Vele jaren geleden moest ik op een gure avond mijn eerste boek voorlezen en signeren bij een grote boekhandel. Kort voor aanvang stond ik voor de nog dichte deur, omringd door mensen die zo direct mijn publiek zouden vormen. Het leek me handig om zelf eerder binnen te zijn, dus klopte ik aan.
Er kwam een medewerker aangebeend, die geïrriteerd op haar horloge wees en daarna naar het aankondigingsaffiche, waarop de aanvangstijd stond.
Hoe moet je uitbeelden dat je bent wie je bent? Het publiek om mij heen begon op mij te wijzen en te knikken. De winkelmedewerker keek wantrouwend van mij naar mijn foto en maakte toen de deur open. ‘Ik ben het’, zei ik.
‘Maar je lijkt helemaal niet op je foto’, zei de vrouw – dit was iemand aan wie het nooit gelegen zou hebben. Ik herinner me nog goed dat ik op verontschuldigende toon antwoordde: ‘Ik zal even lippenstift opdoen.’
Source: Volkskrant