In 2024 eindigde Honda voor het derde jaar op rij als laatste in het kampioenschap voor constructeurs. Een ongekend dieptepunt voor de fabrikant, die tussen 2011 en 2019 nog acht constructeurstitels won. Qua ontwikkeling liep men tegen een grote achterstand aan met de RC213V toen Marc Márquez lang uitgeschakeld was met blessureleed. Eind 2023 vertrok de zesvoudig MotoGP-kampioen echter bij Honda en dus begon in 2024 een nieuw hoofdstuk. Mede dankzij de concessies kon Honda gedurende het seizoen op volle kracht blijven ontwikkelen, waarna tegen het einde van het jaar nog een grote slag werd geslagen met de komst van technisch directeur Romano Albesiano.
Hoewel het nu nog te vroeg is om de hand van Albesiano te herkennen in het ontwerp van de RC213V, ging de Japanse fabrikant deze winter wel aan de slag met een nieuwe versie van de motorfiets. Na de testdag in Barcelona toonde Joan Mir zich nog kritisch op het gebrek aan testitems, maar tijdens de testweken in Sepang en Buriram hadden de Spanjaard, Honda HRC-teamgenoot Luca Marini en Honda LCR-mannen Johann Zarco en Somkiat Chantra genoeg te testen.
Honda nam verschillende versies van de fairing mee tijdens de diverse testweken. De wijzigingen op dat front waren visueel duidelijk te zien en begonnen helemaal aan de voorkant met de voorvleugels. Het principe van de vleugels is hetzelfde gebleven met twee elementen boven elkaar, die aan de buitenkant aan elkaar verbonden zijn. De oude versie had echter kleine curve aan de buitenkant van het onderste element, iets wat bij de nieuwere versie verdwenen is. Ook is de vorm van het bovenste element gewijzigd ten opzichte van vorig jaar, zowel aan de buitenste rand als bij de bevestiging op de fairing aan de binnenkant.
Grotere veranderingen waren er echter zichtbaar bij de fairing aan de zijkant van de machine. Duidelijk is dat Honda de eind vorig jaar geïntroduceerde fairing als uitgangspunt heeft genomen. Daarop werden de downwash duct, de sidepodvleugel en de grondeffect-fairing al met elkaar gecombineerd op een manier die deed denken aan de oplossing van Ducati. De vernieuwde versie die getest werd, waren al deze elementen wederom aanwezig - zij het in gewijzigde vorm. De sidepodvleugel heeft een compleet nieuwe vorm gekregen, waarbij de onderste bevestiging aan de kuip verder naar achteren zit dan voorheen. De downwash duct heeft ook een nieuwe vorm en is bovendien een stuk groter geworden, wat ook tot wijzigingen aan de grondeffect-fairing heeft geleid.
Ook aan de achterzijde van de RC213V heeft Honda met meerdere oplossingen getest. Zo viel in Sepang op dat de machine op sommige momenten was voorzien van een kale, gladde staart. Daarbij werd echter al snel duidelijk gemaakt dat dit waarschijnlijk niet de oplossing zou zijn die gedurende het seizoen gebruikt zou worden. De kans is groot dat dit wel het geval is voor de oplossing die Honda in de loop van 2024 al introduceerde. In dit geval is de RC213V voorzien van een aantal stekels aan de zijkant van de staartunit, wat gecombineerd wordt met een klein achtervleugeltje.
Het blijft echter de vraag welke versie gebruikt wordt tijdens de GP van Thailand, want tijdens de test in Buriram leek Honda vooral in te zetten op de oudere versie van de fairing. Desalniettemin beloofden de wintertests veel goed voor de fabrikant uit Tokio, dat uit een diep dal hoopt te klimmen in 2025. In Sepang was Zarco met een zevende tijd de beste Honda-rijder, terwijl Mir in Buriram zelfs tot de zesde positie kwam op de gecombineerde ranglijst. Natuurlijk geven testresultaten geen enkele garantie voor de toekomst, maar het commentaar van Mir dat hij de eindelijk op de motorfiets kan rijden zoals hij graag wil belooft in ieder geval veel goeds.
Source: Motorsport