Het is nogal een gespreksstarter.’
Maar dat kan ook beroepsdeformatie zijn. We spreken elkaar in het kantoor van De Seksualiteitschool, het door Barbé opgerichte opleidingsinstituut waar zorg- en onderwijsprofessionals, ouders en opvoeders terecht kunnen voor (bij)scholing over seksuele ontwikkeling. Filmmaker Sunny Bergman (52) schuift aan voor een dubbelinterview naar aanleiding van haar nieuwe film. Op het voorstel van de Volkskrant om Barbé uit te nodigen als gesprekspartner, om zo verder te praten waar haar documentaire eindigt – bij de vraag wat er moet veranderen aan onze cultuur en seksuele voorlichting om seksueel geweld te stoppen – had ze verheugd gereageerd. ‘Enorm boeiend, daar kan ik vast van leren.’ Om daar later aan toe te voegen: ‘En ik heb twee zonen!’.
In persoonlijke overdenkingen over haar eigen ervaringen met seksueel geweld en in openhartige gesprekken met zowel slachtoffers als (potentiële) plegers, laat Bergman in Blauwe ballen en andere verkrachtingsmythes (VPRO) zien hoe we als maatschappij omgaan met seksueel geweld.
Sunny, wanneer realiseerde jij je dat dit een probleem is van ‘epidemische proporties’, zoals jij het noemt?
Bergman: ‘O, al zo lang. Toen ik twaalf jaar geleden mijn boek Sletvrees schreef, kwamen er veel herinneringen aan seksuele ervaringen naar boven waarvan ik dacht: hm, dit gebeurde bij nader inzien niet met consent. Als ik het daar met vriendinnen over had, waren er veel met soortgelijke ervaringen. Ook wel vriendinnen die het juist niet herkenden hoor, gelukkig – maar dat zorgde er dan weer voor dat ik me afvroeg of ik er zelf verantwoordelijk voor was geweest. Koos ik de verkeerde mannen uit, had ik het over me afgeroepen, was ik ‘te makkelijk’ geweest? Ik ging mezelf de schuld geven en werd daar best onzeker van. Maar dat zoveel vrouwen het juist herkenden, maakte wel dat ik begreep dat het een probleem van grote omvang was.’
Haar film opent met een ijzersterk beeld. Bergman vraagt aan tientallen vrouwen of zij weleens seksueel geweld hebben meegemaakt. Bijna iedereen. Dan een vlijmscherpe tegenvraag aan de tientallen mannen die plaatsnemen in haar biechthok op wielen. ‘Heb je weleens iemand verkracht?’ Stellige ontkenning. Deze mannen zouden zoiets nooit doen.
Hebben mannen en vrouwen een ander idee van wat seksueel geweld is?
Bergman: ‘Ik denk dat we daar allemaal een verkeerd beeld van hebben. Ik dacht vroeger ook dat een verkrachting altijd met een mes op de keel in de bosjes plaatsvond. De term ‘seksueel geweld’ is misschien misleidend. Ook als je bevriest, of meewerkt tegen je zin, als je wordt gemanipuleerd of onder druk wordt gezet, dan wordt je lichamelijke integriteit aangetast. Daarmee wordt jou geweld aangedaan. Ik heb wel de indruk dat vrouwen meer met elkaar praten over dit soort misbruik en over grensoverschrijdend gedrag, en daardoor weten dat het op grote schaal gebeurt. Meer dan mannen.’
Barbé: ‘Mensen vinden een vorm van veiligheid in denken dat een verkrachting altijd ergens in de bosjes gebeurt. Van dat sterke beeld kunnen ze zich distantiëren. Vrouwen kunnen denken: als ik ’s avonds laat niet alleen over straat ga, word ik niet verkracht. Mannen kunnen denken: ik ben geen gewelddadige, enge man, ik doe zoiets niet. Maar de definitie van verkrachting, zoals die nu ook is opgenomen in de nieuwe Wet seksuele misdrijven, is seks waarbij de een weet, of had kunnen weten, dat de ander geen seks wil, maar toch doorgaat. Uit onderzoek weten we dat seksueel geweld het meest voorkomt tussen mensen die elkaar kennen. De onbekende man in de bosjes is een grote uitzondering.’
Sunny, in de film vertel je dat je op je 17de, tijdens een vakantie op een feesteiland, dronken seks had met een man. Pas jaren later vroeg je je af of dat wel seks was, of seksueel geweld.
Bergman: ‘Het komt mede door de nieuwe zedenwet dat ik daar nu anders over denk. Ik vind het woord verkrachting groot, maar feitelijk is dat wel wat er is gebeurd. Ik was te dronken om consent te kunnen geven. Ik heb het lang niet als verkrachting kunnen zien, omdat ik zelf met hem ben meegelopen en ik niet heb tegengesparteld. Ik weet ook niet meer precies hoe de avond eindigde en hoe ik thuis ben gekomen. Ik heb nooit gedacht dat ik getraumatiseerd was want ik had er geen nachtmerries over of zo. Maar...’
Stilte.
‘Maar toch heb ik er wel degelijk last van. Er zitten wel dingen in mijn seksualiteit, zoals plotseling verdriet dat op kan komen. Achteraf gezien heb ik best wat van dat soort ervaringen gehad. Mannen die de deur achter me op slot draaiden en zeiden ‘nu gaan we seks hebben’, waardoor ik dacht dat het moest. Of mannen die net zo lang zeurden dat ik toegaf. Als de nieuwe zedenwet er eerder was geweest, had me dat kunnen helpen. Dan had ik begrepen dat ook zoiets seksueel geweld kan heten.
‘Er is een Amerikaans onderzoek waaruit blijkt dat 60 procent van de Amerikaanse studenten die is verkracht, zich daarvan niet bewust is, terwijl hun ervaring wel voldoet aan de juridische norm. ‘Unacknowledged rape’ noemen ze dat. In dat licht is die bijna ‘1 op de 4’ in Nederland waarschijnlijk nog maar het topje van de ijsberg.’
‘Mannen worden niet als verkrachter geboren’, besluit Bergman haar film, ‘maar er moet wel iets veranderen aan de cultuur waarin we ze opvoeden.’
Belle, het is een feit dat vrouwen het vaakst slachtoffer zijn van seksueel geweld, en mannen het vaakst pleger. Ligt daarvoor een verklaring in de verschillende seksuele ontwikkeling van jongens en van meiden?
‘Mensen willen vaak geloven dat er een biologisch verschil bestaat, maar dat is er niet. Hoe verschillend jongens en meiden zich seksueel ontwikkelen is echt cultureel bepaald. Al vanaf de geboorte is er een splitsing, maken we onderscheid. Er zijn onderzoeken waaruit blijkt dat baby’s die als meisje zijn aangekleed voorzichtiger uit de wieg worden gepakt dan baby’s die jongenskleren dragen. Die signalen zijn er de hele dag door, dat bouwt op en heeft invloed op hoe je jezelf en de ander ziet en beleeft. Op 7-jarige leeftijd denken jongens al dat ze sterker zijn dan meiden, terwijl dat fysieke verschil er dan nog helemaal niet is.
‘In Nederland zeggen we vaak dat je alleen seks moet hebben als je het zelf wilt. Ondertussen spelen er nog allerlei andere normen en waarden mee die bepalen hoe je seks beleeft. Mannen hebben geleerd dat ze moeten presteren, vrouwen dat het hun taak is om de sfeer te behouden, te zorgen dat het gezellig blijft. Allemaal opvattingen die niet direct met seks te maken hebben, maar toch zijn er daardoor scripts die bepalen hoe we onze seksualiteit beleven.’
Bergman: ‘Ik weet pas sinds kort dat er naast ‘fight, flight or freeze’ in een bedreigende situatie ook nog ‘fawn’ bestaat, wat zoiets als pleasen betekent. Dat heb ik in situaties van grensoverschrijdend gedrag vaker gedaan. Het gezellig houden om te vermijden dat het eng wordt. Ook dat is natuurlijk een overlevingsmechanisme.’
Vanochtend sprak ik een vriendin wier 3-jarige peuter in een nogal boze en gewelddadige fase zit. Ze verzuchtte dat ze het een grote verantwoordelijkheid vindt om een zoon op te voeden, veel meer dan een dochter. Belle, hoe zorgt zij ervoor dat ze geen pleger van seksueel geweld grootbrengt?
Barbé: ‘Haha, heel herkenbaar. Mijn zoons, een tweeling, zijn nu 2,5 en er wordt bij mij thuis de godganse dag ‘stop, hou op!’ geroepen, maar ze luisteren bijna nooit. Toch ligt daar de basis bij jonge kinderen. Die situaties – waarin de een dit wil en de ander dat – moeten het uitgangspunt vormen van praten over grenzen en wensen.’
Bergman: ‘Moeten we kinderen niet ook leren dat je soms helemaal niet goed weet wat je eigenlijk wilt, dat het heel vaak maar zoeken is naar wat je verlangens zijn of waar je grenzen liggen?’
Barbé: ‘Ik denk dat kinderen júíst een heel sterk onderbuikgevoel hebben, heel goed weten wat ze willen, maar dat we geneigd zijn dat uit te zetten of af te leren, waardoor ze later, als ze volwassen zijn, veel minder in contact staan met dat gevoel van ‘hé, hier klopt iets niet, dit wil ik niet’. Dat gebeurt al als je als kind je ouders verdrietig ziet, ze vraagt wat er is, en ze zeggen dat er niks aan de hand is. Dat sterke onderbuikgevoel moet juist worden gestimuleerd in plaats van ontkend.
‘Seksuele ontwikkeling begint vanaf de geboorte. We moeten kinderen niet alleen leren dat als ze oma geen kusje willen geven, dat niet hoeft, we moeten ze óók leren hoe ze om moeten gaan met afwijzing. Dat vergeten we nog te vaak.’
Volgende week begint de Week van de Lentekriebels, waar sinds een paar jaar veel ophef over is. Er zijn genoeg mensen die vinden dat we mínder over seks en seksualiteit moeten praten, in plaats van meer.
Barbé: ‘Soms lijkt het alsof iedereen tegen seksuele voorlichting op school is, maar in werkelijkheid blijkt de groep echt heel erg klein. Alle ouders zijn trouwens vóór het weerbaarder maken van hun kinderen, vooral hun dochters. Maar je kunt niet voorkomen dat je kind iets vervelends overkomt, dat is helaas een feit. Het is belangrijk dat als er iets gebeurt, kinderen weten dat ze er met hun ouders over kunnen praten. Je wilt dat ze bij je terecht kunnen. Voelen ze zich veilig? Hebben ze de juiste taal geleerd om aan een nare ervaring woorden te geven?’
Bergman: ‘Hoe minder we over seksualiteit praten, hoe meer seksueel geweld er is. Van de zedenpolitie hoorde ik dat seksueel geweld bijvoorbeeld veel voorkomt in streng religieuze omgevingen, zoals de Biblebelt.’
Barbé: ‘Ja, daar is een causaal verband. Hoe meer schaamte en taboe er rust op seksualiteit, hoe meer misbruik, en hoe lager het gebruik van condooms en andere anticonceptie.’
Sunny, jouw zoons zijn nu 21 en 23. Heb je het vóór jouw documentaire ooit met hen gehad over seksueel geweld?
Bergman, na eerst een beschaamd zwijgen: ‘Tíjdens het project wel. Ik merk dat het bij de generatie van mijn kinderen op een andere manier leeft dan bij mij. Ze reageerden heel principieel toen een vermeende aanrander was uitgenodigd op een feestje; zij bleven toen thuis. Zij praten over dat soort dingen met hun vrienden opener dan toen ik zo oud was, dat vind ik wel hoopvol.
‘Mijn jongste zoon vroeg ooit eens aan me hoe je nou eigenlijk een situatie creëert waarin je een meisje kunt zoenen. Ik zei dat hij op een feestje, bijvoorbeeld als de sfeer wat losser was wanneer ze een beetje aangeschoten waren, kon beginnen met haar arm te strelen. Hij keek me echt onthutst aan. ‘Mam, what the fuck! Jij zegt gewoon dat ik iemand dronken moet voeren en zonder consent moet gaan aanraken?!’
Barbé: ‘Wat goed!’
Bergman: ‘Ik zit opeens te denken, als zo’n nummer van zangeres Merol, waarin ze zingt dat ze graag gebeft wil worden, er was geweest toen ik 15 was, had ik misschien al eerder in mijn leven beter kunnen opkomen voor mijn eigen behoeften en orgasmes.’
Barbé: ‘Ja! Seksuele autonomie is zo belangrijk. Jonge meiden en vrouwen die positieve boodschappen hebben meegekregen over seks, gaan vaker zelf op zoek naar prettige seksuele ervaringen. Ze voelen de autonomie om situaties op te zoeken waar ze zin in hebben. Daarom is het zo belangrijk om óók over de leuke kanten van seks en je seksualiteit te praten, ook met kinderen. Hoe beter je weet wat je lekker en leuk vindt, hoe weerbaarder je bent tegen seksueel geweld.’
Bergman: ‘Maar er valt denk ik wel wat tegen mijn vrije opvoeding in te brengen, toch? Ik kom uit een hippiegezin, alles mocht. Wat goed was in de zin dat ik onbevreesd de wereld tegemoet trad en niet opgroeide met schaamte over seksualiteit. Maar aan de andere kant: waarom hebben mijn ouders me niet tegengehouden toen ik op mijn 15de met een 28-jarige man uit wilde? Waarom vroegen ze niet hoe ik na het uitgaan eigenlijk thuis zou komen? Misschien dat ik me als jonge vrouw soms te weinig bewust was van potentieel gevaar.’
Barbé: ‘Toch denk ik dat je daardoor beter beschermd was dan als je ouders je bang hadden gemaakt en hadden gehamerd op je kwetsbaarheid. Net zoals het kwalijk is om jongens te leren dat hun seksualiteit níét kwetsbaar is, waardoor zij, als ze slachtoffer worden van seksueel geweld, daar juist eerder over zwijgen.
‘We moeten jonge meiden leren dat ze mogen onderzoeken wat ze lekker vinden, en jongens dat als er tijdens seks onduidelijkheden zijn, dat ze dat moeten checken, het liefst verbaal, dan weet je het zeker. Er zijn drie simpele zinnen die je kunt gebruiken, vooraf, tijdens en na de seks. Heb je zin? Is het lekker? Was het fijn? Die taal moeten we elkaar leren.’
In de documentaire vertelt Sunny’s huisgenoot Magnus dat hij weleens seks heeft gehad met een ex-partner, en achteraf ontdekte dat ze eigenlijk geen zin had. Bergman vraagt hem of hij dat met terugwerkende kracht een verkrachting zou noemen. ‘Liever niet’, antwoordt hij, ‘maar als zij dat vindt, dan is het dat.’
Hoe belangrijk is zijn eerlijkheid?
Bergman: ‘Tijdens een viewing van de documentaire, waarbij alle slachtoffers die ik voor de film interviewde aanwezig waren, begonnen mensen te huilen bij die scène. Hij werd een van de helden van de film. Hij zegt wat slachtoffers van seksueel geweld willen horen. Maar verder vind ik dat er weinig is om optimistisch over te zijn, in deze tijd van Andrew Tate en Trump. In Amerika is een veroordeelde aanrander president geworden...’
Barbé: ‘Ik denk dat seksueel geweld – na de revolutie van anticonceptie en de aidsepidemie – het nieuwe vraagstuk is rond seksualiteit waartoe we ons hebben te verhouden. We beginnen nu pas te begrijpen hoe we hiermee om moeten gaan. De nieuwe zedenwet vind ik hoopvol.’
Bergman: ‘Ja, die zal preventief werken. En het collectieve bewustzijn beïnvloeden. Eindelijk.’
Blauwe ballen en andere verkrachtingsmythes (Tomtit Film/VPRO) is op donderdag 27 maart om 22:20 uur te zien op NPO 2 en NPO Start.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant