Door met hun defensie-uitgaven onder de afgesproken norm te blijven, hebben veel Navo-lidstaten de afgelopen decennia miljarden uitgespaard. Nederland bespaarde ruim 100 miljard euro in twintig jaar, blijkt uit data van het Zweedse vredesonderzoeksinstituut Sipri.
is datajournalist van de Volkskrant. Hij analyseert en schrijft over het nieuws in cijfers.
Nu de Verenigde Staten willen dat Europa zich om zijn eigen veiligheid gaat bekommeren, staan defensie-uitgaven weer bovenaan de politieke agenda. Navo-landen hebben al sinds 2006 de afspraak om ieder minimaal 2 procent van hun bruto binnenlands product (bbp) aan defensie te besteden. Lange tijd bleef het echter bij loze beloften. Alleen de VS, Griekenland en de recentelijk toegetreden lidstaten Finland en Zweden haalden de norm altijd.
Nederland voldeed er pas vorig jaar voor het eerst aan. In de jaren daarvoor had de Nederlandse regering, omgerekend naar het huidige prijspeil, jaarlijks tussen de 4,1- en 6,9 miljard euro extra in het leger moeten investeren. Omdat oorlog ver weg leek kon de regering dit bedrag, dat vaak ‘vredesdividend’ genoemd wordt, aan andere overheidstaken besteden. In totaal liep het Nederlandse vredesdividend de afgelopen decennia op tot 102,4 miljard euro.
In absolute bedragen heeft Duitsland sinds de introductie van de Navo-norm met ruim 460 miljard euro verreweg het hoogste vredesdividend opgestreken. De Duitse defensie-uitgaven schommelden tot twee jaar terug rond de 1,3 procent van het bbp. In 2024 haalde het land de norm wel.
In Luxemburg waren de defensie-uitgaven relatief gezien het laagst: gemiddeld besteedde dat land ongeveer 0,51 procent van zijn bbp aan defensie, wat opliep tot een vredesdividend van 18,3 miljard euro.
Het lijkt uitgesloten dat Europese landen de komende jaren nog op een vredesdividend kunnen rekenen. Donderdag besloten de Europese regeringsleiders tijdens een speciale EU-top dat zij regels over begrotingstekort en staatsschuld mogen overtreden om nog eens 1,5 procent van hun bbp aan defensie uit te geven.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant