Ondanks verwoede pogingen om de overbelaste jeugdzorg vlot te trekken, blijft resultaat uit. Donderdag boog de Kamer zich over een mogelijke oplossing, maar het wachten lijkt vooral op harde keuzes en geld.
is politiek verslaggever van de Volkskrant en schrijft over de volksgezondheid.
Ieder debat over de jeugdzorg komt met een forse winstwaarschuwing. Want hoewel de problemen in de jeugdzorg al jaren bekend zijn en de hele Kamer van de ernst doordrongen is, blijven ze onverminderd voortbestaan. Sterker nog: terwijl de politiek aandrong op verbetering en het vorige kabinet met de Hervormingsagenda Jeugd kwam om het tij te keren, verslechterde de situatie juist.
En dus geldt eenzelfde voorbehoud ook voor het debat waarin de Kamer zich donderdag boog over een van de plannen van die hervormingsagenda. Het wetsvoorstel dat voorligt, moet de scherpe kantjes afhalen van de decentralisatie, waardoor gemeenten sinds 2015 verantwoordelijk zijn voor de jeugdzorg.
Dat die hervorming tot veel problemen heeft geleid, is inmiddels genoegzaam bekend. Gemeenten worstelen sinds de decentralisatie met versnippering van het zorgaanbod. De verschillen in het land zijn groot door gebrek aan coördinatie waardoor wachttijden soms tot vele maanden oplopen. Bovendien levert het extra bureaucratie en kosten op.
Om dat te veranderen wil het kabinet met de wet regionale samenwerking verplichten en de inkoop van zorg beter stroomlijnen. Specialistische jeugdzorg moet op die manier beter beschikbaar worden.
Met die doelstelling is de hele Tweede Kamer het wel eens, maar de vraag is of de oplossing niet te laat komt. Over de wet wordt immers al zes jaar gesproken, zo brengt GroenLinks-PvdA-Kamerlid Lisa Westerveld in herinnering. Westerveld, die zich al jaren bezighoudt met het dossier, vindt dat meer regionale samenwerking allang had moeten worden geregeld. ‘Ik kan ouders niet uitleggen dat we al jaren weten dat het niet goed gaat, en dat hier vooral wordt gepraat en gepraat.’
Dat gevoel leeft bij meer Kamerleden. De plannen waar ze deze donderdag over spreken lijken inmiddels te zijn ingehaald door de verdere achteruitgang van de jeugdzorg.
Al snel gaat het in het debat dan ook niet enkel over de wet, maar vooral over een andere kwestie: de financiering van de jeugdzorg. Want heeft het wel zin om over meer regionale samenwerking tussen gemeenten te praten als gemeenten niet het geld hebben om de jeugdzorg überhaupt te regelen?
Alles over politiek vindt u hier.
De Kamerleden verwijzen daarbij veelvuldig naar het in januari verschenen rapport van de deskundigencommissie onder leiding van oud-minister voor Medische Zorg Tamara van Ark. Die concludeerde dat de hervormingen van de jeugdzorg weliswaar een stap in de goede richting zijn, maar lang niet voldoende. Het belangrijkste advies: het Rijk moet bijspringen om de stijgende kosten van de jeugdzorg voor gemeenten te dekken. Onder meer een aangekondigde jaarlijkse bezuiniging van 1 miljard euro, moet volgens de commissie van tafel.
Verantwoordelijk staatssecretaris Vincent Karremans (VVD) noemde het advies eerder al ‘huiswerk’ voor het kabinet, al deed hij geen toezeggingen. Zo benoemde hij vooral dat de groei van de jeugdzorg onhoudbaar is en er dus harde keuzes nodig zijn voor wat wel en niet moet worden aangeboden. Het kabinet bereidt ook een wet voor die moet regelen dat minder kinderen gebruikmaken van de jeugdzorg. Waar dat nu nog gaat om een op de zeven kinderen, moet dat worden teruggebracht naar een op de tien.
Ook dat laatste vraagstuk hangt donderdag boven het debat. NSC-Kamerlid Faith Bruyning vindt dat de discussie over de reikwijdte van de jeugdzorg eigenlijk eerst moet worden gevoerd voordat er over betere samenwerking wordt gepraat. ‘Anders blijft deze wet slechts een technische aanpassing.’
Voorlopig zullen Bruyning en andere Kamerleden daar nog op moeten wachten; het voorstel is nog niet naar de Kamer en de behandeling ervan kan waarschijnlijk op z’n vroegst pas dit najaar.
Het veroordeelt de Kamer opnieuw tot een debat waarin de belangrijkste vragen niet kunnen worden beantwoord. GL-PvdA-Kamerlid Westerveld besluit haar betoog dan ook met een ontnuchterende boodschap aan ouders, kinderen en jeugdzorgmedewerkers die haar ‘noodkreten’ toestuurden: ‘Ook dit wetsvoorstel gaat niet meteen alle problemen oplossen’.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant