Het was zaterdag Internationale Vrouwendag. Zo liepen duizenden mensen mee met de Feminist March in Amsterdam. Ook in deze krant verschenen mooie portretten en een bijzonder groepsgesprek. Tijdens dat gesprek stelt historicus Lotte Houwink ten Cate: ‘Wat ik lastig vind bij sommige vrouwen is dat je geen kritiek kunt geven, want dan ben je niet solidair. Dat zie ik als een exponent van het keuzefeminisme: zolang het je eigen keuze is, is het allemaal goed. Onderwerpen als cosmetische ingrepen en deeltijdwerken worden zo onbespreekbaar, want dan val je vrouwen aan op persoonlijke keuzes.’ Activist Devika Partiman vult haar aan: ‘zodra je het over individuele vrouwen hebt, kom je nergens. Het gaat er niet om of je als vrouw wel of niet botox mag gebruiken, maar om het schoonheidsideaal en de industrie die daar winst mee maakt. En dan gaat het alsnog over mannen. Het moet systeemkritiek zijn, de focus op het individu is ondermijnend.’ Voor mij vormt dit de kern van de kwestie.
Enige tijd geleden gaf ik een lezing over voltijdprinsjes, namelijk mannen die vrouwen in de geproblematiseerde positie van deeltijdwerk duwen zodra er kinderen komen. Na afloop werd ik aangesproken door een jonge vrouw met haar man. Ze had er, ondanks een jarenlange universitaire studie, nu zelf voor gekozen om voltijds zorg en huishouden op zich te nemen. Wat was daar verkeerd aan? Het werd een lastig gesprek, maar wederom de kern van de kwestie.
Over de auteur
Mark van Ostaijen is bestuurssocioloog aan de Erasmus Universiteit. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
De kern van de kwestie is namelijk wat socioloog Eva Illouz de ‘ideologie van de vrije keuze’ noemt. Want keuze is volgens haar dé sociale vorm, waarin we onszelf en onze omgeving begrijpen. Ook al zijn die keuzes voor een groot deel al van tevoren bepaald, bijvoorbeeld door opvoeding, opleiding of klasse, toch klampen moderne mensen zich graag vast aan het idee dat ons leven het resultaat is van autonome keuzes. ‘Keuze is dus een belangrijk cultureel verhaal geworden van moderne mensen, de stijlfiguur van onze identiteit’, stelt Illouz. De stijlfiguur waarmee we onszelf als moderne mensen begrijpen, als actieve spelers op een gecommercialiseerde markt zoals bijvoorbeeld bij relaties (Tinder) of huizen (Funda).
‘Keuze’ verwijst daarbij zowel naar het aanbod van goederen als naar de subjectiviteit van een beslissing. Het drukt dus zowel een organisatie van de wereld als een organisatie van de wil uit. En dat is niet neutraal, want kiezen doe je vooral op een markt. Maar een markt structureert keuzes op voorhand, bijvoorbeeld door prijsprikkels, aanbodregulatie of onvolledige informatie. En dat weten we. Toch voelt ‘vrije keuze’ lekker. Zodoende is de ideologie van de vrije keuze ook een ideologie, een geloof, een overtuiging. Maar in iedere keuze schuilt dat wat niet-gekozen is, zoals die niet-gekozen huwelijkspartner, baan of huis. En dus voedt de keuze-ideologie een generatie met onzekerheid, spijt en verlies.
Het is ook die ideologie van de keuze die ten grondslag ligt aan het keuzefeminisme. Het is een vorm van feminisme gestut op het culturele verhaal van autonome individuen die eigen keuzes maken. En die ideologie zit ook gevat in ministerieel beleid. Dat was al ten tijde van minister-president Joop den Uyl die in 1974 stelde dat ‘het emancipatiestreven dat de regering voor ogen staat, moet leiden tot een grotere vrijheid van keuze voor vrouwen en mannen, zodat zij op eigen wijze hun leven vorm en inhoud kunnen geven’. Of zoals de eerste zin in het Hoofdlijnenbeleid Emancipatie van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen uit 2015 luidt: ‘emancipatie biedt mensen de kans […] in vrijheid en veiligheid keuzes te maken’.
Dus kiezen voor een ‘tradwife’ rol, het mannelijke kostwinnersmodel of deeltijdwerk is dus volgens rijksbeleid allemaal goed. Zolang het maar een keuze is. Maar genitale verminking, het recht op abortus of femicide zíjn geen individuele keuzes. Het zijn structuren van dominantie en overheersing die het individu ontstijgen.
Zodra je feminisme op het aambeeld van de vrij keuze behandelt, hamer je iedere systeemkritiek eruit en sta je ook iedere vorm van collectieve actie en structurele verandering in de weg. Of het nu gaat om feminisme of racisme, de ideologie van de vrije keuze ondermijnt iedere rechtvaardigheidsstrijd. Laat je dus niks wijsmaken, kiezen is verliezen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns