De Amerikaanse president Donald Trump wil het ministerie van Onderwijs opheffen. Daarmee brengt hij een oude wens van conservatieve Republikeinen in vervulling. Waarom heeft rechts Amerika het zo op dit ministerie voorzien?
is nieuwsverslaggever van de Volkskrant.
Wat is Trump precies van plan?
‘Dit is onze kans om nog één laatste, onvergetelijke dienst te bewijzen aan de toekomstige generatie leerlingen.’ Met die ronkende boodschap trad Linda McMahon deze week aan als Trumps minister van Onderwijs. ‘De president heeft ons opdracht gegeven om korte metten te maken met de enorme bureaucratie op het ministerie van Onderwijs.’
Naar de betekenis van die ‘laatste, onvergetelijke dienst’ hoefden haar ambtenaren niet lang te gissen. Trump heeft bij herhaling beloofd het ministerie, dat naar zijn zeggen ‘een grote zwendel’ is, te zullen ontmantelen. En binnenkort zal hij de daad bij het woord voegen – per decreet, zoals we inmiddels van Trump gewend zijn. Amerikaanse media melden dat Trump dit spoedig zal uitvaardigen.
In het decreet geeft Trump volgens zakenkrant The Wall Street Journal McMahon de opdracht ‘alle noodzakelijke stappen te nemen’ om het ministerie te sluiten. Over hoe minister McMahon dat precies moet gaan doen, bestaat nog onduidelijkheid. Maar Trumps intentie is in elk geval zonneklaar.
Waarom heeft Trump het op dit ministerie voorzien?
Andere instanties werden de afgelopen weken overrompeld door Trumps frontale aanval op de overheid, maar op het ministerie van Onderwijs zagen ze de bui waarschijnlijk wel hangen. Bij een aanzienlijk deel van de Republikeinen leeft de wens om het ministerie af te schaffen al sinds de oprichting in 1980.
Voor conservatief Amerika is het ministerie van Onderwijs een belangrijk symbool van een overheid die te groot en bemoeizuchtig is geworden. Het ministerie financiert openbare scholen met publiek geld en bepaalt standaarden voor het onderwijs dat daar wordt gegeven. Conservatieven zien dat geld liever besteed aan (religieuze) privéscholen en thuisonderwijs. Onder het motto van ‘keuzevrijheid voor ouders’ roepen zij al sinds jaar en dag dat, in de woorden van McMahon, ‘de deelstaten weer zelf over onderwijs moeten gaan’.
Wat maakt dat Trump dit nu voor elkaar denkt te krijgen?
Trump meent de wind mee te hebben. Het wantrouwen tegen de overheid in het algemeen en tegen openbaar onderwijs in het bijzonder is sinds de coronapandemie toegenomen. Scholen waar leerlingen mondkapjes moesten dragen, konden op felle kritiek rekenen van Republikeinen. Ouders zouden zelf wel weten wat het beste was voor hun kinderen.
Bovendien raakte het openbaar onderwijs de afgelopen jaren verstrikt in al decennia slepende cultuuroorlogen. Met lessen over ras en genderidentiteit maakten openbare scholen zich volgens rechtse politici en opiniemakers schuldig aan het indoctrineren van kinderen met ‘woke’ ideeën. Republikeinse staten als Florida en Alabama kwamen al met wetten die daar een einde aan moeten maken.
Ook in Project 2025, de officieuze blauwdruk van een oerconservatieve denktank voor Trumps tweede termijn, staat onomwonden dat het ministerie moet verdwijnen. Het ultieme doel is dat elke ouder een met publiek geld bekostigde voucher krijgt, een zogeheten Empowerment Scholarship Account, die kan worden besteed aan een onderwijsvorm naar keuze die aansluit bij de behoeften van het kind. In onder meer Arizona wordt daar al mee gewerkt, tot bezorgdheid van openbare scholen die hun financiering zien teruglopen.
Kan Trump het ministerie echt zomaar afschaffen?
Simpel gezegd: nee. Hoewel Trumps tweede ambtstermijn wordt gekenmerkt door zijn drang om per decreet te regeren, is hij voor het afschaffen van het onderwijsministerie aangewezen op het Congres. Het ministerie is per wet in het leven geroepen en het vereist dus ook een wet om te kunnen worden opheven. Hoewel zijn partij in beide huizen van het Congres een (minieme) meerderheid heeft, zijn voor reguliere wetswijzigingen in de Senaat 60 van de 100 stemmen nodig. Dat betekent dat Trump de steun nodig heeft van Democraten. Dat hij die krijgt lijkt, alleen al gezien hun unanieme weerstand tegen de benoeming van McMahon, ijdele hoop.
In de tussentijd kan Trump het ministerie wel van binnenuit uithollen. Ook Elon Musk, zijn belangrijkste handlanger bij zijn bezuinigingsoperatie, heeft zijn pijlen op het ministerie gericht. Vorige maand kondigde hij voor bijna een miljard dollar aan bezuinigingen aan op dit departement, zeker tientallen ambtenaren zijn alvast op straat gezet. Toen Democraten naar het ministerie van Onderwijs togen om te protesteren, reageerde Musk dat ‘zo’n ministerie niet bestaat binnen de federale overheid’.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant