Bij gewelddadige confrontaties tussen Assad-loyalisten en regeringstroepen aan de westkust van Syrië zijn minimaal 120 mensen om het leven gekomen. Zowel donderdag als vrijdag waren er urenlange straatgevechten. Gevreesd wordt dat het hier niet bij zal blijven.
is correspondent Midden-Oosten van de Volkskrant. Hij woont in Amman.
Oud-officieren die loyaal zijn aan de gevluchte ex-dictator Bashar al-Assad lokten donderdag veiligheidstroepen van het nieuwe bewind in de val in de havenstad Jableh en doodden volgens de Syrische televisie dertien politieagenten. Daarop volgde een harde, gewapende reactie van de regeringstroepen, met onder meer drones, artillerie en een bewapende helikopter. Ordetroepen uit andere delen van het land (Idlib, Hama, Aleppo) zijn massaal naar de westkust gestuurd.
In de kuststreek is het al weken onrustig, maar tot zo’n geweldsuitbarsting als nu was het sinds de verdrijving van Assad in december nog niet gekomen. In het gebied wonen hoofdzakelijk Alawieten, een religieuze minderheid (circa 15 procent van de bevolking) die verwant is aan de sjiitische islam. Het is de groep waartoe de Assad-dynastie zelf behoorde en die oververtegenwoordigd was binnen de legertop en de veiligheidsdiensten. Sinds de val van het oude regime zijn er geregeld wraakmoorden geweest, soms op oud-officieren, soms op gewone Alawitische burgers.
Uit de Alawitische dorpen Mukhtariyya en Al-Shir komen huiveringwekkende berichten over standrechtelijke executies. In totaal zouden er volgens het in Londen gevestigde Syrische Observatorium voor de Mensenrechten 52 mannen zijn gedood. De organisatie baseert zich op getuigenissen en filmpjes waarop levenloze lichamen te zien zijn. De Volkskrant heeft de beelden gezien, maar kon ze niet verifiëren.
Dergelijke berichten wakkeren de angst aan voor grootschalig sektarisch geweld waar gewone Alawieten het slachtoffer van dreigen te worden. Hayat Tahrir al-Sham (HTS), de groepering die Assad in december verjoeg, heeft een troebel verleden als Syrische pendant van terreurbeweging Al Qaeda. Hoewel de populaire nieuwe president, Ahmad al-Sharaa, zich ontdaan heeft van dat oude extremistische imago, is het onduidelijk of hij in staat is de wraakzucht van zijn troepen te beteugelen. Zo bezien is het geweld aan de kust voor zijn bewind een cruciale lakmoesproef.
Versplintering dreigt: niets minder dan de eenheid van het land staat op het spel. Ook in de zuidelijke provincie Suwayda rommelt het, nu buurland Israël zich opwerpt als beschermheer van de Druzische minderheid daar. Israël –dat een strook Syrisch grondgebied bezet houdt – lijkt vastbesloten om volgens het principe verdeel en heers de Syrische regering zwak te houden en dreigt met militair ingrijpen als Sharaa zijn troepen naar het zuiden stuurt. Met de Koerden in het noordoosten is Sharaa nog evenmin tot een vergelijk gekomen.
De hinderlaag van donderdag werd volgens de autoriteiten gecoördineerd door Ghaith al-Dala, een kopstuk uit Assads gevreesde Vierde Divisie, afkomstig uit Jableh. Online verspreidde deze Assad-loyalist donderdag een bericht over de oprichting van de ‘Militaire Raad voor de Bevrijding van Syrië’. In de verklaring werd Sharaas regering getypeerd als een ‘bezettingsmacht’ die omver moet worden geworpen. Hoeveel aanhang Dala’s beweging heeft, is onduidelijk.
Blijkbaar, zei een woordvoerder van het Syrische ministerie van Defensie, ‘willen sommigen sterven ter verdediging van moordenaars en criminelen. De keuze is duidelijk: leg je wapens neer of onderga je onvermijdelijke lot.’
Aan de telefoon vertelt een Alawitische inwoner van de stad Baniyas dat de situatie uiterst gevaarlijk is. ‘Er liggen lijken op straat’, zegt hij, terwijl op de achtergrond geweervuur klinkt. ‘Mijn buurman is gisteren gedood.’ Uit angst voor represailles wil de man niet met zijn naam in de krant. Waarom zijn buurman gedood is, is onduidelijk.
De regeringstroepen zeggen bezig te zijn een gewapende opstand de kop in te drukken. Maar volgens de bron in Baniyas zijn gewone burgers ook doelwit. ‘Ze scanderen sektarische leuzen’, zegt hij over de ordetroepen, ‘puur gericht op Alawieten.’ In januari onderzocht de Volkskrant een moord op een 25-jarige Alawiet. Hij bleek door extremisten te zijn vermoord vanwege zijn religieuze achtergrond. De nieuwe regering heeft zich altijd van zulke wraakmoorden gedistantieerd. Ook ditmaal gaat het volgens een verklaring van Damascus om ‘individuele misdaden’ waar de regeringstroepen niets mee te maken hebben.
Bij Alawieten werkt het niettemin de vrees in de hand voor een massale afrekening. ‘Ongewapende burgers zijn het doelwit, puur omdat ze bij een bepaalde religieuze groep horen’, aldus de 44-jarige Tariq (‘geen achternaam’) aan de telefoon. Tariq woont in een dorp nabij Jableh. ‘We willen de internationale gemeenschap om hulp vragen.’
Sinds de val van Assad staan Alawieten (veelal dagloners en werkloze oud-soldaten) feitelijk met lege handen. Onder het vorige regime konden ze maatschappelijk opklimmen binnen het leger, maar nu die mogelijkheid is weggevallen, zijn ze volledig op zichzelf aangewezen. Vrijdag riepen Alawitische stamhoofden in de stad Homs op tot de-escalatie. ‘Iedereen moet prioriteit geven aan de taal van rede en dialoog.’ Ook Assad-loyalist Dala zei open te staan voor onderhandelingen.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant