Iets wat doorging voor topvoetbal, ontaardde in een potpourri van gooi- en smijtwerk, alsmede geweldige opwinding. Met tien tegen tien eindigde Ajax - AZ in 2-2 en zag koploper Ajax de voorsprong op PSV slinken tot zes punten.
is voetbalverslaggever van de Volkskrant.
Ajax - AZ was vooral na rust een ordinaire, tevens meeslepende wedstrijd, met twee rode kaarten en vier doelpunten. Met een opstootje, met trainer Francesco Farioli van Ajax op het veld als een wild gesticulerende agent in een poging te kalmeren, en het onvermogen om beslissingen van de arbitrage te accepteren, hoe warrig en inconsequent scheidsrechter Dennis Higler ook acteerde. Twee keer kwam het betere Ajax terug van een achterstand, waardoor het verschil met PSV nog zes punten bedraagt, met nog acht duels te spelen. Over twee weken, na de interlands, is het PSV - Ajax.
Ajax dacht AZ in de tweede helft overhoop te blazen en dat had gekund, als onderdeel van het beoogde meesterplan van Farioli om Ajax aan de nooit verwachte titel te helpen. Ajax voetbalde met de A-ploeg, al wil de Italiaan het nooit zo noemen, met tien anderen dan donderdag tegen Eintracht Frankfurt, bij de kansloze uitschakeling in de Europa League. AZ speelde met negen mannen van de nederlaag in Londen.
Het zij gezegd: Ajax oogde fitter en gretiger. AZ hield vooral tegen, maar nam twee keer een voorsprong. De wedstrijd ontbrandde na de 0-1, kort na rust. Vanaf dat moment moest Ajax voluit en maakte rechtsachter Anton Gaaei eerst 1-1, na een subtiel hakje van artiest Bertrand Traoré, die het schone en schlemielige op bijna unieke wijze bij elkaar brengt. Even later kreeg Gaaei de rode kaart, nadat hij ongelukkig maar onbesuisd het scheenbeen van Zico Buurmeester raakte.
AZ kreeg nauwelijks tijd om van de meerderheid te profiteren, omdat Alexandre Panetra zijn tweede gele kaart kreeg, al speelde hij eerst de bal alvorens Brobbey te vloeren. Het leek verdacht op compensatie van Higler, die eerder AZ-spelers spaarde. De Portugees schopte een hele scène en nam de reservebanken mee in wangedrag.
Het publiek tilde Ajax op in de Johan Cruijff Arena, het was een dolle boel, vooral na rust. Ajax - AZ is de traditionele titanenstrijd in Noord-Holland, tussen de grote club die de kleinheid van de laatste jaren wil afschudden, tegen de kleinere club die groot kan denken en doen. De rivaliteit neemt soms ongezonde vormen aan, waarvan genoeg staaltjes te zien waren.
Twee keer had AZ gewonnen van Ajax, in de eredivisie en in de beker, en dat scenario voltrok zich bijna opnieuw, vanaf het openingsdoelpunt van Zico Buurmeester kort na rust, een mooie schuiver, een minuut nadat Kenneth Taylor de paal had geraakt. Na de treffer van Gaaei nam AZ opnieuw een voorsprong, door een kopbal van invaller Ibrahim Sadiq uit een hoekschop. En weer was het vrijwel meteen gelijk, door een andere invaller Oliver Edvardsen, van dichtbij.
Het spel van AZ, met Jordy Clasie bijna altijd als uitblinker, kenmerkte zich door de defensieve instelling, gelardeerd met scherpe counters. Het was voor rust een redelijk saaie bedoening, omdat er weinig kansen waren en beide ploegen nauwelijks risico namen, AZ nog minder dan Ajax.
Wat zullen ze hebben gedacht, al die sterren van voorheen die waren uitgenodigd om het 125-jarig jubileum mee te vieren? Dit is een bepaald ander Ajax dan waarin zij voetbalden. Een vechtploeg, een machine. De wedstrijd kon vooralsnog niet op tegen het spektakel vooraf, met op het veld uitgestalde bekers, zangers met een strot uit de Jordaan, een speciaal shirt plus een defilé van voormalige vedetten, onder wie Edwin van der Sar, Louis van Gaal, Clarence Seedorf, Ronald de Boer en Jari Litmanen.
Natuurlijk was er weer vuurwerk uit de vrijstaat achter het doel, ook voor de tweede helft, en begon het duel bijna een kwartier te laat. Het was ook de wedstrijd van de duels in de wedstrijd, van Jordy Clasie die het spel zeker in het begin beter bewaakte dan Jordan Henderson. Van de gevechten tussen spits Brian Brobbey en Wouter Goes, de verdediger van AZ met zijn Italiaanse streken die soms overdrijft in zijn wilskracht. Hij mocht opmerkelijk veel van scheidsrechter Dennis Higler.
Het was de inconsequentheid van Higler die bij Felipe Sánchez Mateos, een van de assistenten van Farioli, de kolder in de kop liet slaan. Hij wond zich dermate op over een niet gegeven gele kaart aan Peer Koopmeiners, dat hijzelf de rode kaart kreeg, daarop snel over een paar rijen stoelen klom, een plekje op de tribune zocht en al zijn laptops meteen weer inplugde, want de voorziening van data moest op peil blijven.
Zijn uitbarsting was de aanzet tot een hete tweede helft, waarin Ajax zijn vermogen tot strijd liet zien. Of het genoeg zal blijken om PSV te weerstaan, blijkt over twee weken. ‘Het was een interessante, emotionele wedstrijd’, zei Farioli, die vond dat Ajax meer had verdiend, al prees hij AZ.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant