Home

Achttien maanden vast in het Noordpoolijs voor klimaatonderzoek: ‘In kaart brengen wat er in de winter gebeurt’

Franse wetenschappers willen zich met een speciaal gebouwd scheepje achttien maanden laten vastvriezen in het Noordpoolijs, om de klimaatverandering in het gebied te onderzoeken. De expeditie zal veel vragen van de bemanning.

is wetenschapsjournalist voor de Volkskrant.

Niet meer dan 26 meter is de Tara Polar Explorer lang, en op foto’s ziet het fonkelnieuwe drijvend onderzoeksstation eruit als, met respect, een schuitje. Wel een hypermodern en betrekkelijk comfortabel schuitje, benadrukt bioloog Chris Bowler. Als onderzoeksleider van het Franse Centre National de la Recherche Scientifique (CNRS) en wetenschappelijk directeur van initiatiefnemer Fondation Tara Ocean geeft Bowler leiding aan de eerste van minimaal tien voorgenomen expedities met het schip-annex-poolstation. Tussen nu en ongeveer 2050 wil een team van onderzoekers op die manier de gevolgen van klimaatverandering in het Noordpoolgebied in kaart brengen.

Het plan is om met de Tara Polar Explorer in de zomer van 2026 ten noorden van Noorwegen het pakijs van de Arctische Oceaan in te varen. Voortgedreven door zeestroming moet het schip vervolgens in min of meer noordoostelijke richting het poolgebied doorkruisen om achttien maanden later in de buurt van Groenland weer tevoorschijn te komen. De twaalf onderzoekers aan boord hebben dan een zomer, een volledige arctische winter en nog eens een zomer doorgebracht op het schip.

Seizoensgebonden

‘Rond de Arctische Oceaan gaat de temperatuurstijging drie tot vier keer sneller dan elders’, zegt Bowler telefonisch vanuit Parijs. Toch is wat ter plaatse gebeurt, van dag tot dag, van seizoen tot seizoen en van jaar tot jaar, niet goed bekend. Onderzoek in het bevroren deel van de Noordpool is vrijwel zonder uitzondering seizoensgebonden. In de winter is het maanden aan een stuk donker, varieert de temperatuur tussen -20 en -45 graden Celsius en is het gebied praktisch ontoegankelijk. ‘Wij willen nu ook in kaart brengen wat er in de winter gebeurt’, legt Bowler uit.

Het Tara Polar Station, dat in afgelopen najaar werd gedoopt in Cherbourg en op dit moment testvaarten maakt, biedt plek aan twaalf tot achttien biologen en oceanografen. Het is de bedoeling dat zij onder meer onderzoek gaan doen naar de aanwezigheid van algen en andere micro-organismen in het pakijs, zegt Bowler. Dergelijke organismen staan aan de basis van de voedselketen in het gebied en veranderingen in de hoeveelheid ijs of in de samenstelling van het ijs, hebben daardoor invloed op het hele ecosysteem. Wát die invloed precies is, willen de initiatiefnemers voor het poolonderzoek nu beter in kaart brengen.

‘Waar je ook kijkt, alles is op een of andere manier met elkaar verbonden’, zegt Bowler. Als voorbeeld noemt hij dimethylsulfide (C2H6S), dat in lage concentraties de zee naar zee laat ruiken. ‘Dat gas wordt geproduceerd door micro-organismen in het water en het ijs. Er zijn sterke aanwijzingen dat dimethylsulfide bijdraagt aan het ontstaan van wolken en bewolking en dat heeft weer invloed op temperatuur en neerslag, en dus op de hoeveelheid pakijs. De fysica van klimaatverandering en de biologie in het gebied lijken over en weer met elkaar verbonden.’

De geschiedenis van poolonderzoek is niet zonder ongelukken en rampspoed. Los van de concrete fysieke gevaren die een arctische winter met zich meebrengt, moet de bemanning van het poolstation rekening houden met oplopende verveling en mogelijke onderlinge spanningen. Potentiële bemanningsleden worden daarom tijdens de selectieprocedure uitgebreid psychologisch getest. ‘Dat doe je óók als je als wetenschapper gaat overwinteren op Antarctica, of bij de selectie van bemanningsleden voor bijvoorbeeld het International Space Station’, zegt Bowler.

Daarnaast is bij het ontwerp van het onderzoeksschip al rekening gehouden met het mentaal welzijn van de crew. Ondanks de beperkte afmetingen van het schip hebben alle bemanningsleden een privéhut waarin ze zich kunnen terugtrekken. Onderzoekers kunnen tijdens de lange poolnacht bovendien gebruikmaken van de scheepssauna en het is de bedoeling dat het schip nog een ‘soort van fitnessruimte krijgt’, zegt Bowler.

Helemaal uniek is de voorgenomen expeditie niet, zegt Maarten Loonen, als bioloog verbonden aan het Arctisch Centrum van de Rijksuniversiteit Groningen en zelf niet bij het onderzoek betrokken. Hij wijst op een recente expeditie door het Duitse Alfred Wegener Instituut dat in 2020 een vergelijkbare traverse van het Noordpoolgebied maakte. Een soortgelijke Nederlandse expeditie werd afgeblazen omdat de organisatie de financiering voor het bouwen van een driftschip niet rond kreeg.

Ontdekkingsreiziger

De voorgenomen expeditie vertoont ook trekken van de Fram-expeditie van Fridtjof Nansen (1861–1930). De Noorse ontdekkingsreiziger, die eerder met een team als eerste de Groenlandse ijskap overstak, voer in 1893 naar het Arctisch gebied voor meerjarig wetenschappelijk onderzoek. De bedoeling was om het speciaal gebouwde houten schip te laten vastvriezen om zo onder meer de veronderstelde stroming van het pakijs in kaart te brengen – precies dezelfde stroming die de Tara Polar Explorer nu gebruikt om het poolgebied te doorkruisen.

Verschil is er wel: Nansen werd niet alleen gedreven door wetenschappelijke nieuwsgierigheid of romantische sehnsucht. Hij wilde ook als eerste mens naar de Noordpool. Na achttien maanden aan boord van de Fram verlieten Nansen en expeditiegenoot Hjalmar Johansen het schip in een poging om op ski’s de pool te bereiken.

Die tocht veranderde al snel in een bar avontuur waarbij de twee mannen een aantal keren bijna het leven lieten. Na een overwintering op een eilandje bij Frans Jozefland werden de twee bij toeval gered door een passerend schip.

Alles over wetenschap vindt u hier.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next