De post dreigt ten onder te gaan in Nederland. Mogelijk wrijven mensen zich in de handen, in de ijdele hoop gevrijwaard te blijven van belastingbrieven. De meest gehate daarvan is die van de gemeente, die elk jaar rond deze tijd de aanslag onroerendezaakbelasting (ozb) met afvalstoffen- en rioolheffing in de bus deponeert.
Eigenlijk zou juist naar deze belasting reikhalzend moeten worden uitgekeken. Het is tenminste de meest rechtvaardige. De mensen met het duurste vastgoed betalen het meest. En de belasting kan bijna niet worden ontweken of ontdoken. Vastgoed is niet met één klik naar een belastingparadijs over te hevelen, zoals inkomen, winst of vermogen dat wel zijn. Er kan ook niet mee gesjoemeld worden, zoals met de btw.
Over de auteur
Peter de Waard is journalist en columnist van de Volkskrant, gespecialiseerd in financieel-economische onderwerpen.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Er is nog een ander voordeel. Van de ozb is het resultaat in veel gevallen direct zichtbaar. Straten die worden verbeterd, plantsoenen die worden ingericht, sport en cultuur die worden gesubsidieerd en sociale voorzieningen die worden betaald, zoals bijstand, jeugdzorg en maatschappelijk werk. En ook worden huisvuil, poep en pies daarvoor afgevoerd.
Mensen kunnen niettemin heel boos worden over de aanslag. Het probleem is de waardebepaling van hun vastgoed. Die leidt tot scheve ogen. Nederlanders willen belasting betalen, maar niet meer dan de buren. De belasting is fors en kan bij de huidige huizenprijzen al snel boven de 1.000 euro komen. Veel keuze hebben gemeenten niet. De opbrengst – van 6 miljard euro – hebben ze hard nodig om de begroting sluitend te krijgen. Ze kunnen niet op de pof leven, zoals de Rijksoverheid.
Adam Smith – de liberale econoom – schreef in 1776 al in zijn Wealth of Nations dat belastingen het best geheven kunnen worden op land en gebouwen. Ook Milton Friedman, de huiseconoom van de neoliberale elite, was een pleitbezorger van lokale belastingen. Belastingen op inkomen ontmoedigen mensen te consumeren en belastingen op winst ontmoedigen bedrijven te produceren. Bij een belasting op vastgoed is de economische schade het laagst.
Rond 1900 vormden decentrale heffingen nog de helft van de totale belastinginkomsten in Nederland. Nu is dat nog geen 5 procent. In België zijn decentrale heffingen 10 procent van de belastingopbrengst, in Duitsland 30 procent en in Spanje 35 procent. Het helpt ook voorkomen dat woningen leegstaan uit speculatieoverwegingen of dat land braak komt te liggen. Het bevordert bovendien mobiliteit: mensen worden gestimuleerd om bij een leeg nest een groot huis in te ruilen voor een kleiner huis.
Volgens Friedman wordt de onvrede over lokale belastingen veroorzaakt omdat de vastgoedheffingen niet ongemerkt worden ingehouden (zoals hier de loonbelasting of de btw), maar dat een op de mat geplofte beschikking persoonlijk moet worden overgemaakt.
Er zou over moeten worden nagedacht de WOZ-waardebepaling te versimpelen. Misschien zouden voor de 9,2 miljoen objecten (waaronder 8 miljoen woningen) waarover moet worden betaald, objectieve criteria moeten gelden, zoals grondoppervlakte en inhoud. Ligging en staat van onderhoud zouden als te subjectief moeten worden geschrapt, evenals als de waardebepaling met referentiewoningen.
Het zou ervoor kunnen zorgen dat de ozb een populaire belasting wordt en de postbode in Nederland, zoals vroeger, wordt getrakteerd op een sigaar en een kop koffie.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns