Home

Zeker 71 doden na gevechten tussen Assad-loyalisten en regeringstroepen aan westkust Syrië

Een gewelddadige confrontatie tussen Assad-loyalisten en regeringstroepen aan de westkust van Syrië heeft minimaal 71 mensen het leven gekost. Gevreesd wordt dat het hier niet bij zal blijven.

is correspondent Midden-Oosten van de Volkskrant. Hij woont in Amman.

Oud-officieren die loyaal zijn aan de gevluchte ex-dictator Bashar al-Assad lokten donderdag veiligheidstroepen van het nieuwe bewind in de val in de stad Jableh. Ze doodden volgens de Syrische tv dertien politieagenten. Daarop volgde een harde, gewapende reactie van de regeringstroepen, onder meer met helikopters en artillerie.

Duizenden ordetroepen uit andere delen van het land (Idlib, Aleppo) zijn naar de westkust gestuurd. In de provincies Latakia, Homs en Tartous is donderdag voor 24 uur een avondklok ingesteld. Vrijdagochtend werd op meerdere plekken nog steeds hard gevochten.

Alawieten

In de kuststreek is het al weken onrustig, maar tot zo’n geweldsuitbarsting kwam het sinds de val van Assad nog niet. Vrijdagochtend maakte het in Londen gevestigde Syrisch Observatorium voor de Mensenrechten melding van een bloedbad in twee dorpen in de heuvels boven Latakia. Daarbij zouden minstens 52 mannen zijn geëxecuteerd. Online circuleren filmpjes waarop hun levenloze lichamen te zien zijn. De precieze toedracht is onduidelijk.

In het gebied wonen hoofdzakelijk Alawieten, een religieuze minderheid (circa 10 procent van de bevolking) die verwant is aan de sjiitische islam. Het is de groepering waar de Assad-dynastie zelf toe behoorde en die oververtegenwoordigd was binnen de legertop en de veiligheidsdiensten. Sinds de val van het oude regime (begin december) zijn er geregeld wraakmoorden geweest, soms op oud-officieren, soms op Alawitische burgers.

De hinderlaag van donderdag zou gecoördineerd zijn door Giyath Suleyman Dala, een kopstuk uit Assads gevreesde Vierde Divisie, afkomstig uit Jableh. Online verspreidde deze Assad-loyalist donderdag het bericht over de oprichting van de ‘Militaire Raad voor de Bevrijding van Syrië’, een groepering die de nieuwe regering onder leiding van president Ahmad al-Sharaa wil omverwerpen.

Het is onduidelijk hoeveel aanhang Dala’s beweging heeft. Volgens een woordvoerder van het Syrische ministerie voor Defensie ‘willen sommigen sterven ter verdediging van moordenaars en criminelen. De keuze is duidelijk: leg je wapens neer of ga je onvermijdelijke lot tegemoet’.

Aan de telefoon vertelt een Alawitische inwoner van de naburige stad Baniyas dat de situatie uiterst gevaarlijk is. ‘Er liggen lijken op straat’, zegt hij tegen de Volkskrant, terwijl op de achtergrond geweervuur klinkt. ‘Mijn buurman is gisteren gedood.’ Uit angst voor represailles wil de man niet met zijn naam in de krant. Het is onduidelijk waarom zijn buurman is gedood.

Doelwit

Volgens de regeringstroepen, die onder leiding staan van Hayat Tahrir al-Sham (HTS), wordt geprobeerd een gewapende opstand de kop in te drukken. Maar de bron in Baniyas zegt dat gewone burgers óók doelwit zijn. ‘Ze scanderen sektarische leuzen’, zegt hij over de troepen van HTS. ‘Puur gericht op Alawieten.’

In januari onderzocht de Volkskrant een moord op een 25-jarige Alawiet. Hij bleek vermoord te zijn vanwege zijn religieuze achtergrond. De nieuwe regering heeft zich altijd van zulke wraakmoorden gedistantieerd en zegt dat ze het werk zijn van niet nader genoemde extremistische ‘groepen’.

Dit alles werkt bij Alawieten de vrees in de hand voor een massale afrekening met hen als groep. ‘Ongewapende burgers zijn het doelwit, puur omdat ze bij een bepaalde religieuze groep horen’, aldus de 44-jarige Tariq (‘geen achternaam’) aan de telefoon. Tariq woont in een dorp nabij Jableh. ‘We willen de internationale gemeenschap om hulp vragen.’

Dialoog

Na de val van Assad staan Alawieten, veelal boeren en dagloners, met lege handen. Ten tijde van het regime konden ze maatschappelijk opklimmen binnen het leger, maar nu is die route verdwenen en zijn ze volledig op zichzelf aangewezen. Vrijdagochtend riepen Alawitische stamhoofden in de stad Homs online op tot de-escalatie. ‘Iedereen moet de prioriteit geven aan de taal van rede en dialoog.’

De eerste maanden na de val van Assad werden gekenmerkt door grote euforie, maar nu zijn de wittebroodsweken voor president Sharaa feitelijk voorbij. Het geweld aan de kust zou een belangrijke lakmoesproef kunnen zijn voor zijn bewind. Versplintering dreigt: niets minder dan de eenheid van het land staat op het spel.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next