Home

Achter de schermen van de F1-paddock: Alles is anders in Bahrein, of toch niet?

Na drie dagen rondjes draaien, zit de Formule 1-wintertest erop. In Bahrein bleek veel anders dan in de voorbije jaren, maar toch niet alles. Een blik achter de schermen van de paddock.

De wintertest afwerken in Bahrein, het is een soort moderne traditie in de Formule 1. Het land in het Midden-Oosten heeft om meerdere redenen het stokje overgenomen van Barcelona als hét testcircuit bij uitstek in de koningsklasse - ondanks dat het door het ruwe asfalt niet eens zo heel representatief is voor alle banen. Europese fans betreuren het, al moet ik eerlijk toegeven dat ik het persoonlijk wel prima vind op basis van de afgelopen jaren. Doorgaans goed weer, prima faciliteiten, goede catering, en o ja, geen files.

Dat laatste komt doordat er nauwelijks fans op de tribunes te vinden zijn bij een wintertest in Bahrein. De lokale bevolking loopt er amper warm voor en weet nauwelijks wat de Formule 1 is. Niet voor niets vroeg een medewerker van een autoverhuurbedrijf me bij aankomst in Bahrein drie jaar geleden. "Waarom bent u hier in Bahrein?" Toen het antwoord "vanwege werk in de Formule 1" luidde, was zijn vervolgvraag: "Ah, dus u bent zelf Formule 1-coureur?" Dat een verslaggever voor pakweg Max Verstappen of Lando Norris wordt aangezien, geeft al enigszins aan in hoeverre de Formule 1 leeft in het Midden-Oosten.

Ditmaal deel ik een huurauto met collega Oleg Karpov en gaat het met een Uber naar het hotel in Juffair, overigens de meeste levendige wijk van de hoofdstad Manama. Nederlanders staan er wellicht om bekend eindeloos te zeuren over het weer, maar ik heb nog geen voet in de taxi gezet of het klinkt al "it's very cold today, right?" De taxichauffeur heeft gelijk, want met een graad of veertien is het ronduit fris te noemen en aanmerkelijk ander weer dan in de voorbije jaren. Het is een factor waar de Formule 1-teams eveneens mee te maken krijgen. Na avondeten in de buurt van het hotel, waarbij de ober opmerkt "ah, you are from The Netherlands? I like Amsterdam, but Holland is beautiful as well" (ik heb maar geen poging ondernomen om uit te leggen dat Amsterdam in Noord-Holland ligt), is het tijd om ons op te maken voor de eerste dag.

Die eerste testdag is traditiegetrouw ook het moment om de permanente accreditatie voor het hele jaar op te halen, oftewel het pasje dat weer een heel seizoen toegang tot de paddock biedt. Een tweede traditie is het halen van een fotohesje dat toegang tot de pitstraat verschaft. Het is ieder jaar van belang, maar dit jaar nog net iets meer doordat we 'de echte auto's' na de collectieve livery reveal in Londen nog niet hebben gezien. Vanuit Nederlands oogpunt is het natuurlijk uitkijken naar de RB21, al is het in tegenstelling tot vorig jaar behoorlijk rustig voor de Red Bull-pitbox. Het heeft een logische verklaring: de verzamelde wereldpers is ditmaal bij Ferrari te vinden, waar Lewis Hamilton (na eerdere besloten test- en filmdagen) nu zijn eerste meters in het rood voor het oog van de wereld gaat maken. Als de schermen eenmaal voor de Ferrari-pitbox weggaan en alle fotografen gretig klikken, valt eens te meer het contrast op. Lege tribunes en niemand die er op locatie echt warm voor loopt, maar in de Formule 1-wereld en ook in Europa ligt deze dag onder een enorm vergrootglas en kan die op bovenmatige interesse rekenen.

In de middag krijgen we, naast het koude weer, met wederom een atypisch tafereel te maken. Rond een uur of vijf lokale tijd wordt het ineens donker in het mediacentrum, en dat blijkt niet enkel voor de perszaal te gelden. In allerijl rennen teamleden door de paddock heen op zoek naar aggregaten. In de pitboxen en de hospitalities is de stroom namelijk ook uitgevallen. Minstens zo belangrijk is dat de lampen rond het circuit evenmin werken en dat er dus met een rode vlag moet worden gezwaaid. "Dit heb ik in alle jaren nog nooit meegemaakt, maar zo gebeurt er nog eens iets in Bahrein", grappen enkele collega's. Helmut Marko kan er ook wel om lachen. "No power", zegt hij als we hem met een groepje Nederlandse collega's tegenkomen bij het verlaten van de pitbox. Het grapje "just like the Renault days then!", kan de inmiddels 81-jarige Oostenrijker getuige zijn glimlach wel waarderen.

Aan het eind van de testdag, die met een uur is verlengd, is het traditiegetrouw tijd om Marko weer op te zoeken achter de Red Bull-pitbox. De topadviseur klinkt opgetogen en stelt dat de balansproblemen van vorig jaar grotendeels verhelpen zijn. Marko voegt er nog aan toe dat Verstappen eveneens tevreden is over zijn eerste kennismaking met de RB21. Na het schrijven van de bijbehorende artikelen, een analyse over de eerste testdag en het opnemen van de F1-update (de gebruikelijke video-analyse op YouTube) loopt het al richting middernacht. Collega Oleg, waarmee de huurauto wordt gedeeld, heeft na één dag al genoeg gezien: "Zo'n auto delen is gezellig en beter voor de kosten, maar met die werktijden van jou moet je volgend jaar toch maar weer gewoon je eigen auto hebben..." Eenmaal terug bij het hotel in Juffair blijkt het ook nog niet meteen tijd voor rust. In Juffair gebeuren namelijk meerdere zaken die je niet meteen achter Bahrein zoekt, waaronder beats die tot ongeveer 3 uur 's nachts door de hotelkamers dreunen. Het hoort bij de complete ervaring zullen we maar zeggen.

In de tweede resterende dagen blijken nog meer aspecten van deze wintertest anders dan normaal. Donderdag begint het weer in Bahrein nog iets meer op dat van pakweg Nederland of Engeland te lijken. Het regent en dus ligt de baanactie bijna een uur stil. Enkel Aston Martin en Haas kunnen naar buiten, aangezien zij als enige teams beschikken over intermediates dan wel regenbanden. Een Formule 1-auto op intermediates in Bahrein stond eerlijk gezegd niet op mijn bingokaart, maar komt wel goed uit, aangezien ik op hetzelfde moment een interview met Pirelli-chef Mario Isola heb. Kan hij meteen even uitleggen waarom maar twee teams regenbanden hebben en ook ingaan op de kritiek van George Russell, die me een dag ervoor vertelde dat het Pirelli-rubber voor 2026 in zijn optiek 'een behoorlijke stap slechter' is. Isola doet uit de doeken dat teams recent hebben mogen kiezen: ofwel vasthouden aan de huidige bandenafmeting of doorgaan met de 2026-banden, die 18 inch blijven, maar wel smaller zijn.

Ook de slotdag heeft twee atypische momenten in petto: een rode vlag door gebroken glas op start-finish en een verdwaalde bus die zomaar het circuit oprijdt, terwijl de baan alweer is vrijgegeven. Het maakt deze testdagen rommelig en anders dan normaal. Maar is alles dan anders anno 2025? Nee, dat niet. Want als ik op de laatste testdag een rondje door de paddock maak, wijst iedereen naar McLaren als hét te kloppen team - net zoals eind vorig jaar dus. Bij Red Bull klinkt het: "We denken dat het close is tussen ons, Ferrari en Mercedes, alleen lijkt McLaren er wel iets voor te staan. We weten alleen niet hoeveel dat is. Of het gat twee tienden is, drie tienden of vijf tienden." Dat laatste is natuurlijk niet te hopen voor de neutrale F1-fan, al houden ze bij McLaren nog een slag om de arm. Als ik teamleden in de hospitality gekscherend vraag of de champagne alvast koud staat voor een nieuwe wereldtitel, luidt het antwoord met een lach: "Nou, we moeten een beetje voorzichtig zijn, hè. Maar we hopen vooral dat het op de manier van vorig jaar doorgaat."

Na de laatste video-opnames - waarbij lokale circuitmedewerkers op de achtergrond overigens een dikke muts en handschoenen noodzakelijk achten bij 16 graden - is het tijd om de laatste keer deze testdagen het hotel in Juffair op te zoeken. Ook daar is alles ineens anders. Serene rust en geen mens meer te bekennen. De reden? Direct na de wintertest is de ramadan begonnen, wat eveneens een rol speelt in de Formule 1-kalender van dit jaar en de start in Australië. Het is logistiek misschien niet ideaal voor de koningsklasse, maar blijkt persoonlijk wel een voordeel te hebben. Als de restaurants een dag later na zonsondergang weer opengaan, blijkt er namelijk een 'all you can eat'-voordeelmenu in de aanbieding te zijn. En all you can eat moet in dit geval vrij letterlijk worden genomen... Soep, een Amerikaanse hotdog met patat, kippenvleugels, een cheeseburger met patat, een kipsandwich en onbeperkt frisdrank prijkt er op het papiertje. "Als u het ene gerecht op heeft, geef dan gerust door wat u als volgende wilt", zegt de bediening vriendelijk. Het is aan het eind van de avond een kwestie van rollend weer terug naar het hotel... Misschien is het geheel net verteerd als we over ruim een maand weer terugkomen in Bahrein, waar dan - heel misschien - alles wel weer is zoals het voorheen was. Dan gaat het in ieder geval om de knikkers met een daadwerkelijke Grand Prix.

Source: Motorsport

Previous

Next