Is het een snoek, een baars? Of toch een zeldzame paling? Duizenden mensen hopen dagelijks een glimp van een vis op te vangen via een livestream die kijkers thuis verbindt met het onderwaterleven in de Utrechtse grachten. Het project, de visdeurbel, begon vorige week aan z’n vijfde editie.
is nieuwsverslaggever van de Volkskrant.
‘Een vis... deurbel?’ Een oudere man kijkt vertwijfeld naar de lange mechanische arm die uit het water van de gracht steekt. Terwijl hij vanaf de kade de Utrechtse Weerdsluis bekijkt, observeren online een paar duizend mensen naar wat er zich een meter onder hem, in het water, afspeelt. Dat is op een zonnige doordeweekse dag rond het middaguur niet veel: de livestream laat een massa groenblauw water zien, waar af en toe een luchtbelletje in opdrijft.
Wie tijdens de ochtend- of avondschemering naar Visdeurbel.nl surft, heeft wel degelijk een kans om een baars of blankvoorn op beeld te spotten. Andere graag geziene gasten in het Utrechtse water zijn de paling en snoekbaars, al komen die vooral in de nacht tevoorschijn. Overdag verschuilen ze zich in hoekjes en kieren van de sluis die de Vecht in het centrum van de stad van de Stadsbuitengracht scheidt.
Het Utrechtse grachtenwater heeft een rijk natuurleven, weet ecoloog Mark van Heukelum. Vanaf maart trekken vissen ernaartoe om hun eitjes af te zetten, bijvoorbeeld aan begroeide oevers. Ze volgen daarbij het water stroomopwaarts. Vijf jaar geleden zag Van Heukelum ze voor het eerst woelen toen hij in de sluis een vissenkunstwerk aanbracht op de kademuren. De baarzen verdrongen zich rondom de massieve sluisdeuren en bleven daar steken.
De oplossing was om de sluisdeuren open te zetten, een arbeidsintensieve klus die normaal alleen voor passerende bootjes wordt uitgevoerd. Voor de vissen wilde de Utrechtse sluiswachtersploeg best een uitzondering maken, maar de sluiswachters moesten dan wel weten wanneer de beestjes zich voor de houten sluisdeuren hadden verzameld.
Van Heukelum bedacht een oplossing: een visdeurbel. Met een onderwatercamera worden de vissen bij de sluis vanaf maart tot omstreeks juni gefilmd. Online kunnen geïnteresseerden live meekijken met wat er zich onder het water afspeelt. Wie een vis spot, kan vervolgens op de speciale knop op de website drukken.
Afgelopen week werd de camera voor de vijfde keer te water gelaten. Vorig jaar keken in totaal 3,4 miljoen mensen in binnen- en buitenland naar de beelden en tot nu toe is het enthousiasme opnieuw overweldigend, zegt stadsecoloog Anne Nijs, die namens de gemeente betrokken is bij het project. Op sommige momenten is de livestream zelfs zo druk, dat nieuwe kijkers naar YouTube worden doorgeleid. Daar kunnen ze niet op de bel drukken, maar dat weerhoudt ze er niet van toch te kijken, zegt Nijs.
Geïnteresseerden melden zich uit alle hoeken en gaten van de wereld om de vissen op weg te helpen, zegt de ecoloog. Zo kijken mensen vanuit Canada en Australië mee, maar ook in de Verenigde Staten willen mensen zien wat er in de Utrechtse grachten zwemt.
Met zo veel kijkers is ‘belletje lellen’ snel gebeurd, erkent Nijs. Daar heeft het visbel-team een oplossing voor: wanneer iemand op de digitale deurbel drukt, maakt de apparatuur een screenshot van het beeld. Dat wordt opgeslagen en bekeken door het team. Zwemmen er inderdaad vissen rond, dan krijgen de sluiswachters een seintje. Die moeten de Weerdsluis, een bouwwerk uit 1613, vervolgens handmatig een stuk open en dicht draaien.
Een speciale vistrap aanleggen past niet hier midden in de stad. En het proces van de sluis automatiseren is niet mogelijk, legt Nijs uit. De Weerdsluis heeft de status van rijksmonument. Daarmee is het onderhoud aan strenge regels gebonden.
Het migratieseizoen voor vissen is pas net begonnen, dus is het aantal meldingen nog goed te overzien, zegt Nijs. Maar vanaf half april, als de vistrek echt op gang komt, gaat de sluis dagelijks open om vissen door te laten. Voorheen lagen de dieren soms wel weken in de sluis te wachten, tot er in het vaarseizoen zich bootjes meldden. Het risico opgegeten te worden door oplettende aalscholvers, lag constant op de loer.
Waarom zouden mensen met duizenden tegelijk naar een scherm met grachtwater staren, in de hoop die ene vis te kunnen helpen? Nijs: ‘Het is slow-tv. We krijgen mails van mensen die er rustig van worden, schrijven ze. Bovendien hebben kijkers het gevoel dat ze samen iets goeds doen. Dat vinden ze prettig.’
Toch is het project meer dan ‘vissentelevisie’. Nijs en Van Heukelum houden met hun team wel degelijk bij welke soorten vissen er in de stad rondzwemmen. Tot nu toe telden ze twaalf soorten. Een paar keer verbaasde de biodiversiteit in de grachten ook de twee ecologen: zo doken er vorig jaar meermaals meervallen op, die een meter of twee lang kunnen worden. Nijs: ‘Zo’n meerval of grote snoek is echt een monster als je die langs de camera ziet zwemmen.’
De paling werd vorig jaar wat vaker waargenomen dan bij eerdere jaargangen. En dat is goed nieuws, want de paling geldt als bedreigde vissoort. Nee, wetenschappelijk is de telling niet, erkent Nijs. ‘Maar het geeft ons wel een idee van de staat van het grachtenwater.’
Dat is momenteel redelijk schoon, maar er is werk aan de winkel, stelt bedenker Van Heukelum. ‘We missen een aantal vissensoorten die je wel in het ecosysteem zou verwachten, zoals de zeelt en de driedoornige stekelbaars. Alleen hebben die wel waterplanten nodig om te leven en die hebben de grachten te weinig. Het is nu vooral een blauwe woestijn.’
De ecoloog hoopt dat de populariteit van de visdeurbel uiteindelijk leidt tot meer aandacht voor de Utrechtse wateren. Van Heukelum: ‘Er zijn te veel lege oevers. Dat is best logisch, want de grachten zijn aangelegd om functioneel te zijn. Maar ze vormen ook de schakel tussen de Vecht en Kromme Rijn, twee belangrijke natuurgebieden. Er stroomt een rivier vol leven dwars door de stad, daar kunnen we en moeten we veel meer mee doen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant