Home

Nivellering op de huizenmarkt: prijsverschil tussen dure en goedkope gemeenten neemt af

Het verschil in verkoopprijzen van woningen in de duurste en goedkoopste gemeenten is in 2024 afgenomen, volgens cijfers van het CBS. Gemiddeld de duurste huizen zijn in Noord-Holland te vinden, met Laren aan kop, gemiddeld de goedkoopste in Limburg en Groningen.

is chef van de redactie datajournalistiek van de Volkskrant.

Op de huizenmarkt is sprake van enige nivellering. Het prijsverschil van koophuizen in de duurste en goedkoopste gemeenten is het afgelopen jaar afgenomen. In goedkopere gemeenten als Pekela en Kerkrade zijn de prijzen sneller gestegen dan in dure gemeenten als Laren en Bloemendaal.

Waar in 2023 het gemiddeld prijsverschil tussen de goedkoopste en duurste gemeenten nog 873 duizend euro bedroeg, is dat vorig jaar afgenomen tot een gat van 797 duizend euro. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van het Kadaster en het CBS. Makelaarsvereniging NVM maakte al eerder cijfers bekend over de huizenprijzen in 2024, maar het CBS publiceert nu gegevens per gemeente.

Een koopwoning kostte in Nederland vorig jaar gemiddeld 451 duizend euro. De verkoopprijs was daarmee 35 duizend euro hoger dan in 2023. In elf gemeenten lag de verkoopprijs onder de 300 duizend euro, aanzienlijk minder dan de twintig gemeenten in 2023. In het Groningse Pekela zijn de huizen het goedkoopst. Een huizenkoper telde daar afgelopen jaar gemiddeld 250 duizend euro. In twee gemeenten (Laren en Bloemendaal) lag de gemiddelde verkoopprijs boven het miljoen.

De duurste woningen liggen in het noordelijke deel van de Randstad. Zeven van de tien gemeenten met de hoogste prijs zijn gelegen in de provincie Noord-Holland. Van de tien gemeenten met de laagste prijzen lagen er vier in Limburg en drie in Groningen. Bloemendaal was in 2023 nog de gemeente met de duurste gemiddelde prijs voor een woning, maar werd afgelopen jaar gepasseerd door Laren.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next