Met zijn opvallende, scheve zweetband was de middelmatige Amerikaanse basketballer Slick Watts (1951-2025) een stijlicoon en een trendsetter. Zijn invloed reikte tot ver buiten de NBA.
schrijft voor de Volkskrant vanuit New York over Amerikaanse sporten.
Een onvergetelijke basketballer was Donald Earl ‘Slick’ Watts niet. De 1,85 meter lange Amerikaan speelde slechts zes seizoenen in de NBA en stond vooral bekend als sterke verdediger. Hij was een spelverdeler die de ballen gladjes van zijn tegenstanders afsnoepte: vandaar zijn bijnaam Slick. Razend populair was hij alleen in Seattle, waar hij in de jaren zeventig voor de Supersonics speelde.
Maar als cultfiguur bleef Watts toch lang hangen in het collectieve geheugen van Amerikaanse basketballiefhebbers. Zijn belangrijkste wapenfeit: hij maakte de hoofdzweetband cool. Op de kale kruin van Watts zag het accessoire met een suffig imago er ineens hip uit. Ook anderen begonnen de band zo te dragen.
De zweetband is nog steeds te zien in de huidige NBA. Jimmy Butler van Golden State Warriors draagt er een. Shai Gilgeous-Alexander, de Canadese sterspeler van topploeg Oklahoma City Thunder, heeft het ding altijd om. Ook LeBron James droeg er een tijdens voorgaande seizoenen, naar verluidt om zijn wijkende haarlijn te verhullen.
Watts begon de zweetband te dragen als scholier. Door een hoofdblessure die hij in zijn jeugd had opgelopen bij het American football, groeide er niet overal haar op zijn kruin. Als een van de eerste basketballers in de VS besloot hij zijn hoofd kaal te scheren, een stijl die sterspeler Michael Jordan in de jaren negentig populair zou maken.
Een nadeel van de ingreep: het zweet stroomde Watts bij wedstrijden en trainingen in de ogen. Hij probeerde het vocht eerst tegen te houden met ducttape (sterk, waterdicht plakband). Dat was geen succes: bij het verwijderen van de tape trok hij stukken huid mee.
De man uit Mississippi nam het idee van de hoofdband vervolgens over van sterbasketballer Wilt Chamberlain. Maar die droeg een variant met een dunner lint om zijn achterhoofd, geen zweetband. Het exemplaar van Watts was aan alle kanten even breed. De zweetband die hij in een sportzaak kocht, was bedoeld als polsband. Als hij hem flink uitrekte, paste hij om zijn hoofd.
Waarom is niet precies duidelijk, maar Watts ontdekte dat de zweetband prettiger zat als hij hem aan één kant wat omhoog trok. Daardoor stond het ding scheef op zijn hoofd. Door de combinatie van de band en zijn kale kruin werd hij door een journalist van The New York Times ‘de planeet Saturnus op basketbalgympen’ genoemd.
Watts werd met zijn hoofdband een stijlicoon in de NBA. ‘Ik gaf er mijn eigen draai aan’, zei hij jaren geleden in The Times. ‘Het was mijn ding. Overal waar ik kwam, was het een hit.’
In 1979 kwam er na zes seizoenen een einde aan de korte profcarrière van Watts; door wat mindere jaren wist hij geen nieuwe club meer te vinden. Maar de hoofdband was in de decennia daarna overal te zien. Zoals vaker gebeurt met trends uit de NBA, een invloedrijke competitie op stijlgebied, veroverde de stijl ook de Amerikaanse straat- en hiphopcultuur.
Soms was de zweetband onder basketballers even uit de mode, maar altijd maakte die weer een comeback. In de jaren negentig maakte cultheld Allen Iverson, de kleine geweldenaar van Philadelphia 76ers, het ding weer populair door het over zijn kenmerkende vlechten heen te trekken. Alles wat Iverson deed, kreeg navolging, dus ook de zweetband. Complete teams begonnen het ding te dragen.
De invloed van Iverson was groot in de Amerikaanse straatcultuur, maar ook daarbuiten. Volgens voetballer Jeremie Frimpong zou ook Memphis Depay mede door de basketballer geïnspireerd zijn toen hij in de aanloop naar het EK van 2024 een hoofdband begon te dragen.
Het accessoire werd ook populair in het tennis, mede dankzij de rivaliteit tussen John McEnroe en Björn Borg. Omgekeerd vond ook de opgevouwde zweetdoek die Rafael Nadal later om zijn hoofd knoopte, zijn weg naar de NBA. Basketballer Jrue Holiday begon hem in 2019 als een van de eerste te dragen, omdat zijn familie graag naar tennis keek.
Onder basketballers stond de variant op de traditionele zweetband bekend als de ninja-hoofdband. Veel spelers droegen er een, maar lang konden ze er niet van genieten. De NBA kwam al snel met een verbod. De competitie noemde de band ‘gevaarlijk’ en ‘onprofessioneel’, een verklaring die bij veel spelers tot onbegrip leidde.
Slick Watts was na verloop van tijd niet meer los te zien van zijn hoofdband. Bij de Supersonics wilde hij eens een wedstrijd zonder spelen, maar hij werd door zijn coach opgedragen het ding om te doen. Zonder band geen Watts, moet die hebben gedacht.
De afgelopen jaren kampte Watts met gezondheidsproblemen. Waaraan hij afgelopen weekend overleed, is door zijn familie niet bekendgemaakt.
Dat Seattle Supersonics, de club waar hij zijn roem en populariteit vergaarde, inmiddels niet meer bestaat, verstevigde zijn reputatie. In 2008 verhuisden de ‘Sonics’ naar Oklahoma City en werd de clubnaam aangepast naar Thunder. De herinneringen aan Watts en zijn hoofdband bleven achter in Seattle.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant