Nasrah Habiballah
Correspondent Israël en de Palestijnse gebieden
Nasrah Habiballah
Correspondent Israël en de Palestijnse gebieden
Het staak-het-vuren in de Gazastrook lijkt vooralsnog stand te houden. Maar het geweld op de door Israël bezette Westelijke Jordaanoever is juist flink toegenomen. Vrijwel meteen na het ingaan van het bestand in Gaza trok het Israëlische leger naar de Westoever. Wat volgde waren een grondoffensief en luchtaanvallen die nu al weken aanhouden.
Volgens de Verenigde Naties zijn in de afgelopen weken zeker 40.000 Palestijnen op de Westoever ontheemd geraakt. Tientallen mensen zijn gedood. De aanvallen richten zich vooral op verstedelijkte vluchtelingenkampen waar gewapende groepen actief zijn die zich verzetten tegen de Israëlische bezetting.
Israël beschouwt ze als terroristen en het leger doet er regelmatig invallen. Maar een offensief zo groot en lang als dit hebben de Palestijnen er lange tijd niet meegemaakt.
Een van de plekken waar het leger binnenviel, is het vluchtelingenkamp Nur Shams bij de stad Tulkarm. Het asfalt van de weg naar het kamp is aan beide kanten vernield. In één streep is het kapotgetrokken, als een soort vermaning dat men niet verder moet rijden.
Een vrachtwagenchauffeur die het wel probeert, komt al snel terug en toetert en seint anderen niet verder te gaan. En wie uitstapt, hoort schoten in de verte en ruikt traangas. Onder anderen militaire scherpschutters maken het gevaarlijk om verder te rijden.
Alleen via de video's die bewoners van het vluchtelingenkamp zelf maken, wordt de situatie er duidelijk. Bulldozers van het Israëlische leger rijden door de straten en vernielen alles wat ze op hun weg tegenkomen. Asfalt en riolering worden vernield met als gevolg een grote modderpoel. Met luchtaanvallen worden huizen verwoest, waardoor complete wijken onbewoonbaar zijn gemaakt.
Vorig jaar maakten we deze video over de beruchte bulldozer van het Israëlische leger:
Maar ook op plekken die nog wel bewoonbaar zijn, moeten mensen vertrekken. Israëlische militairen roepen in het Arabisch de bewoners op om het kamp te verlaten.
Ook Nashat Salman moest vluchten uit Nur Shams samen met zijn vrouw en vier kinderen, zegt hij tegen persbureau AP: "Om drie uur 's nachts kregen we van het leger de opdracht ons huis te verlaten. We kregen 7 minuten de tijd, maar in het hele gebouw wonen zo'n vijftig mensen. Met z'n allen zijn we lopend uit het kamp gevlucht naar een ander dorp."
En zoals het er in Nur Shams aan toegaat, zo gaat het ook op andere plekken. Want ook in de vluchtelingenkampen Jenin, Tulkarm en El-Far'a viel het leger binnen. Met als gevolg dat inmiddels duizenden gezinnen geen huis meer hebben.
Palestijnen zien de verwoestingen als een collectieve straf en zijn bang dat de Westoever een tweede Gaza wordt. UNRWA, de VN-organisatie die op grote schaal hulp verleent aan Palestijnse vluchtelingen, benadrukt dat burgers en civiele infrastructuur altijd beschermd moeten worden. Maar kijkend naar Gaza en de verwoesting op de Westoever is dat iets waar de Palestijnen in de vluchtelingenkampen maar weinig vertrouwen in hebben.
Buitenland
Deel artikel:
Source: NOS nieuws