Home

Oost-Duitse AfD-stemmers weten hun vrijheid niet te waarderen, zegt deze in de DDR opgegroeide historicus

De uiterst rechtse AfD ligt op koers om bij de Duitse verkiezingen tweede te worden. De partij dankt haar groei vooral aan de steun van kiezers in de voormalige DDR. Historicus Ilko-Sascha Kowalczuk is kritisch op de Oost-Duitsers. ‘Ik geloof dat we naar een autoritaire periode afglijden.’

Zodra een boek in een bestsellerlijst staat, dan weet je eigenlijk dat het niks is. Die les bracht de Duitse historicus Ilko-Sascha Kowalczuk (57) zijn vier kinderen al vroeg bij. Toen zijn boek Freiheitsschock (vrijheidsschok) vorig jaar maandenlang in de bovenste regionen van precies dat soort lijsten verkeerde, kwamen zijn inmiddels volwassen kinderen navragen of hun vader zijn mening had veranderd.

Kowalczuks antwoord – nee – is typerend voor een mens en onderzoeker die al een paar jaar koppig, en regelmatig woedend, in roeit tegen de stroom van het debat over Oost en West; de twee ongelijke helften van Duitsland die ook ruim 35 jaar na de val van de Muur maar geen geheel willen worden.

In Freiheitsschock, met als ondertitel ‘een andere geschiedenis van Oost-Duitsland van 1989 tot nu’, onderzoekt Kowalczuk waarom zoveel mensen die in het oosten geboren zijn ‘vrijheid voornamelijk als een last beschouwen’ en niet als een mogelijkheid om hun leven zelf richting te geven.

We spreken Kowalczuk op een kraakheldere vriesochtend in Prenzlauer Berg, de voormalig Oost-Berlijnse wijk die hij heeft zien veranderen van een uitgewoonde achterbuurt in een lommerrijk stadsdeel voor welgestelde gezinnen. Het ontbijtcafé dat Kowalczuk heeft uitgekozen, is met zijn bijeengeraapte meubilair meer Berlijn oude stijl. Net als hijzelf, in zijn zwarte hoody met een Oekraïens vlaggetje erop genaaid – een ode aan de vrijheidsstrijd in het land van zijn voorouders van vaderskant.

Het debat over ‘erflast’ van de DDR is begonnen aan een ‘nieuwe, pijnlijke ronde’, schreef de Süddeutsche Zeitung nadat er de afgelopen twee jaar een hele stapel boeken was verschenen over de politieke en maatschappelijke nalatenschap van de DDR, het autoritair geregeerde Duitslandje aan de rand van het Sovjet-imperium dat bestond tussen 1949 en 1989.

Het woord ‘erflast’ is hier vooral een eufemisme voor de opmars van de AfD, die op koers ligt om bij de verkiezingen van komende zondag tweede te worden met 20 procent van de stemmen. De partij die op of over de rand van extreemrechts balanceert, dankt haar onstuimige groei vooral aan de steun van kiezers in de Oost-Duitse deelstaten.

Daar worden politieke machthebbers en de media door een aanzienlijk deel van de bevolking gewantrouwd, en komen racisme, moslimhaat en antisemitisme en bewondering voor autocratische leiders – met name Vladimir Poetin – vaker voor dan in het Westen. Veel West-Duitsers, met name hoger opgeleide progressieven, zien hun Oost-Duitse medeburgers daarom primair als een bedreiging voor de politieke status quo van meer dan zeven decennia naoorlogse Duitse democratie.

En daar zit de angel in het debat. De nieuwe generatie schrijvers, allemaal geboren in de DDR, neemt het op verschillende manieren voor de Oost-Duitsers op. Publicist Katja Hoyer beklaagt in een persoonlijk boek dat de DDR in de collectieve herinnering van het huidige Duitsland een synoniem is geworden van de terreur van de Stasi, de beruchte geheime dienst. Terwijl er op de ‘mooie kanten’ van de DDR – de sociale zekerheid, het goede onderwijs, de saamhorigheid – een taboe rust. Dirk Oschmann stelt dat alleen al het begrip ‘Oost-Duits’ een kleinerend, haast koloniaal West-Duits frame is.

Anderen benaderen de nalatenschap van de DDR met wat meer distantie. Maar ook historici als Steffen Mau en Christina Morina zoeken in hun boeken verklaringen die verzachtend werken voor de Oost-Duitsers: minder economische zekerheid, zwakkere politieke structuren, een gebrek aan ervaring met democratie en het collectieve trauma van het overnacht verliezen van een land met al zijn zekerheden.

Ook Kowalczuk onderschrijft in Freiheitsschock al deze verklaringen én de grote fouten die West-Duitse politici in de jaren na de Duitse eenwording hebben gemaakt. Toch valt hij de Oost-Duitsers juist aan. Hij roept hen op kritischer naar hun eigen verleden te kijken en te beseffen dat democratie geen vanzelfsprekendheid is – in plaats van te zwelgen in nostalgie, politieke onvrede en flirtages met Rusland.

‘Jammerlappen’ (zeurpieten), noemt Kowalczuk auteurs die een goed woordje doen voor de Oost-Duitsers, terwijl hij in wedstrijdtempo zijn kijk op de zaak geeft en ondertussen happen roerei neemt. Kowalczuk, die zijn academische sporen onder meer heeft verdiend met een tweedelige biografie over Walter Ulbricht, de eerste leider van de DDR, maakte als tiener mee wat er gebeurt als een autoritair regime zich tegen je keert.

Daarom schreef hij dit boek. Niet zijn beste, zegt hij, terugkomend op de bestsellerlijsten. Maar hij vond het nodig, omdat hij bij zichzelf ‘een zekere radicalisering’ bespeurt, in een politiek klimaat waarin extreemrechts en antidemocratisch gedachtegoed door een aanzienlijk deel van de bevolking in welvarende, westerse landen wordt omarmd.

Kowalczuk is zich ervan bewust dat iemand als hij irritant wordt gevonden in het publieke debat. ‘Ik kom in opstand tegen het idee dat het vroeger beter was. Want voor mij is er niets belangrijker dan vrijheid. En die ontbrak in de DDR.’

In het Duitse debat gelden de Oost-Duitsers altijd als uitzondering en wordt de verklaring voor hun politieke radicalisering in het DDR-verleden gezocht. Maar internationaal bekeken zijn hun politieke voorkeuren helemaal niet ongewoon. Kijk naar Nederland, Frankrijk en de Verenigde Staten.

‘Dat klopt. Maar Oost-Duitsland radicaliseert vroeger en sneller dan elders. De anderen volgen. Het Oosten van Duitsland is een laboratorium voor extreemrechts.’

Waarom radicaliseert het Oosten sneller?

‘In het Oost-Duitsland zijn er drie belangrijke traditionele Duitse lijnen die nooit zijn doorbroken, die doorliepen van de keizertijd via het nationaalsocialisme naar het communisme: racisme, antisemitisme en nationalisme. De communisten zeiden dat racisme, antisemitisme en nationalisme verschijningsvormen van het kapitalisme waren. En het kapitalisme was afgeschaft, dus kwamen dit soort dingen in de DDR niet voor.

‘Maar als iets niet bestaat, kun je er ook geen debat over voeren. Na de oorlog is in West-Duitsland of Nederland een maatschappelijk debat gevoerd over racisme, antisemitisme en nationalisme. Er was in de DDR maar één kijk op het verleden, die van de staat. En de staat onderdrukte elke vorm van zelfstandig denken die in strijd was met zijn communistische dogma’s.

‘Ook na 1990 werd het racisme niet onder ogen gezien. Volgens de christendemocratische, Saksische minister-president Kurt Biedenkopf bestond er geen neofascisme in zijn deelstaat, hoewel 10 procent van de Saksen er neofacistische denkbeelden op nahield en overal neonazibendes actief waren.’

Volgens u hebben de Oost-Duitsers de DDR-dictatuur nooit verwerkt. Terwijl er wel pogingen zijn gedaan om die Vergangenheitsbewältigung op gang te brengen. Zeker in de eerste jaren na de eenwording, toen de archieven van de Stasi opengingen. U heeft daar als jonge onderzoeker ook nog gewerkt.

‘Het echte verwerken begint op het moment dat het initiatief vanuit de samenleving zelf komt, van onderaf, zoals dat in de Bondsrepubliek, maar ook in andere Europese landen na de Tweede Wereldoorlog gebeurde.

Wat mensen uit het Westen vaak echt niet begrijpen, is hoezeer mensen uit de DDR zijn beïnvloed door die Dauerbeschallung, de onophoudelijke propaganda die 24 uur per dag, zeven dagen in de week doorgaat. Je leeft in een systeem waarin van de kleuterschool tot het graf slechts één correcte mening geldt, die je overal hoort en leest. En als je daartegen zondigt, word je gestraft. Dat laat sporen na, ongeacht de vraag of je erin gelooft of niet – in de laatste jaren van de DDR geloofden de meeste mensen niet eens meer in het weerbericht. Maar ze hadden ook niet geleerd om na te denken over alternatieven.

‘Het onderzoek dat wij deden in de Stasi-archieven stond destijds heel ver weg van het dagelijkse leven van de mensen in Oost-Duitsland. Die werden volledig in beslag genomen door de transformatie, die zich in enorm hoog tempo voltrok. Daarbij verloren miljoenen mensen hun baan.’

Dan is het toch ook logisch dat mensen in het Oosten zich tekortgedaan voelen?

‘Ja, maar nu komt er een punt bij waarop ik mij onderscheid van al die andere auteurs. Mensen hebben destijds zélf gekozen voor een snelle eenwording en voor de invoering van de D-Mark. Het was geen kolonisatie door het Westen, zoals nu wordt beweerd. De meeste Oost-Duitsers wilden toen bij het Westen horen. Ze waren een handelend subject. Het was ‘Helmut, Helmut (Kohl, red.), neem ons bij de hand!’’

U was destijds tegen de snelle eenwording en tegen invoering van de door velen gewenste D-Mark, die leidde tot het faillissement van talloze Oost-Duitse (staats)bedrijven en sterk gestegen consumentenprijzen.

‘Iedereen die 1 + 1 kan optellen, had dit kunnen zien aankomen. Ze hebben de keuze voor de D-Mark en de hereniging in de jaren negentig bij elke verkiezingen zelf gelegitimeerd. En nu ben ik praktisch een apologeet voor een weg die ik zelf niet wilde inslaan.’

In dat opzicht klopt het toch eigenlijk ook dat het Westen het Oosten heeft overgenomen? Rechters, politiecommissarissen, hoogleraren, die kwamen allemaal uit West-Duitsland naar het Oosten.

‘Ja, godzijdank. Welke hoge politieman of jurist had zijn baan moeten houden? Ze behoorden allemaal tot het communistische partijkader. Alle hoogleraren in de filosofie, geschiedenis, economie of rechten, allemaal partijkader. Natuurlijk moesten zij weg. Dat was anders in de natuurkunde of wiskunde, dat is minder politiek. Daar zijn ook veel meer wetenschappers gebleven.

‘Het probleem is niet dat communisten na 1990 weg moesten, maar dat elites geneigd zijn uit eigen kring te rekruteren. De nieuwe, uit het Westen afkomstige elite nam weer medewerkers uit het Westen aan, waardoor ook de nieuwe generatie Oost-Duitsers te weinig kansen kregen.’

Maar dit alles verklaart niet waarom de AfD het allerpopulairst is onder jonge kiezers. Zij hebben de communistische propaganda toch niet meegemaakt?

‘De vrijheidsrevolutie heeft ertoe geleid dat de autoriteiten verdwenen, zonder dat er nieuwe autoriteiten voor in de plaats kwamen. Jongeren worden vooral gesocialiseerd in hun ouderlijk huis. Daar worden ideeën en waarden doorgegeven die uit de DDR-tijd komen. Het Oost-Duitse begrip van vrede, dat sterk verbonden is met anti-amerikanisme en affiniteit met Rusland, leeft nog altijd voort. Dat zijn late gevolgen van de ideologische indoctrinatie, net als de ongelooflijke haat tegen het Westen en westerse liberale waarden.’

De meeste Oost-Duitsers hebben het beter dan in de tijd van de DDR. Waarom zijn ze dan toch zo ontevreden?

‘Helmut Kohl beloofde de mensen in het Oosten dat ze het binnen drie tot zeven jaar net zo goed zouden hebben als de mensen in München of Hamburg. Dat was een absurde belofte. Want de mensen in Hamburg en München ontwikkelden zich ook verder. Maar een normaal, nadenkend mens vergelijkt zijn situatie niet met die in de hemel, maar met de situatie waarin hij eerst was. Dat doet in het Oosten niemand.’

Kowalczuk wijst naar buiten, naar een plein in Prenzlauer Berg met fraaie monumentale gevels. ‘De mensen zijn vergeten hoe deze verfickte buurt er in 1990 uitzag. Hier was de oorlog nog niet afgelopen, de mensen woonden in ruïnes. Nu is het een van de mooiste buurten van Europa. Maar de mensen zien het niet, en dan komt de globalisering er nog bij, die veel onzekerheid met zich meebrengt.’

De angst voor globalisering is toch niet specifiek voor Oost-Duitsers?

‘Nee, maar de mensen hadden eerst niets, en toen hebben ze met hard werken een zekere welstand bereikt. Dat wekt extreem veel angst.’

Freiheitsschock is geen autobiografie, maar de woede die Kowalczuk dreef bij het schrijven heeft een autobiografische ondertoon. ‘Mijn vader heeft me verraden aan de staat’, schrijft hij. ‘En hij deed het uit liefde.’ Zijn vader was een overtuigd communist, die Kowalczuk opvoedde met het idee dat er niets mooiers bestaat dan het dienen van je land. Dus wilde Kowalczuk als jongen het leger van de DDR in, de Nationale Volksarmee.

Maar als tiener kwam hij op andere gedachten. En die sprak hij openlijk uit. Waarna de partij eerst zijn ouders in de mangel nam, die de schuld bij hun zoon legden uit angst voor represailles. Daarop werd Kowalczuk gedurende anderhalf jaar elke paar maanden verhoord door officieren van de Stasi. Het werd hem verboden eindexamen te doen. ‘Dat doet natuurlijk iets met je. Er is ook een reden dat ik me tot de dag van vandaag bezighoud met dat verdomde systeem.’

Waarom kwam u in verzet tegen de DDR?

‘Ik kan mezelf niet analyseren, ik kan alleen precies vertellen wat er is gebeurd. De massa past zich aan in een dictatuur, en om te overleven is dat zijn goed recht. Maar de subtiliteit van een dictatuur zie je niet aan de Muur, en ook niet in het tuchthuis of het strafkamp. Die zie je in de sociale disciplinering die de buurman, de collega, de mensen op straat uitoefenen over mensen die een beetje anders zijn. Dat is mij ook overkomen. Ik was geen verzetsstrijder en geen grote geest. Ik heb alleen geprobeerd mijn eigen vrijheid uit te leven en daar ben ik voor bestraft.’

Reageert u daarom zo fel op mensen die zeggen dat er ook goede kanten zaten aan het leven in de DDR? U richt uw pijlen regelmatig op Jenny Erpenbeck, de schrijver van succesvolle romans die zich afspelen in het milieu van de culturele elite van Oost-Duitsland waaruit zij zelf afkomstig is.

‘Het gaat me niet om haar romans, maar om de interviews waarin ze zegt dat de DDR tekort wordt gedaan. En precies zulke opmerkingen wakkeren bij Oost-Duitsers de haat tegen alles wat westers is verder aan. Overigens begrijp ik niet waarom haar roman Kairos in het Westen zo wordt bejubeld, omdat zij het Westen in de donkerste kleuren afschildert.’

Duitsland kiest
De Duitse supereconomie stagneert, zelfs bij Volkswagen, hoeksteen van het Wirtschaftswunder.
Bondskanselier Olaf Scholz speelde Duitsland een aarzelende rol. Zijn gedoodverfde opvolger Friedrich Merz belooft een krachtiger leider te zijn. Wat betekent dat voor de rol van zijn land in Europa?
Ondertussen ruikt ook Alice Weidel, frontvrouw van de uiterst rechtse AfD, de macht.
Volg het laatste nieuws en lees meer reportages en analyses in ons dossier.

Ook actrice Sandra Hüller, zeer openlijk tégen de AfD, krijgt een veeg uit de pan, omdat ze in een interview ooit zei dat de DDR haar heimat blijft en dat ze haar kindertijd niet wil laten afpakken. Zelfs Angela Merkel vond u te mild over de DDR.

‘Ik ben met Angela Merkel bevriend, dus zo boos ben ik niet op haar. We hebben zeer geregeld contact. Het gaat me overigens niet om de persoon die iets zegt, maar om de inhoud. ‘Sandra Hüller had misschien een beetje pech dat ze dat zei toen ik net mijn boek schreef. Je kunt zeggen: Hüller was 11 toen de Muur viel, dus zo’n uitspraak is totaal onschuldig. Maar in de context van het debat dat in het Oosten wordt gevoerd, is het toch gevaarlijk. Achter al dit soort uitspraken staat steeds de vergelijking tussen de DDR en de Bondsrepubliek. En dan vergelijk je vrijheid met onvrijheid. Dat maakt me razend.

‘Ik heb ook in dat Scheiss-systeem geleefd en ik heb verdammt goede herinneringen aan mijn vrienden, aan mijn jeugd, aan allerlei leuke dingen. Je moet ze alleen wel in de context van de dictatuur zien. Dat is het recept van de populisten. Zij beloven dat ze ons naar een toekomst voeren die op het verleden lijkt. Het verleden was heerlijk, homogeen, völkisch rein. Dat is een rode draad in het debat in het Oosten van Duitsland.’

Kijkt u hoopvol naar de toekomst?

‘Nee, ik ben niet optimistisch. Ik geloof dat we naar een autoritaire periode afglijden. Maar zolang ik kan, zal ik daartegen strijden. Het ligt aan mijn wezen. En uit mijn wezen komt mijn denken, dat gevormd is door het communisme en de vrijheidsrevolutie. Ik zal nooit meer zwijgen en de strijd om de vrijheid voortijdig opgeven. Want 1989 heeft me geleerd dat alles mogelijk is, ten goede en ten kwade. Daarvoor zet ik me in. Daarvoor laat ik me door de rest van de wereld uitlachen.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next