Home

Brussel weet maar geen adequaat antwoord te vinden op de recente geweldsuitbarsting

De Brusselse wijk Kuregem is al twee weken het toneel van een openlijk uitgevochten drugsoorlog tussen twee rivaliserende bendes. Dat de autoriteiten geen antwoord hebben op het geweld, komt mede door ‘typisch Brusselse problematiek’. Ondertussen loopt de frustratie bij buurtbewoners op.

is buitenlandredacteur van de Volkskrant.

Op het Brusselse plein waar Jonas Deweer-Vanmeerhaeghe drugsgebruikers normaal gesproken open en bloot in de rij ziet staan voor hun dealer, staat nu een politieauto naast een gepantserd voertuig. Het is de reactie van de autoriteiten op de reeks schietincidenten van de afgelopen weken in de wijk Kuregem.

Maar de 31-jarige buurtbewoner is nog niet onder de indruk. ‘Het is puur machtsvertoon’, zegt hij, voordat hij een trek neemt van zijn elektronische sigaret. ‘De agenten spreken niemand aan, dus dit helpt natuurlijk niets.’

Zeven schietpartijen

Al twee weken vechten rivaliserende drugsbendes een conflict uit op de straten van Brussel en vooral die van Kuregem. Bij zeven schietpartijen kwamen tot nu toe twee mensen om het leven en raakten twee mensen gewond. Of er sprake is van een territoriumstrijd of een conflict over een lading gestolen cocaïne, daarover zingen verschillende berichten rond. Wel is duidelijk dat de Belgische hoofdstad geen adequaat antwoord heeft op deze geweldsuitbarsting. Bijna iedere nacht is het ergens anders raak.

Vooral bij het drukbezochte metrostation Clemenceau, waar de politie nu voor de ingang patrouilleert, werd de machteloosheid van de autoriteiten afgelopen weekend pijnlijk duidelijk. Een schutter doodde met een kalasjnikov een 19-jarige man, terwijl de politie op enkele tientallen meters afstand stond. Desondanks wist de dader via de metro te ontkomen.

Hierna stopte het geweld niet. Enkele dagen later boorden 27 kogels zich in de glazen pui van een kantoorpand. Twee molotovcocktails bleven onontploft achter op de stoep.

Deweer-Vanmeerhaeghe, die als witte mensenrechtenjurist uit de toon valt in deze verder multiculturele wijk, is woedend na dit alles. Hij stuurde afgelopen week een open brief naar de burgemeester. ‘Als u werkelijk goede intenties had om onze wijk op te krikken, zou u inzetten op straatwerk; op aanwezige buurtpolitie die de mensen leert kennen en hun vertrouwen wint’, schreef hij. Hij ontving tot nu toe geen reactie.

Verharding drugscircuit

De reeks incidenten in Brussel is niet los te zien van de verharding van het drugscircuit in bredere zin. In België, dat vanwege de haven van Antwerpen een belangrijk knooppunt is in de internationale drugshandel, stijgt het aantal drugsgerelateerde geweldsincidenten al jaren. Die incidenten concentreren zich, net als in Nederland, in de wijken in grote steden waar illegaliteit, verslavingsproblematiek en werkloosheid samenkomen. In Kuregem is dat niet anders.

Toch kun je deze reeks incidenten niet alleen afdoen als een uitwas van de internationale drugshandel, zegt Sofie de Kimpe, hoogleraar criminologie aan de Vrije Universiteit Brussel. ‘We kijken hier ook naar typisch grootstedelijke en Brusselse problematiek.’

Kuregem is volgens De Kimpe een voorbeeld van een wijk waar zowel overpolicing als underpolicing plaatsvindt. Soms grijpen de autoriteiten keihard in, zoals afgelopen oudejaarsavond, toen in Kuregem alle jongeren onder de 16 jaar na 19.00 uur een uitgaansverbod kregen opgelegd door de burgemeester. Maar als buurtbewoners de politie nodig hebben, vanwege de vele inbraken of om slachtofferhulp te krijgen, worden ze van het kastje naar de muur gestuurd. Het vertrouwen in de politie raakt daardoor zoek.

‘Juist in dit soort wijken moet de politie een band opbouwen met wijkbewoners, want die hebben vaak veel meer informatie dan zij’, zegt De Kimpe. Dat lukt al jaren niet goed in Belgische steden. ‘Maar in een stad als Antwerpen is de politie wel zichtbaarder op straat en functioneert de recherche beter.’

Geen ‘connectie’

Dat de Brusselse politiekorpsen geen ‘connectie’ hebben met hun burgers, wijdt de criminoloog onder meer aan het dienstrooster dat wordt gebruikt. ‘De politiemensen die in Brussel werken komen vaak van het platteland. Ze werken drie dagen van twaalf uur en gaan daarna weer naar huis.’ Daarnaast kampen de korpsen met een personeelstekort en een taalbarrière voor Vlaamse agenten die een Franstalige bevolking op straat treffen.

Daarbovenop komt de ondoorgrondelijke organisatiestructuur van de stad. De in België bekende uitdrukking ‘iedereen is bevoegd, maar niemand is verantwoordelijk’ gaat nergens zo goed op als hier. Het hoofdstedelijk gewest heeft negentien gemeenten en zes politiekorpsen. De budgetten zijn ongelijk verdeeld. De onderlinge samenwerking en die met de federale politie verlopen moeizaam. Dat wreekt zich volgens De Kimpe bij incidenten als deze. ‘Ik zeg niet dat dit niet zou gebeuren als je één lokaal politiekorps hebt. Maar nu kijkt iedereen naar elkaar.’

Niet iedereen deelt die analyse. Fabrice Cumps, de burgemeester van Anderlecht, de Brusselse gemeente waarin Kuregem ligt, zegt geen last te hebben van de versnippering van bevoegdheden. Het probleem zit volgens hem bij de federale politie. Die is verantwoordelijk voor de bestrijding van georganiseerde misdaad, maar is zwaar onderbemand.

‘Als wij lokale dealers oppakken, staat er de volgende dag weer een nieuwe’, zegt hij. ‘Het drugsnetwerk zou van bovenaf moeten worden ontmanteld.’ Alleen daarvoor is zijn lokale politie niet bevoegd.

Frustratie neemt toe

Wie er ook verantwoordelijk is, ondertussen neemt de frustratie bij buurtbewoners toe. Bijvoorbeeld bij de 73-jarige in man donkerbruine djellaba die langs het metrostation Clemenceau wandelt op zijn route van de moskee naar huis. De in Marokko geboren man woont sinds 1992 in de wijk. Drugsverkoop was toen ook al aan de orde van de dag, zegt hij. Maar het ongegeneerde geweld van de drugsbendes heeft hij niet eerder gezien.

‘Dit is wat je krijgt’, zegt hij geïrriteerd, ‘als je problemen jarenlang als een kankergezwel laat doorgroeien in plaats van het probleem bij de kern aan te pakken.’ De hoge jeugdwerkloosheid en het gebrek aan perspectief stuwen veel van zijn buurtgenoten richting het drugsdealen, denkt hij.

Het slappe optreden van de politie houdt het volgens hem in stand. ‘Zelfs als ze zien dat er gedeald wordt, pakken ze mensen niet op.’ Hij krijgt daardoor bijna het idee dat de politie zelf ook aan de handel verdient.

Als de man zijn weg naar huis al heeft vervolgd, houdt hij abrupt stil op de hoek van de straat. Hij priemt zijn wijsvinger richting de overkant van de weg, waar vijf jongens geleund tegen de gevel van een ogenschijnlijk verlaten buurtsupermarkt staan. Op nog geen 30 meter afstand staan twee agenten opgesteld voor een politiebus. ‘Zie je dit? Dit is precies wat ik bedoel.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next