De schrobbering in eigen huis tegen Arsenal (1-7) heeft er in Eindhoven hard ingehakt, zo bleek uit de lichaamstaal en de uitspraken van de PSV-spelers na afloop. De vraag is of coach Peter Bosz zijn spelers nog in zichzelf, elkaar en zijn plannen kan laten geloven.
is voetbalverslaggever van de Volkskrant.
In café ’t Pleintje aan het Sint Trudoplein, op een doeltrap van het stadion van PSV, houden ze in de nacht van dinsdag op woensdag een soort besloten bijeenkomst voor slachtoffers. Zo’n acht mannen en vrouwen aan de bar, de helft in PSV-shirts, treuren hardop na het historische verlies (1-7) tegen Arsenal.
Weg is de carnavalsroes, weg dat gelukzalige gevoel bij het horen van de Champions League-hymne. Een man vat luidkeels het gevoel samen: ‘Wa’ klote allemaal.’ Snel wordt de deur dichtgedaan als een buitenstaander nog naar binnen wil. ‘We zijn dicht, hoor!’
PSV, wat nu? Vorige week door Go Ahead Eagles uit de beker gegooid, vervolgens in de competitie van diezelfde bescheiden club verloren en zodoende op acht punten van Ajax gezet. De maanden ervoor was het ook vooral kommer en kwel.
Een heroïsche opleving tegen Juventus in de vorige ronde van de Champions League is feitelijk al wat in positieve zin beklijft van PSV in 2025. Een opleving waaraan de geplaagde trainer Peter Bosz zich nu uit alle macht vasthoudt, zo herhaalde hij een paar keer tijdens de persconferentie. Als het toen ineens kon, waarom straks niet?
Nou, omdat het hiervoor ook niet lukte, en daarvoor dus ook niet. En omdat de schrobbering voor het oog van de wereld in eigen huis tegen Arsenal er nogal hard ingehakt, zo bleek ook uit de lichaamstaal en de uitspraken van de spelers na afloop.
Natuurlijk, van het met miljoenen smijtende Arsenal mocht verloren worden – zelfs van een vermoeid Arsenal zonder de gevreesde voorhoede. Maar toch niet met zulke cijfers. Niet op de manier waarop PSV aan beide helften begon, en waarop de PSV’ers het op een gegeven moment gewoon maar lieten lopen.
Verhalen over een verminderde teamgeest en mindset werden vrij openlijk verteld, ook door spelers. In de perskamer zinspeelden door journalisten op bewuste sabotage, gezien de vrijheid die Arsenal-aanvoerder Martin Ødegaard kreeg, de dekkingsfouten en het zomaar omvallen van Ryan Flamingo, de ketsers van doelman Walter Benítez, de inspeelfouten van Jerdy Schouten en Ismael Saibari, het verschil in energie tussen Declan Rice en Guus Til.
Maar profspelers voetballen vooral voor zichzelf, voor hun eigen roem en marktwaarde. Wie opzichtig gaat muiten om een trainer te wippen, weet dat clubs hem afschrijven.
Of Bosz zijn spelers nog kan opmonteren, of hij ze in zichzelf, elkaar en zijn plannen kan laten geloven, zal eerder de kernvraag zijn. Bosz toonde zich na afloop in ieder geval strijdbaar.
De 61-jarige coach is gepokt en gemazeld, het levende bewijs van de absurde wendingen die een trainersloopbaan kan nemen. Eind vorig jaar moest er een gezamenlijke interviewsessie worden belegd, zo veel media wilden hem uitgebreid spreken na het wonderjaar 2024. Kampioen met maar liefst 91 punten en zinnenprikkelend voetbal, en aan het huidige seizoen zo goed begonnen dat de titelstrijd al beslist leek. Met glorieuze avonden in de Champions League, ook nog.
Drie maanden later resteren er slechts kruimels. Wel lucratieve, voor PSV vrij onontbeerlijke kruimels: de tweede plaats betekent Champions League-voetbal, en dus heel veel geld. De Eindhovenaren staan zes punten voor op de nummer 3, FC Utrecht.
Bosz voelt nog steeds het vertrouwen van de directie. ‘Absoluut’, zei hij op een toon van een vader die zijn zoon geruststelt. Bosz en technisch directeur Earnest Stewart hebben hun kantoren naast elkaar, lopen voortdurend bij elkaar naar binnen.
Je kunt stellen dat de technisch directeur de trainer heeft opgezadeld met te weinig soldaten, vooral in de defensie. Anderzijds stelt ook Bosz liever een pure voetballer als Olivier Boscagli centraal achterin op.
De ontwikkeling van getalenteerde spelers is stilgevallen. Noa Lang en Saibari blijven momentenvoetballers, Joey Veerman en Boscagli permitteren zich nog steeds slippertjes. Zelfs de metronoom Schouten is meegegaan in de malaise. En wat speelt toptalent Tygo Land nog steeds weinig.
De veranderde Champions League-opzet, met meer poulewedstrijden en ook nog een tussenronde, vraagt om een bredere, rijpere selectie. Daarnaast kan verversing een spelersgroep fris en gretig houden. Bosz en Stewart dachten het met deze groep te redden, een flagrante misrekening. En nu zit Bosz op de schopstoel.
Hem wordt vaak verweten maar één plan te hebben: een aanvalsplan. Tegen Arsenal koos hij ervoor om zijn ploeg wat meer teruggetrokken te laten spelen, ook al wist hij al dat hij daar de spelers niet voor heeft. Er klopte dan ook niets van de afstemming bij PSV, de ruimtes waren enorm. Middenvelders van Arsenal zullen zich gevoeld hebben als vee in een grote lentewei, de wolven keken netjes achter het hek toe.
Bosz zei in de rust bij een 1-3-stand: ‘Ga voor de 2-3’. Binnen twee minuten stond het 1-5. ‘En dan vrees je dat het heel erg wordt, en dat werd het ook.’
De PSV-coach van de positieve records kreeg ineens twee negatieve records aan zijn broek: nooit verloor PSV thuis zo ruim en nooit verloor een Nederlandse ploeg een Europese wedstrijd met dergelijke cijfers.
Opnieuw wordt het wonden likken, nu richting Heerenveen-thuis, op zaterdag. Bosz blijft aan als heelmeester. Maar een vierde verlies op rij kan voor een coach die twee nederlagen op rij al topclubonwaardig vindt, eigenlijk niet zonder gevolgen blijven.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant