Het Amsterdamse pand, waarvan de gevel ‘s avonds wordt opgelicht met de felblauwe woorden Jesus Loves You, heeft een bijzondere geschiedenis. Luc Upson staat stil bij de betekenis van deze historie én bij de beroemde zalvende woorden.
Mijn ouders waren zendelingen in Nigeria, dus ik groeide op met de boodschap dat Jezus van mij hield. Toen ik na de middelbare school geen interesse toonde in de universiteit, stelden mijn ouders een school voor waar je leerde anderen te vertellen dat Jezus ook van hen hield. De school was onderdeel van een internationale organisatie genaamd Youth With A Mission, en ze hadden een vestiging in Amsterdam. Deze toen nog jeugdige enthousiasteling was meteen om.
De zendingsorganisatie stond bekend om haar gebouw tegenover het Centraal Station, waar elke avond in felblauwe letters Jesus Loves You oplichtte. Zoals de meeste evangelisten had ik over het gebouw gelezen in de christelijke bestseller Living on the Devil’s Doorstep, een boek over een Amerikaans echtpaar dat de beruchte heidenen op de Wallen bekeerde. Maar toen ik in Amsterdam aankwam en bij de deur naar binnen keek, was alles donker. Blijkbaar werden de heidenen niet op woensdagavonden bekeerd.
Over de auteur
Luc Upson is medeoprichter van de schrijversgroep Strange Birds, die twee keer per maand bijeenkomt in het Jesus Loves You-gebouw.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
In 1896 werden vijf gebouwen aan de rand van de lucratieve Wallen samengevoegd tot Hotel Prins Hendrik. Een paar jaar later, in 1906, nam het Leger des Heils het pand over, tot de Tweede Wereldoorlog uitbrak en de nazi’s de stad binnenrolden. De bezetters namen het gebouw in beslag om te gebruiken als hoofdkwartier voor hun Arbeitsamt, het Arbeidsbureau.
Na de oorlog, toen de Duitsers zich hadden teruggetrokken, stond het een korte tijd leeg, totdat een sekte genaamd The Children of God het in handen kreeg. De sekte wierf nieuwe leden door seksuele gunsten aan te bieden – een begrijpelijk succesvolle methode – maar ze waren minder enthousiast wanneer het ging om onderhoud. Het gebouw raakte in verval. Uiteindelijk werd de sekte verdreven, waarna krakers zich naar binnen werkten en de boel nog verder sloopten. Totdat een vrouw in een bloemetjesjurk haar zinnen erop zette.
Romkje Fountain (78) richtte in 1973 de Nederlandse tak van Youth With A Mission op en draagt nog steeds bloemetjesjurken. In datzelfde jaar kocht ze twee woonboten achter het Centraal Station, nadat ze met veel moeite 19 duizend gulden van privé-donateurs had opgehaald en een bankier overtuigde om haar de rest te lenen. Tegen 1979 was de Nederlandse tak uitgegroeid tot meer dan honderd stafleden en was er dringend behoefte aan meer woon- en kantoorruimte.
Romkje ging terug naar de bankier en vroeg of hij bereid was een nieuw project te financieren: een cluster van gebouwen in de binnenstad. De man aarzelde, maar Romkje – niet iemand die zich snel liet afwijzen – daagde hem uit: ‘Hebben we ooit een aflossingstermijn gemist?’ Een uur later liep Romkje de bank uit met extra financiering.
Onvermoeibaar als altijd, stapte ze op de eigenaar van de gebouwen af, een vastgoedmagnaat genaamd Jan Smit. Ze bood aan om het vervallen pand te kopen, maar Jan wilde de helft van de vraagprijs zwart ontvangen. ‘Wij doen geen zaken op die manier,’ zei Romkje, en ze liep weg.
Ondertussen holden de krakers het gebouw verder uit, stichtten meerdere branden en vernielden sommige vloeren zo ernstig dat je er niet meer op kon lopen. Jan kon geen koper vinden. Een jaar later zocht hij de vrouw in de bloemetjesjurk weer op en verkocht haar het Jesus Loves You gebouw voor ruim een miljoen gulden, alles keurig volgens de regels.
Gelegen op de grens van de beruchtste wijk van de hoofdstad wilde de zendingsorganisatie dat het gebouw meer was dan alleen huisvesting; het moest een licht zijn voor de stad, een symbool van de liefde van Jezus voor elke voorbijganger.
Romkje verwoordde het zo: ‘Jezus sprak over the wheat and weed die samen groeien. Er is hier in de stad in ieder geval genoeg weed. Wanneer mensen aan Amsterdam denken, denken ze aan seks en drugs, maar direct achter ons in de wereldberoemde rosse buurt zijn zeventien christelijke kerken en organisaties actief die daklozen, drugsverslaafden en sekswerkers helpen. Amsterdam biedt veel meer dan seks en drugs; het biedt hoop.’
In 1980 besloot Romkje samen met Jeugd Met Een Opdracht dat ze letterlijk een licht voor de stad wilden zijn, en installeerden felblauwe lichtgevende letters op hun gebouw. Ze werden onthuld door de Amerikaanse astronaut James Irwin, lid van de Apollo 15-missie en de achtste man op de maan. Die dag, vanaf een gigantische hoogwerker, verlichtte de ruimtevaarder de woorden ‘God Roept U’ en Jesus Loves You voor het eerst boven Amsterdam.
Tegenwoordig is mijn geloof, zoals bij veel Europeanen, verwaterd – misschien zelfs weggeëbd. Ik balanceer tussen mijn opvoeding en de trends van nu, tussen de onmiskenbare tekortkomingen van het christendom en de centrale rol die het speelde in de creatie van de vrije democratieën: de oprichting van de eerste universiteiten, de vroege abolitionisten en de filosofische basis van mensenrechten. Maar het was ook een vehikel voor imperialisme, de kruistochten, homofobie en kerkelijke misbruikschandalen.
Toch, wat het christendom zo fascinerend maakt is juist hoezeer het ingaat tegen zaken die vandaag de dag als essentieel worden beschouwd. Voor organisaties zoals die van Romkje draait het niet om geld, macht of roem; het gaat om het delen van een boodschap. En die boodschap is simpel: Jesus Loves You.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant