Janneke Vreugdenhil is altijd benieuwd naar wat mensen op tafel zetten. De Volkskrant was dat ook en de resultaten van het onderzoek van de krant vond ze interessant.
Als iets mijn aangeboren oeverloze nieuwsgierigheid aanwakkert, is het wel een kijkje in de keuken. In de keuken van wie? Maakt me niet uit, ik wil van iedereen wel weten wat diegene eet. Van mijn familie – wanneer ik met mijn moeder, mijn kind of verkering telefoneer hang ik nooit op zonder gevraagd te hebben wat zij die avond van plan zijn te gaan eten. Van vrienden – ja joh, app mij vooral fotootjes van álles wat je op die reis door Marokko/Japan/Albanië naar binnen werkt. Maar ook van wildvreemden – kom maar door met die posts van bij slecht licht gefotografeerde bordjes avondeten.
Begin deze maand publiceerde de Volkskrant de resultaten van een grootschalig onderzoek naar de eetgewoonten van haar lezers en u begrijpt, daarvan begon dit Aagje gewoonweg te kwispelen van opwinding. Het mooiste vond ik dat het niet om losse ingrediënten ging, dus de vraagstelling was niet ‘Hoeveel dagen per week eet u vlees?’ of ‘Hoe vaak eet u avocado?’. Dat zou saai zijn geweest. Nee, er was gevraagd een week lang verslag te doen van het avondeten.
Ruim vijfduizend lezers deden mee en maar liefst 29.000 avondmaaltijden werden netjes genoteerd. Met behulp van geautomatiseerde tekstanalyse werden deze gerechten ingedeeld in categorieën als pasta, rijst, stamppot, avg, noedels, soep, pizza, etcetera. De grootste categorie bleek pasta, van alle gerechten aten de lezers dit het vaakst. De op een na grootste categorie betrof avg, ofwel aardappelen, vlees, groenten. En op de derde plaats stonden rijstgerechten.
Vervolgens werd verder ingezoomd. Zo bleek ‘pasta met rode saus’ veruit de meest gegeten pasta te zijn, gevolgd door pasta met champignons, en daarna lasagne. In de avg-hoek ging het om heerlijk ouderwets aandoende prakjes als gekookte aardappelen met een tartaartje en bloemkool. In de rijstsectie scoorde nasi het hoogst, gevolgd door eenpansgerechten als risotto en paella. Van dat laatste keek ik op. Ik ken maar weinig mensen die thuis paella maken; zelfs in Spanje is dit eerder uitzondering dan regel – de meeste Spanje eten hun arroz buiten de deur.
Er kwamen nog meer leuke feitjes naar voren, zoals dat het gros van de respondenten nog steeds tussen 6 en 7 uur ’s avonds eet en dat maar bij een derde van hen een toetje op tafel kwam. Interessant was ook te zien hoeveel mensen zich flexitariër noemen en wat daaronder wordt verstaan. Dat varieerde van vegetarisch-op-feestdagen-na tot om-de-dag-vlees-of-vis-op-tafel. Flexitarisme is, zo bleek ook uit dit onderzoek maar weer eens, een flexibel begrip.
Hoewel het hier natuurlijk om Volkskrant-lezers gaat, denk ik niet dat de uitkomsten radicaal anders zouden zijn geweest wanneer NRC een dergelijk onderzoek onder lezers had gehouden. Eigenlijk denk ik dat dit gewoon zo ongeveer is zoals Nederland eet: pasta met rode saus, gebakken aardappeltjes met kip en broccoli, nasi of risotto en op zaterdagavond soep met brood. Of pizza. Of patat. Lekker toch?
Op nummer één in de categorie rijstgerechten uit het Volkskrantonderzoek staat nasi. Nu betekent nasi in het Indonesische taalgebied niets anders dan gekookte rijst, maar wordt er in de Nederlandse volksmond bijna altijd gebakken rijst mee bedoeld. Hebben we het dan over nasi goreng? Niet per se, zo blijkt uit dezelfde enquête. Nasi is kennelijk een soort overkoepelende term geworden voor rijst die samen met andere ingrediënten wordt gebakken. Ongeacht wat die ingrediënten zijn. Je kunt daarover mopperen – waar moet dat naartoe met de culinaire cultuur? – maar het heeft ook wel iets vrolijk anarchistisch.
Dit gezegd hebbende, de gebakken rijst die we vandaag gaan maken zou ik toch geen nasi willen noemen. Het lijkt veel meer op het Koreaanse gerecht bokkeumbap, een woord dat net als nasi goreng ‘gebakken rijst’ betekent, maar waarin typisch Koreaanse ingrediënten als kimchi en pittige gochujangpasta de belangrijkste smaakmakers zijn. (Beide te koop bij de beter gesorteerde supermarkt, en bij Aziatische winkels uiteraard)
U weet het vast wel, maar voor de zekerheid: gebakken rijst lukt altijd beter wanneer u er gekookte, afgekoelde en een nacht in de koelkast bewaarde rijst voor gebruikt. Kook de rijst dus liefst een dag van tevoren.
Voor 2 personen
150 g langkorrelige rijst (zoals basmati- of jasmijnrijst); 2 el arachide-, rijst- of kokosolie; 1 middelgrote ui, gesnipperd; 2 teentjes knoflook, fijngesneden; 5 cm gember, fijngesneden; 125 g kimchi, uitgelekt en middelgrof gesneden; ½ el gochujangpasta; 2 eieren; 1-2 el kimchivocht; 1-2 el Japanse sojasaus; 2 lenteuitjes, in ringetjes; ½ - 1 tl sesamzaad, geroosterd
Kook de rijst een dag tevoren gaar volgens de instructies op de verpakking. (Ja, het heeft echt zin om de rijst eerst te wassen; daarmee verwijder je namelijk een deel van het zetmeel en heb je minder kans op plakkende korrels.) Stort de rijst op een platte schaal en laat afkoelen. Zet de schaal afgedekt in de koelkast tot gebruik.
Zet de wok op hoog vuur en wacht tot hij begint te walmen. Schenk er een eetlepel olie in en laat heet worden. Voeg de ui, knoflook en gember toe en fruit al omscheppend enkele minuten. Voeg de kimchi en gochujangpasta toe en fruit eventjes mee. Voeg dan de koude rijst toe en bak al omscheppend een paar minuten, liefst tot de rijst een klein beetje crispy wordt.
Verhit de laatste eetlepel olie in een koekenpan en bak hierin 2 spiegeleieren.
Maak de gebakken rijst op smaak met kimchivocht en sojasaus en schep er het grootste deel van de lente-uitjes door.
Verdeel de rijst over 2 voorverwarmde diepe borden, bestrooi met de rest van de lente-ui en met het sesamzaad en leg er een gebakken ei op.
Schrijf je hier in voor een wekelijkse update met de laatste inzichten over eten, de lekkerste recepten en slimme tips om gezond te leven
Source: NRC