Home

Opinie: Vredestijddenken is een luxe. We moeten nú aan de slag met oplossingen

Het wapentuig voor een mogelijke oorlog is al besteld. Nu moeten we nog pakweg 10 duizend man vinden die we binnen een jaar kunnen inzetten in Oekraïne. Dat is niet onmogelijk, stelt Andre Dellevoet, die een paar ‘out of the box’ oplossingen voorstelt.

Het zijn spannende tijden. De trans-Atlantische alliantie ligt in stukken. Een verdeeld Europa staat er alleen voor terwijl in het oostelijk deel een oorlog woedt. Business as usual is geen optie meer. Niet alleen moeten de defensie-uitgaven hoger, maar ook is het mogelijk dat we binnenkort boots on the ground moeten leveren langs een bestandslijn in Oekraïne.

Het is altijd moeilijk gebleken vanuit vredestijd snel om te schakelen naar oorlogstijd. De politiek-ambtelijke besluitvorming is van nature voorzichtig, omslachtig en risicomijdend en ontbeert daarnaast verbeeldingskracht, initiatief en daadkracht die juist nu zo nodig zijn.

Dit blijkt ook uit de terughoudende reacties op de noodzaak om het aantal militairen zo spoedig mogelijk op te schalen naar 60 duizend dan wel
100 duizend mannen en vrouwen. Terwijl de urgentie toeneemt, krijgen we constant te horen dat er weliswaar geld is, maar geen kazernes, wapens en opleiders.

Dit is kenmerkend voor vredestijddenken. Dat bleek al eerder in Srebrenica, na de rampzalig verkeerde inschatting van Defensie, en slechts een paar jaar geleden nog bij de evacuatie in Afghanistan. Onze politiek-ambtelijke top heeft, kortom, de grootste moeite om zich extreme omstandigheden voor te stellen en daarnaar te handelen.

Over de auteur
André Dellevoet is werkzaam bij het Maastricht School of Management.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Out of the box

Geen woorden, maar daden maken indruk op de Amerikanen en Russen. Dus maak het concreet. Het wapentuig is al besteld. De uitdaging die nu voor ons ligt is om pakweg 10 duizend mannen en vrouwen te vinden die binnen een jaar kunnen worden ingezet in Oekraïne. Hiervoor zijn genoeg out of the box oplossingen te bedenken:

1) Richt een vreemdelingenlegioen op, zoals de Fransen en Spanjaarden, dat openstaat voor rekruten uit de hele wereld, inclusief asielzoekers die hier al zijn. Rekruten die bereid zijn minimaal vijf jaar de Nederlandse vrijheid te verdedigen, wat meer is dan waartoe menig Nederlandse jongere bereid is, krijgen de Nederlandse nationaliteit. Ze worden met name ingezet buiten het Nederlands grondgebied en krijgen daarvoor gevechtstaken toebedeeld.

Exotisch? Niet echt. Sinds Willem de Zwijger heeft Nederland altijd vreemde troepen in dienst gehad om de eigen rangen aan te vullen. Noem het gerust een Nederlandse traditie. Onhaalbaar en onuitvoerbaar? Dat valt te bezien. Waarom vragen we de Fransen niet om, namens Nederland, de rekrutering en opleiding onmiddellijk op te starten? Zij hebben al de ervaring en de faciliteiten om dat te doen.

2) Haal alle duizenden vrijwilligers die zich voor een dienjaar hebben aangemeld in de periode van 2023-2025 binnen. Selecteer streng op fysieke en mentale gesteldheid en ga ervan uit dat circa 50 procent afvalt, gezien de staat waarin onze bevolking verkeert.

Maak een begin door de opleiding modulair op te knippen zodat het uitvoerbaar is en maak gebruik van bestaande, decentrale civiele diensten. Dat wil zeggen: de eerste zes maanden ligt de nadruk op fitness, zelfverdediging, survival en teamwerk. Dat kan in kleine groepen geschieden, in de eigen of nabije woonplaats met gebruik van fitness of sportscholen en organisatiebureaus.

Daarna ga je over op wapenkennis en -gebruik, in provinciale militaire terreinen. Er kan ook met één wapen per groep getraind worden, door beroepsmilitairen of reservisten. Desnoods train je ze met wapens in onze buurlanden. Pas aan het eind van dat ene jaar kunnen de rekruten besluiten of zij voor een jaar willen bijtekenen als paraat militair. In principe inzetbaar in Nederland maar, indien daartoe bereid, kan men ook elders in Europa worden ingezet.

Fitheid

3) Niet iedere rekruut hoeft te voldoen aan de militaire basiseisen voor fysieke fitheid. Er zijn veel (ondersteunende) taken die fysiek en mentaal minder belastend zijn, bijvoorbeeld transport en logistiek, communicatie of het omgaan met drones. Laat dus ook vrijwilligers toe die niet aan de fysieke eisen voldoen, maar wel gemotiveerd zijn.

4) Om tijd te kopen voor bovenstaande maatregelen kan de regering onmiddellijk een beroep doen op alle afgezwaaide beroepsmilitairen in de leeftijdscategorie tot 40 jaar, en vooral onze special forces, om opnieuw dienst te nemen voor maximaal één jaar. Die hebben weinig training nodig, maar moeten misschien wel (weer) wat fitter worden. Ze kunnen dan onmiddellijk worden ingezet totdat de rekruten uit het vreemdelingenlegioen en de vrijwilligers het overnemen.

Laten we – deskundigen en woordvoerders – dus niet langer zeggen dat het niet kan, maar bedenken hoe het wél kan, zodat premier Dick Schoof bij het komend EU-topoverleg in Londen eindelijk eens iets te melden heeft.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next