Home

Karl Lagerfeld, Coco Chanel, Paul Poiret. Dit zijn de tien modeontwerpers met de beste interieurs

Het zal niemand verbazen dat er een sterke link is tussen mode en interieur: kijk alleen al naar alle in minimalistisch beige geklede influencers in hun al even beige midcentury-interieurs op Instagram – een trend die de laatste tijd wordt aangeduid als ‘sad beige’. Die relatie was er al in de achttiende eeuw, zegt Romy Cockx (42), curator bij het Antwerpse modemuseum MoMu en samensteller van een aankomende tentoonstelling over de relatie tussen mode en interieur en de rol van gender daarbij. „Toen namen stoelen de vorm aan van de extreem brede rokken die werden gedragen.” Dat speelde zich wel alleen af in de rijkste lagen van de bevolking.

In de negentiende eeuw ontstond de middenklasse. Van vrouwen werd verwacht dat ze het huis gezellig maakten terwijl hun man aan het werk was. „Smaak werd belangrijk, gezelligheid, overdadigheid. Veel draperieën, gordijnen, kleedjes – meubels worden dan eigenlijk net zo aangekleed als de vrouwen zelf. Die droegen veel lagen stof, vaak met ruches.” Waardoor zij – net als de hedendaagse influencers – opgingen in hun interieur.

In de twintigste eeuw kwamen modernistische (meest mannelijke) ontwerpers op, die zich afzetten tegen deze ‘vrouwelijke’ interieuropvatting. Tegelijkertijd ontdekten modeontwerpers het interieur als manier om hun merk uit te breiden, waardoor de relatie tussen interieur en (vrouwen)mode bleef bestaan.

In een van de zalen van de tentoonstelling zullen foto’s worden getoond van ontwerpers in hun eigen interieur. „Je ziet dat zij hun huis zien als een representatie van hun eigen stijl en persoonlijkheid”, zegt Cockx. „En dat wordt doorgevoerd tot in de kleinste details.”

Mode & Interieur. A Gendered Affair. Vanaf 29 maart, MoMu, Antwerpen. momu.be

In zijn Parijse appartement, 197510 Karl Lagerfeld (1933-2019)

Romy Cockx: „Karl Lagerfeld kon in zijn werk veel kanten opgaan. Hij heeft lang een eigen merk gehad, maar zijn beste werk maakte hij voor anderen. Wat hij liet zien bij Chanel was iets totaal anders dan wat hij voor Chloé deed, en voor Fendi was het weer iets anders. Hij was iemand die goed overweg kon met de stijl van anderen. Dat zie je terug in zijn huizen, die hij steeds totaal anders liet inrichten, steeds radicaal in één stijl. Hier zit hij in een art deco-interieur, hij heeft in Monaco een huis gehad dat helemaal Memphis was, hij had een huis in Italië dat vol stond met Winer Werkstätte-meubels. ‘Hij gaat tot het gaatje met een obsessie, en dan doet hij alles weer weg’, zei Andrée Putman, die veel van zijn huizen inrichtte.”

in haar slaapkamer. New York, 19789 Diane von Fürstenberg (1946)

„Alfred Stevens schilderde in de negentiende eeuw vrouwen in hun overdadige interieurs. Deze foto van Diane von Fürstenberg in haar slaapkamer kun je zien als een geëmancipeerde, twintigste-eeuwse variant. Ze was getrouwd met een prins, ze was moeder, maar ook modeontwerper, zakenvrouw, disco queen. Deze slaapkamer getuigt van enorme durf. Dat satijnen bed, dat bloemenbehang bij een tapijt met panterprint. In haar woonkamer hingen Warhol-portretten van haarzelf boven de bank. Von Fürstenberg werd groot met de wrap-dress, die had dezelfde brutaliteit als haar interieur, heel sexy met uitgesproken prints.”

thuis in Varese, 19758 Rosita (1931-2025) en Ottavio (1921-2013) Missoni

„Het echtpaar Missoni begon in 1953 een klein brei-atelier. Hun truien met kleurrijke patronen werden een groot succes. In de jaren zeventig brachten ze ook tafellakens en bedlinnen op de markt en bekleedden ze meubels van Saporti. Vanaf 1981 konden ook particulieren interieurstoffen van Missoni kopen. Hier zitten ze in hun huis in Varese. Het is eclectisch, kleurrijk en heel gezellig ingericht, vol planten en kunst zoals illustraties van Sonia Delaunay. Het is een huis dat optimisme uitstraalt. Het succes van Missoni schuilt denk ik ook hierin: de kleurrijke patronen, of ze nu in kleding of interieur worden toegepast, zorgen voor een energieboost.”

Het huis van het stel in Zandhoven, 2018 7 Walter Van Beirendonck (1957) en Dirk Van Saene (1959)

„De woning van Walter Van Beirendonck en Dirk Van Saene, een oud notarishuis, is echt een gesamtkunstwerk. Er staat een installatie die is gemaakt van houten stoelen van de grootmoeder van Walter, die worden ondersteund door werkkistjes van de vader van Dirk, die technisch tekenaar was, en daarop staat weer een beeld van Dirk; hij is gestopt met mode en is nu keramist. Hun gezamenlijke passie voor Afrikaanse en Zuid-Amerikaanse kunst zie je ook terug in hun interieur. Walter heeft in zijn werkkamer een kast vol speelgoed, een inspiratiebron voor hem. Voor voorjaar 2014 heeft Walter een collectie gemaakt waarin het huis letterlijk terugkwam: in de stoffen van pakken waren afbeeldingen van de vloer, ramen, bank, muren met behang en schilderijen geweven.”

De winkel in Antwerpen (2021)6 Ann Demeulemeester (1959)

„Ann Demeulemeester en haar man, fotograaf Patrick Robyn, hebben in 1983 het enige huis van Le Corbusier in België gekocht. Ze ontdekten het toen ze twee jaar daarvoor een locatie zochten om de eindexamencollectie van Ann te fotograferen. Het was in heel slechte staat. Er waren in die tijd werkzaamheden aan de A12 en de aannemer had het gehuurd als bouwkeet. Ze hebben de restauratie zelf in gang gezet en alles zo gelaten als Le Corbusier het had bedoeld. De pure lijnen en de lichtinval hebben haar mode beïnvloed, zegt ze: ook daarin heeft ze gezocht naar puurheid. De winkel in Antwerpen is verbouwd in dezelfde stijl als het huis. Ann Demeulemeester verliet haar merk in 2013. Tegenwoordig maakt ze servies en meubels voor Serax.”

Het kasteel in Lier, still uit de film Dries (2017)5 Dries Van Noten (1958)

„Dries Van Noten en zijn partner Patrick Vangheluwe wonen in een neo-classicistisch kasteeltje uit het midden van de 19de eeuw, vlak buiten Antwerpen. Het was behoorlijk verwaarloosd toen ze het kochten, ze hebben het helemaal onder handen genomen en er een prachtige tuin aangelegd. Het interieur hebben ze gedaan met Gert Voorjans, die ook betrokken is geweest bij de winkels. Net zoals het geval was in zijn modecollecties [Van Noten is sinds zomer 2024 met pensioen] zie je overal onverwachte combinaties van kleuren, stijlen, patronen en periodes. Er staan bijzondere meubels in, stukken uit het Franse buitenhuis van Yves Saint Laurent en Pierre Bergé, kostbaar Brits antiek. De manier waarop het is samengebracht is doordacht, maar toch huiselijk. Je hebt het gevoel dat er wordt geleefd.”

Het huis in Parijs, voor de veiling van de kunst, 20094 Yves Saint Laurent (1936-2008)

„Het huis in Parijs van Yves Saint Laurent en zijn partner Pierre Bergé hing en stond bomvol kunst: Goya, Picasso, Warhol, Braque, Mondriaan, Matisse. Hij besteedde heel veel tijd aan het ordenen van zijn meubelen en kunst, op zoek naar een compositie die alles zo goed mogelijk tot zijn recht zou laten komen. Hij deed dat op een vrijere en associatievere manier dan de meeste kunstverzamelaars, keek meer naar vorm en kleur dan naar periodes. Kunst speelde ook een rol in zijn werk. In de loop der jaren kwamen veel van de kunstenaars die hij verzamelde terug in zijn collecties. De Mondriaanjurk uit 1965 is misschien wel het bekendste voorbeeld, maar hij heeft ook collecties gemaakt waarin kunst van Picasso en Braque was verwerkt.”

In haar Parijse appartement, jaren vijftig3 Coco Chanel (1883-1971)

„Coco Chanel had twee appartementen in Parijs: een in het Ritz-hotel, waar ze sliep, en een boven haar winkel aan de Rue Cambon. Het appartement in de Rue Cambon was barok ingericht, met allemaal voorwerpen die betekenis voor haar hadden. Voor Chanel was het interieur een verlengde van de ziel. Er stond een antiek Chinees kamerscherm; haar overleden geliefde, Boy Chapel, had haar daarmee kennis laten maken. Een beeldje van Onze-Lieve-Vrouw met kindje Jezus deed haar denken aan haar jeugd in een weeshuis. Als je haar in haar appartement ziet, contrasteert het interieur met haar eenvoudige kledingstijl. Ik denk dat ze zich daarvan bewust was, zo kwam de moderniteit van haar ontwerpen nog beter uit.”

Lanvins boudoir (1925), nagebouwd in MAD Paris2 Jeanne Lanvin (1867-1946)

„Paul Poiret wordt vaak genoemd als de ontwerper die vrouwen bevrijdde van het korset. Dat klopt niet helemaal, dat speelde al toen hij begon, maar hij was wel een van de meest succesvolle modeontwerpers uit het begin van de twintigste eeuw. Zijn ontwerpen waren over de hele wereld te koop, hij gaf shows in Wenen en Rusland. Hij was ook de eerste modeontwerper die van zijn merk een lifestyle-brand maakte, met parfums en een interieurlijn. Daarvoor had hij een speciale winkel, een atelier en vanaf 1913 een eigen school waar kansarme meisjes werden opgeleid tot bijvoorbeeld dessinontwerper. Geïnspireerd door de Wiener Werkstätte wilde hij een totaalkunstwerk maken van zijn oriëntaalse stijl. Er zijn foto’s van hem en zijn familie in zijn eigen huis. Dan liggen hij en zijn vijf kinderen te luieren op oriëntaalse kussens, terwijl hij ze voorleest. Of hij liet zijn vrouw Denise poseren, helemaal uitgedost. Ik neem aan dat die bedoeld waren voor de pers, om een droombeeld te verspreiden, maar het ziet er allemaal ook heel gezellig uit.”

Poirets vrouw Denise en hun hond in huis (1920). Het schilderij is van Kees Van Dongen 1 Paul Poiret (1879-1944)

„Jeanne Lanvin, een van de eerste vrouwelijke couturiers, ging ver in het doorvoeren van haar merkidentiteit. Begin jaren twintig huurde ze Armand-Albert Rateau in, een beroemde meubelmaker, architect en binnenhuisarchitect, om haar huisstijl neer te zetten: mode, verpakkingen, een meubellijn, haar eigen huis. Ze hebben zelfs samen een theater ingericht. De geometrische motieven die in haar jurken zaten zag je terug in de badkamers. Margrieten waren belangrijk in haar beeldtaal omdat haar dochter Marguerite heette. Die zaten in haar woning zelfs in trapspijlen. En dan is er haar speciale kleur korenblauw, nog steeds het handelsmerk van het modehuis. Haar complete boudoir werd in 1965 geschonken aan het Musée des Arts Decoratifs.”

Source: NRC

Previous

Next