Charlotte Boström
Redacteur Economie
Charlotte Boström
Redacteur Economie
Er zijn steeds meer parttime werkende stellen. Dat betekent dat beide partners elk 35 uur of minder per week werken. Inmiddels zijn er 419.000 stellen op die manier aan het werk, terwijl dat tien jaar geleden met 229.000 bijna de helft minder was. Het AD haalde dat uit cijfers van het Centraal Bureau van de Statistiek (CBS) over arbeidsdeelname.
De CBS-cijfers zijn zowel opvallend als interessant, zegt Mara Yerkes, hoogleraar sociologie aan de Universiteit Utrecht. "Opvallend omdat het best wel een grote stijging is in tien jaar. En interessant omdat Nederland al decennialang gekenmerkt is door het anderhalfverdienersmodel. Deze cijfers geven aan dat dit aan het veranderen is."
Het anderhalfverdienersmodel houdt in dat gezinnen rondkomen met een salaris uit een voltijdsbaan en een salaris uit een parttimebaan. De tijd die vrijkomt door parttimewerk wordt doorgaans ingezet om voor de eigen kinderen of naasten te zorgen. In andere landen is het veel gebruikelijker dat beide partners voltijds werken en zorg inkopen. Of dat de ene partner fulltime werkt en de ander helemaal niet.
Gezinnen die rondkomen van één salaris of een voltijds- en een deeltijdssalaris zie je steeds minder in Nederland. Yerkes: "We blijven in grote mate een deeltijdeconomie. Het verschil is dat partners een steeds gelijkere verdeling maken van betaalde werkuren."
Hoe dat komt, weet niemand zeker. Nederland kent sinds 2022 twee maanden betaald ouderschapsverlof. Een belangrijke reden om dat in te voeren, was dat vaders meer zorg- en huishoudelijke taken op zich zouden nemen. Of dit de motor is achter de gendergelijkere verdeling van deeltijdwerk, is nog niet goed onderzocht. Daar is Mara Yerkes wel mee bezig. "Bovendien duurt het zeker vijf jaar voordat je echte effecten van zo'n beleidswijziging kunt zien."
Het zou wel degelijk effect kunnen hebben. Dat zie je in andere landen, volgens Yerkes, die Finland en Zweden als voorbeelden noemt. "Daar kennen ze al decennia betaald, gendergelijk ouderschapsverlof. Je ziet dat de vaders die met verlof zijn geweest meer zorg- en huishoudelijke taken op zich gaan nemen, ook wanneer het verlof achter de rug is."
De CBS-cijfers zeggen niets over hoeverre Nederlandse stellen ook het onbetaalde werk thuis gelijker zijn gaan verdelen. Uit ander onderzoek weten we dat dat amper het geval is.
Vrouwen werken al decennia steeds meer uren buitenshuis: gemiddeld 30,1 uur per week, in vergelijking met 39,4 van mannen. De tijd die mannen gemiddeld besteden aan onbetaald werk (zoals zorg en huishouden) is maar nauwelijks toegenomen de laatste jaren.
Dat zie je ook terug in de beweegredenen voor vrouwen en mannen om deeltijd te werken. De voornaamste reden voor vrouwen om parttime te werken is om tijd over te hebben voor het huishouden. Onder mannen is "tijd voor mezelf" de meest voorkomende reden.
Economie
Deel artikel:
Source: NOS nieuws