Waar zijn de media in het buitenland vol van? Vandaag: Turkije-correspondent Rob Vreeken ziet hoe de Koerdische kwestie de Turken weer volop bezighoudt.
schrijft vanuit Istanbul over Turkije, Iran, Israël en de Palestijnse gebieden.
Vol verwachting werd ernaar uitgezien: de ‘historische toespraak’ die PKK-leider Abdullah Öcalan zou geven, per video vanuit zijn cel op het Turkse eilandje Imrali. Waarschijnlijk, zo werd voorspeld in Turkse media, zou hij de door hem in 1978 opgerichte Koerdische beweging oproepen de wapens neer te leggen.
‘Öcalan werkt aan een historische oproep voor de opbouw van een democratisch Turkije, teneinde een blijvende oplossing te bereiken voor de Koerdische kwestie’, zei Tuncer Bakirhan, co-voorzitter van de pro-Koerdische Partij voor Vrijheid en Gelijkheid (DEM) begin februari tegen parlementariërs van zijn partij. De lijntjes tussen DEM en PKK zijn kort, dus Bakirhan zou vast niet uit zijn nek kletsen.
Öcalan zou zijn oproep, zo was de gedachte, weleens kunnen doen op 15 februari, de datum in 1999 dat hij in Kenia werd gearresteerd en overgebracht naar Turkije. Dat was dus afgelopen zaterdag. Maar wat er ook kwam vanuit Imrali: geen boodschap van de 75-jarige man die daar een levenslange celstraf uitzit. Wel de arrestatie van ruim 250 vermeende PKK-leden, verspreid over Turkije.
Een mogelijke ‘opening’ in de vrieskoude relatie tussen de Turkse staat en de Koerdische verzetsbeweging moet worden gezien tegen het decor van de recente aardschokken in de regionale politiek. Eerst waren daar de hete en koude oorlogen van Israël met Hamas, Hezbollah, de Houthi’s en Iran. De Turkse regering voelde zich kwetsbaar en achtte het verstandig haar binnenlandse achilleshiel – de Koerdische kwestie – te omzwachtelen.
Kennelijk met goedkeuren van president Recep Tayyip Erdogan stak diens rechts-nationalistische coalitiepartner Devlet Bahçeli (letterlijk) de hand uit naar de voorheen straal genegeerde DEM-parlementariërs en suggereerde hij dat Öcalan vrij kan komen als hij serieus het einde van de gewapende strijd afkondigt.
Kort daarna gebeurde er iets dat alles in een ander daglicht heeft gezet: de val van het Assad-regime in Syrië. Opeens zien de Turken de mogelijkheid nu toch echt een eind te maken aan wat zij al ruim tien jaar beschouwen als de grootste bedreiging van Turkijes veiligheid: de door Koerden gecontroleerde militie SDF, die in het noordoosten van Syrië een zelfverklaarde autonome regio bestuurt. Ankara ziet de SDF als verlengstuk van de PKK, en dat is echt geen onzin.
Turkije oefent op de nieuwe machthebbers in Damascus druk uit om de SDF te ontbinden. De Syrische interim-president Ahmed al-Sharaa wil dat op zich ook, maar probeert vooralsnog met praten de Koerden te integreren in het nieuwe Syrië. De Koerden hebben daarbij een sterke troef. Zij worden door de VS, die nog zo’n tweeduizend militairen in Syrië hebben, gesteund om Islamitische Staat kort te houden en om de kampen met duizenden gedetineerde IS-strijders te bewaken.
Turkije probeert samen met Jordanië, Irak en Syrië een troepenmacht uit de grond te stampen die het IS-corvee van de Koerden kan overnemen. In dat geval zouden de Amerikanen Syrië kunnen verlaten, en daarmee zou het kleedje onder de SDF vandaan worden getrokken. President Donald Trump zou best eens oren kunnen hebben naar een regionale oplossing voor een probleem dat niet echt zijn belangstelling heeft. In dat geval, schrijft hoofdredacteur Halil Karaveli van de Turkey Analyst, ‘zal de PKK een fatale klap krijgen’.
Het is de vraag welke rol Abdullah Öcalan in dit scenario kan spelen. Zal het ontbinden van de SDF de Turkse regering doen inzien dat zij zonder veel risico de Koerdische identiteit in Turkije kan erkennen? En zou zoiets bijdragen aan een ‘blijvende oplossing van de Koerdische kwestie’? Misschien dat daar duidelijkheid over komt in Öcalans ‘historische toespraak’. Die kan alsnog komen, zo gaat het gerucht: op 21 maart, het Koerdische Nieuwjaar.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant