Home

Regisseur Shady El-Hamus (36) is gefascineerd door de kwetsbaarheid van de branieschopper

Na drie succesvolle speelfilms wilde regisseur Shady El-Hamus iets maken dat dichter bij hemzelf lag. Voor theatergezelschap Orkater regisseert hij nu De dood van Benny Simons, over een jongen die na zijn dood terugblikt: hoe ben ik zo geworden?

schrijft voor de Volkskrant over theater.

‘Eigenlijk gaat deze hele voorstelling over houvast. Je probeert je ergens aan vast te klampen, maar wat je ook doet, je grijpt steeds mis.’ Regisseur Shady El-Hamus – wit shirt, zwarte trainingsbroek, sokken in badslippers ­– sloft ontspannen door de repetitiestudio in Amsterdam, zij aan zij met acteur Daniël Kolf. Ze werken aan de laatste scènes van de muziektheatervoorstelling De dood van Benny Simons. ‘Het is spannend als wij voortdurend bij de hoofdpersoon denken: hij verliest zijn grip.’

De dood van Benny Simons gaat over een jonge man (gespeeld door Kolf) die terugblikt op zijn eigen gewelddadige dood en zich afvraagt wat hij in zijn leven anders had kunnen doen. De voorstelling toert tot eind april door het hele land.

Het is voor het eerst dat de 36-jarige filmmaker zich aan het regisseren van een theatervoorstelling waagt. De vraag van theatergezelschap Orkater kwam precies op het goede moment. ‘Ik was net klaar met mijn derde speelfilm, Crypto Boy, en dat proces was moeizaam verlopen. Ik was tevreden met het resultaat, maar vroeg me af of het voldoende gelukt was om er mijn eigen kleur aan te geven. Ik had behoefte om weer iets kleiners te maken, dat dichtbij mezelf lag.’

El-Hamus wordt geroemd om zijn authentieke, humorvolle filmtaal. Hij speelde zichzelf in de kijker met de korte film Nachtschade (2017), over een 11-jarige jongen die zijn vader helpt bij het vervoeren van illegale immigranten naar Nederland. Twee jaar later brak El-Hamus door bij het grote publiek met zijn speelfilmdebuut De Libi, een zinderende instant-cultfilm waarin drie opgeschoten jongeren in een onwaarschijnlijke feelgoodmissie Amsterdam doorkruisen. Daarna volgden Forever Rich (2021) en Crypto Boy (2023).

Familiebedrijf

El-Hamus groeide op in een Amsterdams kunstenaarsgezin als oudste zoon van de Egyptische acteur Sabri El-Hamus en actrice en schrijfster Lisa de Rooy. Zijn broer Shahine werd acteur, zijn zus Ashgan regisseur en scenarioschrijver. Met haar schreef hij de toneeltekst van De dood van Benny Simons.

Aangestoken door zijn ouders volgde hij als tiener toneellessen en speelde hij een rol in de serie Wij Alexander (1998). Maar acteren bleek het voor hem niet te zijn: het lukte hem niet om zich te verliezen in het moment. Hij schreef zich in op de filmacademie, in de richting scenarioschrijven. Tijdens zijn studie begon hij ook met het regisseren van korte films.

Maar zijn liefde voor toneelspelen bleef: een van de leukste aspecten van filmmaken noemt hij het werken met acteurs. Dat merk je: meer dan door een ingenieus geconstrueerde verhaallijn worden El-Hamus’ films voortgestuwd door de smeuïg vertolkte personages.

Hij heeft een voorliefde voor het portretteren van jonge mensen die het geluk zoeken of dat proberen vast te houden, en daarin zichzelf en hun dierbaren verliezen. Zoals maaltijdbezorger Amir (gespeeld door zijn broer Shahine), die aan het begin van Crypto Boy de bedenkelijke straatverkoop van gezichtshaar stimulerende ‘snorolie’ al te haastig verruilt voor de belofte van het grote geld van een crypto-carrière. Of de poenerige gangsterrapper Richie (Jonas Smulders), die in Forever Rich tijdens een opgefokte, doorwaakte nacht zijn gouden horloge, zijn online fanbase én zijn street credibility moet terugwinnen.

Helemaal innemend zijn de overmoedige branieschoppers Bilal (Bilal Wahib), Gregg (Daniël Kolf) en Kevin (Oussama Ahammoud), die in De Libi een clubavondje in de Jimmy Woo verkiezen boven hun eindexamens.

Rafelige gasten

El-Hamus verzet zich hiermee heel bewust tegen negatieve stereotypen van jongeren uit lagere sociale klassen. Het zijn rafelige gasten, die moeten vechten tegen maatschappelijke vooroordelen. Personages die zich anders voordoen dan ze zijn, maar voorbij hun bravoure vooral heel kwetsbaar zijn. Meer dan naar geld, succes en status verlangen ze ernaar te worden gezien. Dat laat El-Hamus doorschemeren in verstilde shots, waardoor de jongeren ondanks hun baldadige sprongen vol naar je hart grijpen.

Dat geldt ook voor zijn nieuwe creatie Benny Simons. El-Hamus: ‘Hij heeft geleerd dat hij als man sterk moet zijn. Rechte rug, geen tranen. Maar gaandeweg vraagt hij zich af: hoe ben ik zo geworden en wil ik zo wel zijn?’

Het regisseren van theater bevalt hem goed. ‘Aan het begin van de repetities werkte ik nog heel erg volgens een filmlogica: als iemand in het water moest springen, zei ik: spring maar. Gaandeweg ontdekte ik dat je de sprong niet hoeft te zien om hem als toeschouwer mee te maken. Theater is voor mij het afkalven van de letterlijkheid. Kan een personage bijvoorbeeld ook op het podium aanwezig blijven door alleen een kledingstuk op het toneel te laten liggen?’

Na drie films over rusteloze jongeren in de grootstedelijke hectiek grijpt hij in De dood van Benny Simons meer terug naar de tijdloze verstilling van zijn eerdere werk. Tegelijkertijd gaat de voorstelling wat hem betreft net zo goed over de tijd en wereld waarin we nu leven. ‘Ik wil onderzoeken hoe we kijken naar mannelijkheid. Hoe voeden we zonen op, hoe worden jongens mannen? En welke rol spelen vrouwen daarin? Ik hoop te laten zien dat kwetsbaarheid en weerbaarheid elkaar niet hoeven uit te sluiten – integendeel.’

3 x Shady El-Hamus

In 2019 was El-Hamus met acteur Bilal Wahib te gast bij talkshow M. Toen Hugo Borst vroeg naar ‘homoseksualiteit in jullie cultuur’ reageerde El-Hamus scherp: ‘Júllie cultuur? Hugo, wat is dít nou weer?’ Wahib: ‘Bewaker, mag deze man van tafel?’

Over zijn Egyptische wortels zei hij: ‘Ik ben opgegroeid tussen twee culturen, ken de Arabische cultuur maar ben er tegelijk een vreemde. Mijn films gaan vaak over mensen met een Arabische achtergrond in Nederland. Voor mij is films maken een manier om te onderzoeken wie ik zelf ben.’

El-Hamus had drie tussenjaren voordat hij aan de filmacademie begon. ‘Ik wilde een romantisch kunstenaarsleven: alleen maar films kijken, lezen, de kroeg in. Ik koester die jaren, al was drie misschien wat veel van het goede.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next