Nederland maakt ook voor volgend jaar 3,5 miljard euro vrij voor financiële en militaire steun aan Oekraïne. Dat heeft premier Dick Schoof bekendgemaakt in het debat woensdagavond over de aankomende EU-top. Het leidde tot een openlijke ruzie tussen coalitiepartijen, nadat Geert Wilders (PVV) zei nog niet akkoord te kunnen gaan.
is politiek verslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft over veiligheid, diplomatie en buitenlands beleid.
Wilders maakte bezwaar: hij merkte op dat de toezegging van ‘onverminderde’ steun voor Oekraine uit het regeerakkoord komt, terwijl in het Hoofdlijnenakkoord tussen de coalitiepartijen een zwakkere formulering staat (namelijk ‘blijvende steun’). Over onverminderde steun zei Wilders: ‘Daar zijn wij niet aan gebonden. Daar kan ik nu niet mee instemmen.’
Wilders wil die extra 3,5 miljard alleen steunen als er ook geld komt voor de problemen waar mensen in Nederland mee zitten: goedkopere boodschappen, lagere huren, en een lagere energierekening. Hetzelfde punt wordt overigens gemaakt door de linkse oppositie: hogere defensie-investeringen mogen niet ten koste gaan van sociale uitgaven.
Schoof reageerde op Wilders plotse bezwaren dat deze kwestie besproken zal worden in het overleg over de Voorjaarsnota. VVD-fractieleider Dilan Yesilgöz zei dat Wilders een ‘valse tegenstelling’ creëert, ‘alsof je als je wilt investeren in de veiligheid van Nederlanders geen zorgen kunt maken over de hogere kosten waar Nederlanders op allerlei gebieden mee te maken krijgen’. Daarop reageerde Wilders met een oneliner: ‘Doen alsof dit een non-discussie is, dat zeggen alleen maar rijke patsers uit Wassenaar.’
Frans Timmermans (GroenLinks-PvdA) bracht in herinnering dat hij zich tijdens het debat flexibel had opgesteld met de toezegging dat hij meer steun aan Oekraïne zou kunnen steunen - ook als niet alle regeringspartijen dat zouden doen (een voorwaarde die wel gehandhaafd blijft inzake een eventuele Nederlandse bijdrage aan een militaire missie in Oekraine). Hij hekelde daarom de plotse vraagtekens van Wilders bij ‘onverminderde steun’ aan Oekraïne als ‘verantwoordelijkheidsvakantie’.
Yesilgoz benadrukte - in contrast met de PVV - dat wat de VVD deze steun desnoods juist nog verhoogd kan worden - bijvoorbeeld als de VS hun steun aan Oekraïne niet meer hervatten. ‘Wij vinden dat we dan moeten staan voor wat nodig is’, aldus Yesilgöz. Daarover wilde Schoof nog geen toezeggingen doen.
Tot de ruzie binnen de coalitie over het extra geld voor Oekraïne werd het debat juist gekenmerkt door het besef dat in de ‘historische tijden’ die Europa meemaakt ook de veiligheid van Nederland op het spel staat. De Kamer toonde zich daarin bereid het kabinet een ruim en flexibel mandaat mee te geven om de Europese pogingen te ondersteunen om de eigen en de Oekraïense veiligheid zoveel mogelijk te bevorderen.
Hiertoe uitgedaagd door coalitiegenoot BBB, zei Yesilgöz nog steeds tegenstander te zijn voor eurobonds, maar ze zei ook dat ze ‘vervolgens met de realiteit’ te maken heeft: ‘een oorlog op ons continent die dreigt te escaleren. Dan zeg ik: ik beheers mij om dat mee te geven aan dit kabinet, want er staat nu iets groters op het spel: onze vrijheid, onze veiligheid. Dan zeg ik: doe wat nodig is om aan tafel te komen, dan zien we daarna waarmee u terugkomt.’ Ook Wilders benadrukte dat ‘premier niet aan de ketting ligt’.
Wilders toonde zich groot voorstander van het bevorderen van lijmpogingen tussen Zelensky en Trump - en zei dat openlijke veroordelingen van Trumps gedrag daarbij niet helpen. Hij onderstreepte wel dat ‘er maar één agressor in deze oorlog is, en dat is Rusland’. Wilders uitte de vrees dat Zelensky ‘niet aan tafel komt te zitten. Stel je voor dat Trump met Poetin alleen gaat praten, dat is mijn nachtmerrie.’
Waar Wilders hamerde op de noodzaak dat Zelensky betrokken wordt bij de vredesbesprekingen onderstreepte Timmermans dat het resultaat wel een duurzame en rechtvaardige vrede moet zijn. ‘Doorvechten is mooi, maar vrede is beter’, zei Wilders, ‘er is op dit moment geen alternatief voor Trump’. Daartegenover stelde Timmermans dat hij ‘onpasselijk’ wordt van het ‘valse frame dat Poetin vrede wil - hij wil geen vrede, hij wil Oekraïne van de kaart vegen’.
Dat onder druk alles vloeibaar wordt, bleek ook uit het feit dat zich een kamermeerderheid aftekent die, conform een motie van Volt en NSC, van het kabinet vraagt ‘met spoed in kaart te brengen over welke kritieke militaire capaciteiten Europa dient te beschikken om zich indien nodig eigenstandig te kunnen verdedigen’.
Hoewel bijna alle fracties hopen dat de veiligheidsband met de VS bewaard blijft - en premier Schoof andermaal benadrukte dat er op korte termijn geen alternatief is - bleek er een groeiende behoefte aan wat Pieter Omtzigt (NSC) een plan-B noemde. ‘Mijn vraag over plan B is wat er gebeurt op het moment dat Amerika die backstop (voor Europese troepen in Oekraïne, red.) niet levert? En ik had niet gedacht dat ik deze zin ooit zou uitspreken in deze Kamer.’
Dat de tijden snel veranderen, bleek ook uit het feit dat zowel de VVD als GroenLinks-PvdA te berde brachten dat de huidige omstandigheden ertoe nopen om ook in Europees verband te spreken over de Franse en Britse kernwapens. ‘De enige manier om te zorgen dat Poetin geen bedreiging blijft is te laten zien dat we elke vorm van escalatie kunnen domineren’, zei Timmermans. ‘Als we niet meer onder de Amerikaanse nucleaire paraplu zullen vallen, zullen wij ook moeten vragen: is er een alternatief aanwezig?’ Ook Yesilgöz sprak over het ‘taboes loslaten over nucleaire afschrikking samen met VK en Frankrijk’.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant