CDU-leider en verkiezingswinnaar Friedrich Merz wil vóór Pasen een kabinet met de SPD rond hebben. Onder Merkel regeerden de kemphanen samen. Wordt het een goed gesprek onder oude vrienden, of een langdurige strijd tussen politieke tegenstanders? De formatie in drie thema’s.
is correspondent Duitsland van de Volkskrant. Hij woont in Berlijn.
De meningen verschillen over de middelen, maar niet over het doel. Zowel de SPD als de CDU is overtuigd van de noodzaak Oekraïne te steunen. Beide partijen willen een sterk Europa dat onafhankelijk van de VS zijn veiligheid kan beschermen. Beide partijen staan ferm achter Israël, al is Friedrich Merz’ uitnodiging van de Israëlische premier Benjamin Netanyahu een schoffering van de internationale rechtsorde die de SPD zou hebben vermeden.
Merz is een havik. Uitgaand SPD-bondskanselier Olaf Scholz vond dat Duitsland, gezien zijn verleden, behoedzaamheid past inzake oorlog en vrede. Hij aarzelde bij elk nieuw wapensysteem voor Oekraïne. Merz vindt juist dat Duitslands geschiedenis, en economische macht, het land dwingt een hoofdrol te spelen bij de bescherming van het democratische Europa. De EU moet zich bewapenen tot op Amerikaans niveau, zei hij eerder. ‘Duitsland moet een leidende middenmacht worden.’
Scholz is weldra exit. SPD-defensieminister Boris Pistorius, die de onderhandelingen gaat leiden, en de nieuwe SPD-voorzitter Lars Klingbeil zijn op dit vlak minder terughoudend.
‘Over wapensystemen voor Oekraïne worden die het wel eens met de CDU’, zegt defensie-analist Marcel Dirsus. ‘Het wordt moeilijker als het gaat om de inzet van Bundeswehr-militairen als vredesmacht in Oekraïne, wat nu wordt besproken. Dat is ongelooflijk controversieel in Duitsland.’
De Amerikaanse president Donald Trump, die zich terug lijkt te trekken uit de trans-Atlantische veiligheidsarchitectuur, kan een behoorlijke katalysator blijken; de druk om te handelen is enorm. Blijft over: het geld (zie punt 3).
Merz belooft een dramatische verscherping van migratiewetgeving. Hij wil uitgeprocedeerde asielzoekers in groten getale terugsturen, en mogelijk zelfs opsluiten voordat het zover is. En hij belooft dat geen enkele asielzoeker meer de Duitse grens overkomt zonder geldige verblijfsvergunning.
Merz weet best dat het laatste niet kan, al dweept de CDU graag met de enige rechtsgeleerde in Duitsland die denkt dat een noodclausule in EU-wetgeving zich hiervoor leent. Maar hij zet hoog in.
Dat is niet alleen strategisch; in politiek Berlijn is te horen dat de aanslag in Aschaffenburg, waarbij een afgewezen asielzoeker een 2-jarige peuter en een 41-jarige man doodde met messteken in de nek, grootvader Merz oprecht heeft geschokt.
De SPD anderzijds erkent dat bestaande wetten en regels onvoldoende zijn gehandhaafd, en bezweert nu dat wie uitgeprocedeerd is ook daadwerkelijk weg moet. De regering-Scholz stuurde zelfs al vliegtuigen met mensen terug naar Afghanistan en Irak. Dat verjaagde linkse kiezers, die hun heil zoeken bij Die Linke.
Maar onder de bevolking is er brede consensus dat ‘het’ uit de hand gelopen is sinds Merkels Wir schaffen das tien jaar geleden. Een strenger migratiebeleid is essentieel voor draagvlak voor een nieuwe CDU/SPD-regering.
Probleem is wel dat Merz, met zijn omarming van wat tot voor kort alleen de meest radicaal-rechtse partijen wilden, een weg terug voor hemzelf heel moeilijk heeft gemaakt. De afgelopen dagen is echter al te horen dat Merz zijn meest verregaande voorstellen als ‘tijdelijk’ bedoeld heeft.
Hier knalde het de afgelopen jaren tussen SPD en CDU. De Duitse economie koerst af op een historische crisis. Er staan tienduizenden banen op het spel, bedrijven verplaatsen jaarlijks 100 miljard euro aan productie naar het buitenland, duizenden middenstanders zijn sinds 2021 failliet gegaan.
Merz schrijft dat volledig op conto van de uitgaande regering. Die heeft volgens hem de Duitse industrie de nek omgedraaid met een schier eindeloze reeks (groene) regels. En de regering sloot kerncentrales midden in de grootste energiecrisis die het land ooit kende.
Maar de SPD wijst naar de Duitse afhankelijkheid van Russisch gas, het gebrek aan investeringen in elektromobiliteit en infrastructuur, het ontbreken van een strategie om pijlsnel groeiende Chinese concurrentie tegen te gaan. Allemaal zaken die onder Merkel, dus onder de CDU, verkeerd gingen. Niet onze fout, zegt de SPD.
Er zijn wel wat raakpunten. De CDU wil een ministerie voor digitalisering. Daarvan weten zelfs SPD-coryfeeën inmiddels dat Duitsland hopeloos achterloopt. De bijl gaat in de Duitse (papieren) bureaucratie die de burger en (buitenlandse) ondernemer tot waanzin drijft, zo beloven beide partijen – overigens niet voor het eerst. Er komen investeringen in infrastructuur, van glasvezel tot spoorwegen.
Maar wie gaat ervoor betalen? Hier geldt de klassieke tegenstelling tussen sociaal-democraten en liberalen. De SPD wil lenen, subsidiëren, en investeren. De CDU wil belastingverlagingen voor bedrijven en topinkomens, nieuwe gascentrales en misschien zelfs een herstart van kerncentrales, en bovendien ruim baan voor de ondernemersgeest die Duitsland zijn welvaart bezorgde.
Tegenover elkaar staan twee fundamenteel verschillende visies op hoe een economie en samenleving horen te functioneren. De SPD en de CDU mogen oude vrienden zijn – een cynicus zou zeggen dat ze in de kern weinig verschillen – maar ze hebben door de crises veel minder middelen tot hun beschikking dan eerdere CDU/SPD-regeringen.
Kernpunt hier is de Schuldenbremse, de grondwettelijk vastgelegde Duitse rem op de staatsschuld. De SPD wil die hervormen. De CDU wil eraan vasthouden. Maar de afgelopen dagen zegt de CDU: misschien kunnen we eraan morrelen ten behoeve van steun aan Oekraïne?
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant