Oekraïners die vanwege de oorlog hun land zijn ontvlucht, keren vooral terug vanwege het gemis van familie en werk. Dat meldt het Rode Kruis op basis van eigen onderzoek. Zonder zicht op een baan raakt een deel van de vluchtelingen in financiële problemen.
is datajournalist van de Volkskrant. Hij analyseert en schrijft over het nieuws in cijfers.
Drie jaar na de grootschalige Russische invasie in Oekraïne is het land nog altijd niet veilig. Zo worden Oekraïense steden en dorpen nog vrijwel dagelijks door Rusland vanuit de lucht bestookt. Volgens het Rode Kruis heeft 23 procent van de teruggekeerde vluchtelingen in eigen land te weinig geld voor eten en andere dagelijkse benodigdheden. In gebieden aan de frontlinie ligt dat percentage zelfs op 79 procent.
Ondanks deze gevaren besluiten volgens het Rode Kruis steeds meer Oekraïners om terug te keren naar huis. In het buitenland hebben veel Oekraïense vluchtelingen moeite om werk te vinden, bleek uit een enquête die de hulporganisatie hield onder 5.400 naar buurlanden gevluchte Oekraïners. Daardoor kunnen zij in financiële problemen komen.
Inmiddels zijn zeker 4,2 miljoen Oekraïense vluchtelingen naar huis teruggekeerd, blijkt uit cijfers van de Internationale Organisatie voor Migratie. Een groot deel van hen was ontheemd in eigen land. Vooral in de eerste maanden na de grootschalige invasie keerden veel Oekraïners terug. Van alle Oekraïense provincies zagen Kyiv en Charkiv de meeste gevluchte inwoners terugkeren.
Sinds het begin van de oorlog zijn 6,9 miljoen Oekraïners hun land ontvlucht en 3,7 miljoen mensen binnenlands ontheemd geraakt. De Europese Unie bood vluchtelingen uit Oekraïne met de Richtlijn Tijdelijke Bescherming recht op opvang en medische zorg. Op basis van die richtlijn vangen Duitsland (1,2 miljoen) en Polen (990 duizend) binnen de EU de meeste Oekraïners op.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant