Na de Raad van State, pensioenfondsen en ambtenaren benadrukken ook jongerenorganisaties hun zorgen over het pensioenvoorstel van NSC en BBB. Zij vrezen dat vooral gepensioneerden en oudere werkenden gebaat zijn bij referenda over de overgang naar het nieuwe stelsel.
Dinsdag overhandigen vertegenwoordigers van onder meer FNV Young & United, CNV Jongeren, Jong Management en de Landelijke Studentenvakbond een manifest aan de Tweede Kamer. Ze hopen zo het belang van het jongerenperspectief op het nieuwe pensioenstelsel te onderstrepen. ‘Het probleem is duidelijk: jongeren zijn niet betrokken in de discussie, ook al gaat het ook hen aan.’
Hoewel beleidsmakers wel vaker kritiek krijgen vanwege het ontbreken van het jongerenperspectief, benadrukt CNV Jongeren-voorzitter Casper Cornelisse hoe belangrijk dat is voor het nieuwe pensioenstelsel. ‘We leven in een tijd waarin jongeren weinig financiële zekerheid hebben. Het bezitten van een huis is niet langer vanzelfsprekend en veel van hen hebben een studieschuld. Met dit nieuwe pensioenstelsel geven we jongeren de kans om hun toekomstige koopkracht te vergroten. Zo hebben ook zij de mogelijkheid om alvast te sparen voor hun oude dag.’
In de Wet toekomst pensioenen (Wtp) zijn hun belangen in de ogen van de jongerenorganisaties beter verankerd dan in het huidige stelsel. Niet alleen verplicht de wet werkgevers en vakbonden om de belangen van alle verschillende leeftijdsgroepen tegen elkaar af te wegen, ook begint het opbouwen van pensioen straks al vanaf 18 jaar.
Door deze leeftijd met drie jaar te verlagen (in het oude stelsel begint de opbouw pas vanaf 21 jaar) kunnen werknemers langer sparen voor hun pensioen. Een andere grote verandering is het feit dat jongeren al vanaf het begin van hun carrière aan hun eigen pensioen bijdragen. In de oude situatie gebeurt dat pas na een aantal werkende jaren.
Het pensioenplan van NSC en BBB, dat maandag werd gekraakt door de Raad van State, stuit daarom ook op weerstand bij de jongerenorganisaties. Cornelisse wijst erop dat langwerkenden en gepensioneerden bij een referendum een voordeel hebben: door de vergrijzing vormen zij een grotere groep. Niet alleen ligt het voor de hand dat ze voor hun vermeende eigenbelang kiezen, ook zijn deze deelnemers over het algemeen meer bezig met hun pensioen dan jongeren.
Het is de vraag of jongeren meedoen aan zo’n referendum, omdat hun pensioen nog heel ver weg is. ‘Vaak weten ze nog niet zoveel over pensioenen. En omdat ze zich er niet mee bezighouden, is de kans klein dat ze zouden gaan stemmen. Daarmee zou een referendum dus indirect voorbij gaan aan de belangen van jongeren’, aldus Cornelisse.
De vakbondsman bestrijdt het veelgehoorde argument dat jongeren gemiddeld veel minder werken en daarom ook minder opbouwen. ‘In Nederland werken jongeren meer dan in ieder ander Europees land, dus dat argument is niet terecht. En zelfs als het achterliggende punt is dat jongeren meer moeten gaan werken, denk ik: focus daar dan op. Een goed pensioenstelsel kan dat stimuleren.’
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant