Heftige explosies komen aan de lopende band voor in Nederland, vaak in doorsnee woonwijken. Wat doen die vuurwerkbommen met buurtbewoners? ‘Zodra het donker is, ga ik alleen nog boven naar de wc.’
is binnenlandverslaggever van de Volkskrant. Verslag vanuit Almere.
Er komt rook onder de voordeur vandaan als Maria (51) op een dinsdagavond om half negen nietsvermoedend de gang in loopt. Ze gaat erop af. Nét langzaam genoeg, blijkt achteraf. Op het moment dat ze haar hand op de klink legt, vliegen de glasscherven uit het ruitje naast de deur haar om de oren. De dichte voordeur, in vlammen, vangt de hardste klap op.
Op beelden van een bewakingscamera is te zien dat buren naar de woning rennen. ‘Ze hebben gewoon het verkeerde huis!’, roept iemand verbijsterd. Het eigenlijke doelwit, weten de mensen in de straat, was het huis ernaast. Het rommelde al maanden tussen een van de buurkinderen en een groep jongens. Die middag stond de groep nog dreigend bij de buren in de voortuin.
Gemiddeld werden er vorig jaar drie explosieven per dag geplaatst in Nederland, goed voor een jaartotaal van 1.100 ontploffingen. Vaak op plekken zo doodgewoon als de John Raedeckerstraat in Almere, met aan de ene kant 22 rijtjeshuizen en aan de andere acht bungalows.
Bij ongeveer 80 procent van de aanslagen gaat het om zwaar, illegaal vuurwerk, schrijft de politie na een onderzoek. Meestal cobra’s, gevuld met flitspoeder. ‘Dat vuurwerk heeft de kracht van een militaire springstof als TNT.’ Bij Maria werd ook benzine gebruikt: voor de deur staat een afgebrande potplant.
Niet zelden plaatsen de loopjongens – want dat zijn het vaak: jonge jongens, die zelf niets met de vete van doen hebben – de vuurwerkbom bij het verkeerde adres. Door onbenullige vergissingen: een deurtje te ver, of in de verkeerde Edisonstraat. Vaak volgt alsnog een aanslag op het ‘juiste’ adres. Zo ook in Almere: een dag later is het raak, bij de buren. En diezelfde avond nog eens.
Wat doen die bommen met een straat? Normaal zou Maria niet met de krant praten, zegt ze zes weken na de aanslag, zittend op de bank in haar woonkamer. Maria is niet haar echte naam: ze wil niet dat ‘iedereen in Almere’ weet wat haar overkwam. Toch wil ze er vandaag over vertellen: ‘Mensen moeten weten wat dit aanricht.’
Vanochtend is ze even in de stad geweest, maar het grootste deel van de tijd brengt ze thuis door. De klap heeft haar evenwichtsorgaan beschadigd, waardoor ze niet zo lang meer kan staan. Ze is snel moe, gevoelig voor prikkels en heeft vaak hoofdpijn. Haar werk als visagist kan ze niet meer doen: na de aanslag heeft ze zich ziekgemeld. Binnenkort begint ze met fysiotherapie en traumabehandeling.
Vanuit de woonkeuken voelde haar dochter het die avond gebeuren. ‘De grond schudde, het leek wel een aardbeving’, zegt ze terwijl ze de keuken aan het schoonmaken is. ‘Ik schrik nog steeds op als ik bijvoorbeeld een uitlaat hoor.’
Het hele gezin is extra alert, zegt Maria. ‘Toen er laatst onverwacht een monteur langskwam om te sleutelen aan de camera’s die de gemeente aan ons huis heeft gehangen, wilde ik hem vragen wie hij was. Maar mijn zoon zei: ‘Mama, ben je gek geworden? Blijf weg bij dat raam!’’
De familie besloot het huis te verlaten toen binnen 24 uur na de eerste explosie een tweede klap volgde. Toen ze eenmaal weg waren, volgde er nog één. Dat maakt hen extra angstig, zegt Maria. ‘Je weet gewoon niet: wanneer is het klaar?’
Na vier dagen bij vrienden en familie gingen ze terug naar huis. In hun straat was nog een aantal dagen politie aanwezig. Drie verdachten zijn opgepakt – allemaal tieners. ‘Het is symptoombestrijding’, zegt Maria. ‘De opdrachtgever loopt ongetwijfeld vrij rond.’
Ook Asje van Bochove (59), die verderop in de straat woont, is op haar hoede. ‘Zodra het donker is, ga ik boven naar de wc, in plaats van beneden aan de voorkant van het huis.’ De eerste dagen hebben zij en haar man slecht geslapen, zegt ze. ‘Ik heb eens opgezocht wat zo’n cobra kost: 10 euro. Zo laag is die drempel dus.’
Buurtbewoners, ook mensen die géén slachtoffer zijn van een (vergis)aanslag, hebben geregeld last van stressklachten na explosies in de straat, zegt Roy Heerkens, woordvoerder van Slachtofferhulp Nederland. ‘We zijn druk met de gevolgen van explosies, zeker in grote steden.’
Zo’n acht op de tien mensen is binnen een paar weken weer hersteld, zegt hij. ‘Maar vooral bij mensen bij wie het herstel wordt gefrustreerd, bijvoorbeeld door een tweede aanslag, zien we dat het langer duurt. Het gebeurt weleens dat we omstanders doorverwijzen voor traumatherapie.’
In ongeveer de helft van de gevallen vinden explosies plaats in de context van ‘huis-tuin-en-keukenconflicten tussen niet-criminele burgers’, schrijft de politie in haar onderzoek. ‘Dat geeft omwonenden het gevoel van onvoorspelbaarheid’, zegt Heerkens. Een ruziënde buurjongen is genoeg om een bom bij je deur te krijgen.
Morgen komen Maria’s buren weer thuis. Hun huis is op last van de burgemeester zes weken gesloten geweest. Ze kijkt er tegenop. ‘Het minimale gevoel van veiligheid dat we nu hebben opgebouwd, is dan weer helemaal verdwenen. Alsof je opnieuw begint.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant